Hoek van Holland Monster

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week om de hoek van Holland.

De lucht geurt zout en vissig. In het zilte licht tuft een tweemaster langszij, op weg naar de kleine binnenhaven verderop. Daar houden tientallen meerpalen met platte witte pet de wacht, achter basaltkeien met overlangs linten van geel en zwart wier. Boven de kruin van de dijk verschijnt een bronzen zuidwester. Een standbeeld tuurt en staat pal. Hoeft niet. De wind waait op vakantiesterkte, de golven zijn rollertjes van niets.

Met de zon in de rug lopen we langs de Nieuwe Waterweg. Het uitzicht over de Maasvlakte treft me; al die kranen, slank, breed, hoog, nog hoger, en in verschillende staten van knik en buig; de trage gang van de containerschepen; de pijpen met en zonder pluim. Het is een explosie van vuige schoonheid en ik ben de enige niet die ervoor valt: naast elkaar geparkeerd zitten meer mensen te kijken, meestal alleen, achter de voorruit van hun auto's.

We ronden de hoek van Holland en belanden aan het strand. Lang en breed, zo hoort dat. In het hoogseizoen zonder twijfel zo vol dat wandelen een probleem zal zijn, nu bezocht door enkele families die zonnen en scheppen in de beschutting van stapels strandstoelen. Eén aarzelend partijtje volleybal.

De brabbelende vloedlijn als leidraad, de kustlijn vooruit en halfhard zand onder de schoenen voor een hoogpolig wegzakgevoel, dat is mooi lopen. Met de zee onder oogbereik gaan de gedachten tuimelen. De voorgeschreven duinovergang zou volgens ons, toegegeven: overjarige, wandelboekje herkenbaar zijn aan een `hoge klok'.

Volgens man was er helemaal geen klok. Ik weet het niet, ik had geen zin om op te letten. De 's Gravenduinen zijn vast prachtig maar die slaan we dan maar over, you can't win them all. En het uitgestrekte kassenlandschap erna is ook goed.

De glazen muren en daken weerkaatsen de zon in lei- en loodtinten. De roerloosheid binnen is schijn, de opgebonden bonenplanten doen een wajangspel. De duinen worden laag. Een logge koekoek bezet de top van een duindoorn, samen met een duif. De duif zwijgt, de koekoek geeft hem verbaal zijn vet. Een kievit fladdert met hysterische vliegkunst een kraai uit zijn gebied.

Daar is het strand weer, iets drukker. Het grootste aandeel van de strandgasten bestaat uit mannen, bezig met hun boot of met hun baby.

Opnieuw gaat het wandelen veel te lekker. Opnieuw missen we de door het boekje bedoelde duinovergang. Dankzij een versperrende bulldozer die het strand afgraaft vanwege drijfzand schieten we niet al te ver door.

14 km. Kaarten 1,2,3 uit: Visserspad. Uitg. Wandelplatform-LAW, Amersfoort 1998. Begin- en eindpunt van de route zijn verbonden met in Monster (halte Schelppad) bus 123 en bus 128 in Hoek van Holland (halte NS Haven); overstappen op halte Naaldwijkseweg. Inl. www.9292ov.nl of tel. 0900 9292.