Prooi voor crackdealers

In Capelle, waar ik werk, lopen dealers met argusogen rond om de zwakken eruit te pikken.

Want sommige zieke, kwetsbare mensen wonen in een eenkamerflatje. Er is niemand die erop toeziet dat de zieke zijn medicijnen neemt, of dat er een `logé' is in de persoon van een loser, die door gebruik van drugs dakloos is geworden. Kwetsbaren zoals de zoon van Ria van der Heijden beschikken wel over een koelkast met eten, een tv, een telefoon, enz. Leeggeplukt worden ze. En ze halen andere gebruikers binnen. Of er nestelt zich een dealer in zo'n flat. Binnen de kortste keren maken ze de kwetsbare zieke verslaafd aan crack. En na een paar dagen moeten de verslaafden dan op jacht naar geld. Inbreken in kelders, schuurtjes, winkels. Of de dealers weten de ouders van de zieken te vinden. Die staan doodsangsten uit als zij worden afgeperst. En de schizofrene patiënt is of onder invloed van rotzooi, of psychotisch, of dronken. En in een paar weken zijn ze meer dood dan levend, want eten is er niet bij.

Niet alle patiënten komen uit een universitair milieu, dus niet alle ouders/familieleden zijn in staat op te komen voor het belang van hun zieke kind. Dat moet dan gebeuren door de buurtagent, de woningcorporatie of een hulpverlener van de plaatselijke GGZ, die al een te grote caseload heeft en vaak buiten kantooruren niet beschikbaar is. Dit gaat dan alleen nog maar over patiënten met de diagnose schizofrenie, niet over de verstandelijk gehandicapten, die ook zo nodig moeten vermaatschappelijken en dus ook een gemakkelijke prooi zijn van aasgieren die crack willen verkopen.

Ik schrijf dit op persoonlijke titel, maar in mijn werk heb ik hier veel mee te maken.