Beveren sluit `zwarte parels' in de armen

Met een elftal dat vooral uit Ivorianen bestaat, speelt KSK Beveren morgen de Belgische bekerfinale tegen Club Brugge. ,,Wij willen een kleurrijk en verdraagzaam Beveren''

Na jaren van sportieve malheur keren de fans van de Belgische eersteklasser KSK Beveren volgens PR-man Dirk Dobbeleir ,,stillekes aan'' terug naar stadion De Freethiel. Voor Beveren volgde na de gouden jaren – tussen 1978 en 1984 won de club uit het Waasland twee landstitels, twee bekers en de Belgische Supercup – een strijd om lijfsbehoud. Tweemaal degradeerde de club. In het seizoen '01/'02 stond Beveren met een schuld van 3,3 miljoen euro aan de rand van de financiële afgrond en eindigde als laatste. Degradatie bleef uit door licentieperikelen bij RWDM.

,,De club was vier jaar geleden dood'', vertelt Dobbeleir in het vervallen stadion, dat een renovatie wacht. Drie jaar geleden bracht de Franse oud-international Jean-Marc Guillou redding. De sportief directeur van Beveren nam Ivoriaanse talenten mee van zijn voetbalacademie in Abidjan, stak geld in de club en ging samenwerken met Arsenal.

,,Guillou heeft de club uit de sloot getrokken'', zeggen veel supporters. ,,Hij is dé man. De club leeft weer'', vindt Dobbeleir. ,,We putten uit de voetbalschool en zijn zeker van de toestroom van talent. Technisch spelen we het beste voetbal van België. In het begin keken de mensen vreemd op. Maar hoe langer de Ivorianen hier zijn, hoe minder je de huidskleur ziet. Wij willen hier geen racistisch klimaat. Wij willen een kleurrijk en verdraagzaam Beveren'', zegt Dobbeleir over de gemeente, waar een kwart van het electoraat op het Vlaams Blok stemt.

De Ivoriaanse balgoochelaars spelen attractief voetbal. Het was even wennen maar inmiddels heeft het publiek de `zwarte parels' – met vijftien Ivorianen in de selectie spreken Belgen smalend van FC Ivoorkust – in de armen gesloten. Mede door de verbeterde resultaten van het kleurrijke elftal, dat kampioen Anderlecht uitschakelde in de Belgische beker en morgen de finale speelt tegen Club Brugge. Terwijl Beveren voor de metamorfose slechts een paar duizend toeschouwers trok, reizen morgen dertienduizend fans af naar Brussel.

,,We trekken ons niets van dat FC Ivoorkust aan. Bij Anderlecht speelden veel Nederlanders. Heten ze dan FC Amsterdam? Het heeft met huidskleur te maken. Andere clubs hebben ook veel buitenlanders'', verwerpt Dobbeleir de kritiek uit de Belgische voetbalwereld op het contingent Ivorianen. ,,Er zitten veel kapers op de tribunes voor onze Ivorianen'', grijnst Dobbeleir, die het belang van de eigen jeugdopleiding onderstreept. ,,De band met de voetbalschool in Abidjan is niet voor eeuwig. We moeten op eigen benen gaan staan.''

Voorlopig drijft Beveren op de Ivoriaanse balkunstenaars. Voor hen is de club een springplank naar Europese (top)clubs. Publiekslievelingen als Yapi Yapo en Yaya Toure werden in de winterstop verkocht aan respectievelijk Nantes en Metalurg Donetsk. De verkoop van Toure leverde 2,1 miljoen euro op. Een deel daarvan ging naar Guillou, in Abidjan veroordeeld tot vijf jaar celstraf wegens malafide geldpraktijken. Aanleiding voor commentaren in de Belgische pers over `mensenhandel' bij Beveren.

