Italië worstelt: blijven in Irak of snel vertrekken?

Na het vertrek van Spanje uit Irak is het belang van de Italiaanse aanwezigheid sterk toegenomen. Die riante positie brengt premier Berlusconi in een lastig parket.

Het hoofd van de Italiaanse strijdmacht, president Carlo Azeglio Ciampi, kampt met een dilemma. ,,Admiraal'', zo vroeg hij zijn hoogste militair maandag, ,,voeren we in Nassiriya oorlog of niet?''

De vraag volgde op de hevige gevechten zondag in het gebied onder Italiaanse controle waarbij een Italiaan omkwam en zestien gewonden vielen. Het is een cruciale vraag, omdat de Italiaanse grondwet stelt dat Italië een ,,niet oorlogvoerend land'' is en de president de grondwet moet beschermen.

Blijven in Irak of weggaan? In Italië is het een cruciale week voor de beantwoording van deze vraag. De belangrijkste factoren die een rol spelen: de veiligheid van de soldaten van wie er inmiddels twintig zijn omgekomen, electorale overwegingen, betrouwbaarheid als partner van de Amerikanen, de pacifistische grondwet, en de angst om in een vernietigende oorlog terecht te komen.

De Italiaanse premier Silvio Berlusconi zal morgen in de senaat zijn positie beargumenteren. Vandaag ontmoet hij in Washington de Amerikaanse president George Bush en gisteren sprak hij met Kofi Annan, secretaris-generaal van de VN. Tijdens deze Amerikaanse tournee hoopt Berlusconi overtuigende argumenten te vergaren om een weg uit het Iraakse moeras te vinden.

Hij heeft die argumenten hard nodig. Zestig procent van de Italianen is tegen de aanwezigheid van Italiaanse troepen in Irak. De oppositie maakt zich op om een motie voor terugtrekking in te dienen. En Berlusconi's coalitiepartner Lega Nord voelt weinig voor verlenging van het mandaat na 30 juni.

Sinds het vertrek van Spanje is Italië één van de grootste troepenleveranciers na de VS en Groot-Brittannië. Bijna 3.000 Italianen zijn betrokken bij wat een jaar geleden begon als een vredesmissie in Irak. De drie hoofddoelen van de missie waren: helpen bij de vorming van een democratie, bijdragen aan de (economische) reconstructie van het land, en uitbreiden van de Italiaanse invloed en rol in de internationale politiek.

De eerste twee doelstellingen zijn vooralsnog niet gerealiseerd. Maar de escalatie in Irak heeft Italië volgens veel Italiaanse waarnemers wel in een sterkere positie gebracht. Na het vertrek van de Spanjaarden, zo schrijft de Italiaanse krant La Stampa in een commentaar, is Italië een ,,fundamentele pion geworden''.

Berlusconi hoopt deze relatieve machtspositie uit te buiten om zichzelf in een positie van bemiddelaar tussen Europa, de VN en de VS te positioneren en om de Italianen aan de vooravond van gemeenteraads- en Europese verkiezingen van juni te tonen dat hij in staat is om internationaal een belangrijke rol te spelen. Gisteren heeft hij van Kofi Annan al dankwoorden geïncasseerd voor de inzet van de Italiaanse troepen in Irak bij het garanderen van de openbare orde. Vandaag hoopt hij van Bush de toezegging te krijgen dat de VS koersen op een snelle machtsoverdracht en een grotere rol voor de VN.

Waar Berlusconi eerder met de Amerikanen de rol van de VN als uitgespeeld achtte, heeft hij de aanwezigheid van de VN in Irak nu nodig om het blijven van Italiaanse troepen in Irak te legitimeren en zijn eigen gezicht te redden. Deze ommezwaai van de Italiaanse premier stelt de linkse oppositie voor een groot dilemma. Het afgelopen jaar heeft juist zij gepleit voor een grotere betrokkenheid van de VN in Irak. Net nu dit staat te gebeuren, voelt links instinctief veel meer voor definitieve en directe terugtrekking van de troepen uit Irak.

Het ligt voor de hand dat in het sterk gepolariseerde Italiaanse politieke klimaat Berlusconi de eerste zal zijn om links van verraad aan de VN te beschuldigen, als het een motie voor terugtrekking indient. Net zoals het te verwachten was dat links afgelopen maandag Berlusconi te schande zette, omdat hij, terwijl de Italiaanse troepen onder vuur lagen, de champagnefles ontkurkte om met zijn voetbalclub AC Milan het kampioensfeest te vieren. ,,Zelfs de zelfmoordcommando's van Al-Qaeda begrijpen niet hoe een leider feest kan vieren op het moment dat één van zijn soldaten wordt doodgeschoten'', zo wreef Repubblica-commentator Francesco Merlo zout in de wonden van Amerika's trouwe bondgenoot Silvio Berlusconi.