Olieprijs daalt na geste Saoedi-Arabië

De olieprijs is gisteravond bijna een dollar per vat gezakt, nadat olieproducent Saoedi-Arabië pleitte voor een productieverruiming van meer dan twee miljoen vaten per dag. Eerder nog wilde het land 1,5 miljoen extra vaten per dag oppompen.

De Saoedische minister van Oliezaken, Ali Al-Naimi, zei in Amsterdam, een dag voor het begin van het Internationale Energie Forum, dat hij bezorgd is over ,,de stabiliteit van de markt, de continuïteit van het aanbod en de groei van de wereldeconomie''.

Nu hanteert Opec, de organisatie van olie-exporterende landen, een plafond van 23,5 miljoen vaten per dag.

Op de termijnmarkt in New York daalde de prijs van olie 87 dollarcent tot 39,93 dollar. Een vat Brent-olie, die in Londen wordt verhandeld, werd ook goedkoper.

In de Verenigde Staten stuurden Democratische senatoren een brief naar president Bush waarin werd gepleit voor diplomatieke druk op de Opec-ministers in Amsterdam. De Britse minister van Financiën, G. Brown, noemde ingrijpen van de Opec cruciaal voor de stabiliteit van de wereldeconomie. W. Clement, de Duitse minister van Economische Zaken, zei dat ,,niemand wint als de positieve ontwikkeling van de wereldeconomie gevaar loopt''.

Opec zegt weinig te kunnen doen aan de hoge olieprijs. ,,Vele factoren bepalen de prijs'', zei Obaid bin Saif al-Nasseri, de minister van Oliezaken van de Verenigde Arabische Emiraten. Opec kan de vraag niet aan, omdat de hardgroeiende economieën van de Verenigde Staten en vooral China en India olie als water opslurpen, aldus de olieminister.

Een probleem is dat veel OPEC-leden, maar bijvoorbeeld ook Rusland, op het maximum van hun capaciteit produceren. Alleen Saoedi-Arabië heeft extra capaciteit.

Reportage pagina 23