Onzin, vindt supporter Wim van Puyenbroek, die de ochtendtraining volgt en de voetbalacademie een succes noemt. ,,Die jongens hebben op de academie tien jaar gratis kost en inwoning gekregen. Logisch dat Guillou iets terugkrijgt voor zijn investeringen. Zonder hem waren ze nooit in Europa gekomen. Het voetbal is aantrekkelijker geworden. De Ivorianen zijn geboren met een bal. Een ploeg vol Afrikanen kan eigenlijk niet maar de mensen komen wel kijken naar het `zwarte goud'.''

Van Puyenbroek wijst op een bericht in de Gazet van Antwerpen, waarin minister Landuyt van Tewerkstelling zegt een onderzoek te starten naar de transferpraktijken bij Beveren: `Ik laat me niet uit over de vraag of het goed is dat een Belgische ploeg met elf Ivorianen speelt, maar ik volg met argusogen of ze de regels volgen'. ,,Ze hebben niks kunnen vinden'', grinnikt Van Puyenbroek.

Hij gaat ,,zeker en vast'' naar de finale. Evenals Frank Wauters, die zich van de bekerfinale van twintig jaar geleden slechts herinnert dat hij zijn sjaal kwijt was. ,,Ik heb de dalende lijn meegemaakt en ben een tijd niet in het stadion geweest. Het was zo slecht. Nu is het met de Ivorianen alle weken feest.'' Wauters heeft voor de bekerfinale schoenen in de clubkleuren (blauwgeel) aangeschaft en heeft twee dagen verlof genomen. Voor het feest in het geval van bekerwinst en voor het wegdrinken van de kater na verlies. Hoewel Wauters moeite heeft de Ivorianen ,,uiteen te kennen'', roemt hij het talent van Romaric, topscorer Kipre, aanvaller Sanogo en `dribbelwonder' Diallo. ,,FC Ivoorkust? Allemaal jaloezie. Het maakt mij niet uit wie er speelt.''

Terwijl Wauters na de training in zijn auto stapt, schuift de selectie in de bescheiden kantine aan voor de lunch: broodjes, soep en pasta. De Ivorianen domineren het gezelschap; het Frans overheerst aan tafel. Aan het hoofd zitten enkele Belgen en de Letse Arsenal-huurling Stepanovs bij elkaar: het blanke `kaartclubje'. ,,Mijn Frans wordt steeds beter. Op het veld gaat ook alles in het Frans'', zegt de Belg Steven Wostijn. ,,De Ivorianen hebben mooi voetbal meegebracht maar ook een andere cultuur. Ze trekken zich in hun eigen groep terug. Het is moeilijk om daartussen te komen.''

Volgens Wostijn zijn de Ivorianen geaccepteerd. ,,Dat loopt goed. Het publiek is content. We staan in de bekerfinale en Beveren is volgend seizoen zeker van Europees voetbal. Als Guillou deze spelers niet had gebracht, was het gedaan met de club'', beseft Wostijn. Wel heeft hij liever een meer gemengde selectie en kan hij zich de kritiek op FC Ivoorkust voorstellen. ,,De club moet wel Belgisch blijven.''

Assistent-trainer Eddy de Bolle vindt zoveel Ivorianen in een elftal ,,een beetje overdreven'', maar beleeft veel plezier aan de technisch begaafde spelers. ,,Tactisch moesten we ze bijschaven. Ze overdrijven als het goed gaat en blijven maar doorpingelen. `Zijn die nu beter dan die van ons?' vroegen de supporters in het begin. Nu worden ze bejubeld.'' Volgens De Bolle brengen de Ivorianen leven in de brouwerij. ,,Ze zijn altijd gelukkig. Ze praten en zingen veel. Ze zijn blij met de `voetbalkans' in Europa. Ginder (Ivoorkust, red.) hebben ze het niet ruim. Op tijd komen is wel een probleem. `Jullie hebben het uur, wij hebben de tijd', zeggen ze. Deze week zijn ze wel op tijd. Ze willen allemaal spelen zondag.''