Nederland levert Khalid B. niet uit

De uitlevering van een vermeende Marokkaanse terrorist, Khalid B., die begin dit jaar in Nederland is aangehouden, gaat voorlopig niet door. De rechtbank van Roermond velt pas een oordeel over het Marokkaanse uitleveringsverzoek als Marokko concretere feiten en omstandigheden aanlevert.

De rechtbank vindt het verzoek van Marokko te vaag, zo bleek gisteren op de zitting. Khalid B. (29), die de Marokkaanse en Belgische nationaliteit heeft, wordt verdacht van terroristische activiteiten in Marokko. Hij moest op 27 januari van dit jaar bij een verkeerscontrole in Weert stoppen, omdat een koplamp van zijn auto niet brandde. De politie kwam er achter dat Marokko een opsporingsbevel tegen Khalid B. had uitgevaardigd, en ging tot arrestatie over.

Na de vijf zelfmoordaanslagen in Casablanca, waarbij op 16 mei 2003 43 doden vielen, stelde de Marokkaanse justitie een onderzoek in naar de Groupe islamique combattant marocain (GICM), waarvan Khalid B. lid zou zijn. Volgens de Marokkaanse autoriteiten heeft GICM connecties met Al-Qaeda. Marokko meent dat Khalid B. een paramilitaire training heeft gevolgd om lid te kunnen worden van de organisatie. Hij zou daar zijn belast met het opzetten van een Belgische cel en het rekruteren van nieuwe leden.

Marokko baseert de verdenking tegen Khalid B. op een verklaring van een ander lid van GICM. Hoe deze verklaring tot stand is gekomen, is voor de rechtbank van Roermond onduidelijk.

Minister Donner (Justitie) stelde in februari aanvullende vragen aan de Marokkaanse autoriteiten naar aanleiding van het uitleveringsverzoek. Nederland heeft geen uitleveringsverdrag met Marokko, maar beide landen hebben een VN-verdrag ondertekend tegen het financieren van terrorisme. Wie meebetaalt aan terrorisme, mag worden uitgeleverd. Marokko zegt Khalid B. te verdenken van het werven van fondsen voor GICM.