President `doodt' akkoord Ivoorkust

De voormalige rebellen in Ivoorkust hebben hun troepen gisteren gemobiliseerd nadat president Laurent Gbagbo hun leider Guillaume Soro woensdag uit de regering van nationale eenheid had gezet. Behalve Soro ontsloeg de president ook twee andere ministers, een van de rebellen en een van de oppositie. De drie posten werden onmiddellijk opgevuld met vertegenwoordigers van Gbagbo's regeringspartij FPI.

Volgens de rebellen heeft de president met het ontslag het vredesakkoord ,,vermoord'' dat januari vorig jaar in Frankrijk werd gesloten. Premier Seydou Diarra liet gisteren via zijn woordvoerder weten dat hij overweegt op te stappen. Westerse diplomaten oefenden grote druk op hem uit om aan te blijven. De benoeming van Diarra was anderhalf jaar geleden het eerste uitvloeisel van het akkoord. Hij wordt gezien als de enige man die de sterk verdeelde overgangsregering bij elkaar kan houden.

De verhoudingen tussen president aan de ene kant en rebellen en oppositiepartijen aan de andere kant waren het laatste jaar al steeds verder verslechterd. Rebellen en oppositie verweten Gbagbo dat hij de uitvoering van het vredesakkoord stelselmatig saboteerde. De samenwerking bereikte een dieptepunt toen de president eind maart een demonstratie van rebellen en oppositie verbood. Het leger trad met harde hand op om te voorkomen dat de protestmars toch van de grond zou komen. Daarbij vielen zeker honderdtwintig doden, aldus een rapport van de Verenigde Naties waarin een vernietigend oordeel over het militair optreden wordt geveld.

Sindsdien is het conflict tussen de president en zijn tegenstanders verder geëscaleerd. Ministers van rebellen en oppositie schortten hun werkzaamheden in de overgangsregering op uit protest tegen het neerslaan van de demonstratie. In een reactie liet het staatshoofd dinsdag weten dat de betrokken ministers deze maand niet hoeven te rekenen op salaris en dat ze ook hun dienstauto moeten inleveren. De rebellen hadden hun ministers al opgeroepen terug te keren naar Baouké, de officieuze hoofdstad van het rebellengebied.

Het vredesakkoord van Marcoussis dat al langer onder druk stond, lijkt inmiddels rijp voor de prullenbak. Het verdrag moest een eind maken aan de crisis die was ontstaan na de mislukte staatsgreep in september 2002. Maar het land is de facto nog altijd in tweeën gedeeld. Ongeveer 4.000 man aan Franse troepen zien toe op de naleving van een staakt-het-vuren.

Onlangs is in Ivoorkust ook de voorhoede gearriveerd van een VN-troepenmacht van maximaal 6.240 man. Deze vredesmissie zou zich moeten bezighouden met de ontwapening waarmee nog steeds geen begin is gemaakt. De VN-soldaten moesten ook zorgen voor de veiligheid in de aanloop naar presidents- en parlementsverkiezingen die voor volgend jaar waren voorzien.