Koude Oorlog

Albert Verlinde kijkt naar het Eurovisie Songfestival en ziet de Europese gedachte ten onder gaan.

Op 10 juni mogen we een nieuw Europees parlement kiezen, maar wie het Eurovisie Songfestival vorige week zaterdag zag, zal zich ernstig zorgen maken over het Europa-gevoel van Nederland. Het festival zou een loflied moeten zijn op de Europese gedachte en eenheid. Maar sinds de Koude Oorlog is er geen avond geweest waarop er zo ongegeneerd met drek naar andere landen gegooid werd als afgelopen zaterdag. Verdachtmakingen over vriendjespolitiek, vooroordelen over andere culturen, suggesties van maffiapraktijken; het kon niet op. Onze nationale publieke omroep toonde zich wel heel erg nationaal. Het was op het enge af. Omdat ik vind dat je pas met verwijten naar je buren toe kunt komen als je eerst je eigen stoepje hebt schoongeveegd, is het misschien zinnig even naar de oorzaken te kijken waarom Nederland al jaren geen serieuze kanshebber meer is.

Allereerst leven we nog te veel in de tijd van Corry Brokken, Teddy Scholten en Lenny Kuhr. We maken ouderwetse liedjes, zingen ze oubollig en hopen dan op een wonder. Als dat mirakel uitblijft, gaan we zeuren.

Verder zijn we te calvinistisch. We verwijten andere landen dat ze te veel spektakel opvoeren. We hebben Linda Wagenmakers notabene zelf in een circustent als jurk gelanceerd! Dus we moeten niet flauw doen als anderen het trucje afkijken en overnemen.

En dan is er de zwalkende selectieprocedure. Een paar jaar geleden was er onder de bezielende leiding van Paul de Leeuw een gekken-en-dwazenshow in Ahoy met duizenden nichten met knippernichtjes, uhh knipperlichtjes, op hun blouses. Hartstikke leuk, maar als je zelf zo'n gek-van-het-jaar show organiseert, moet je niet ineens gaan roepen dat in Nederland het betere lied centraal staat. Na het vertrek van Paul de Leeuw heeft de grootste familie van Nederland zich over de nichtjes ontfermd. Tijdens het eerste jaar leverde dat erbarmelijke televisie op. `Dit was het Nieuws'-coryfee Harm Edens presenteerde vanuit een veilinghal een amateuristisch avondje waar de liedjes niet te volgen waren omdat het geluid te slecht was. Nederland kan Oekraïne dus beter niet verwijten dat ze geen professioneel programma kunnen maken. En dit jaar was er ineens weer een Idols-achtige formule. De jury fluisterde na de voorrondes dat er niet echt een potentiële winnaar was, zij zagen dus heel goed de tekortkomingen van het winnende lied 'Without You' van Re-union. Natuurlijk hoop je als vaderlandse equipe dan toch stiekem op een wonder, en dat het lied toch ineens als winnaar uit de bus rolt, maar wonderen gebeuren nou eenmaal niet. Toon je dan op zijn minst een sportief verliezer en verlaag je niet tot scheldpartijen op de organisatie. Voor Nederland een ontluisterend festijn dus, het Eurovisie Songfestival 2004. Is er een oplossing? Jawel, want nu komt de hoofdoorzaak van ons falen. De ploeg die het festival voor Nederland organiseert is lief, maar te oud en oubollig. Die organiseren het feestje al sinds de jaren '60. En ze zijn kinderachtig. Vorige week uitte ik in een radio-uitzending kritiek op het feit dat dit feestje betaald wordt met vierhonderdduizend euro belastinggeld. Meteen bereikten me berichten uit Istanbul dat ze mij niet meer te woord wilden staan – en dat het festival het geld heus waard was.

Dat zal best, maar als je als publieke omroep zoveel geld uitgeeft voor een uit de hand gelopen liedjesfestijn, dan zou je op zijn minst een publiek debat over de organisatie aan kunnen gaan. Dan ben je al een winnaar voor het festival is begonnen.