`Een toets haalt het niet bij examen'

Het vwo-diploma staat onder druk. Universiteiten die hun studenten gaan selecteren met behulp van eigen toetsen, hebben kennelijk geen al te groot vertrouwen in de waarde van het eindexamen.

De schrik bij de andere partijen was voelbaar, toen Kamerlid Jacques Tichelaar (PvdA) tijdens het debat met staatssecretaris Nijs over het hoger onderwijs iets kritisch zei over het vwo-diploma. Het vwo-diploma is geen optimale standaard meer, suggereerde Tichelaar, en daarom is het niet zo vreemd dat universiteiten hun eerstejaars studenten een aanvullende toets willen afnemen.

Het vwo-diploma als toegangsbewijs tot de universiteit is een heilig huisje in het Nederlandse onderwijssysteem. De landelijke examinering, met bijbehorende betrouwbaarheid, wordt gekoesterd. Maar het debat over selectie aan de poort van de universiteit doet dat huisje geen goed. Want waarom zou je moeten selecteren als het diploma deugt? Hebben de universiteiten reden om te twijfelen aan de waarde het vwo-diploma?

Tichelaar, nu: ,,Die andere partijen schoten meteen in de stress, alsof wij het eindexamen willen afschaffen. Dat is helemaal niet zo, we willen alleen het debat openen over wat dat diploma waard is, en hoeveel vrijheid scholen moeten hebben om hun eigen examens af te nemen. Heel leuk als Brabantse scholen hun examens goed willen laten aansluiten op instellingen in de regio, maar wat als zo'n Brabantse scholier in Groningen wil gaan studeren?'' Tijdens het Kamerdebat van begin april stond de PvdA lijnrecht tegenover het CDA. Als het gaat om het vwo-diploma geldt dat nog steeds. Kamerlid Cisca Joldersma (CDA): ,,De generieke kwaliteit van het vwo-diploma staat voor ons niet ter discussie.''

Op de Universiteit Leiden, de universiteit die komend studiejaar als eerste gaat experimenteren met het selecteren van studenten, denken ze daar anders over. Twijfel over de betrouwbaarheid van het vwo-diploma is niet het belangrijkste motief voor selectie, zegt onderwijskundige Paul Vedder, die in Leiden de experimenten begeleidt. ,,Maar we maken ons wel zorgen over de lobby om de schoolexamens zwaarder te laten wegen dan het centraal schrijftelijk eindexamen. Wat mij verbaast is de arrogantie van de gemiddelde vwo-school die denkt de competenties van een leerling goed te kunnen meten. De Inspectie van het Onderwijs denkt ook dat ze dat kunnen, ik betwijfel dat.''

Vedder verwijst naar een lobby die vorig jaar is ingezet. Scholen en werkgevers hebben steeds meer moeite met de kloof tussen het op vaardigheden gerichte onderwijs en het op kennis gerichte centraal schriftelijk eindexamen. Ze willen de huidige verhouding van het eindcijfer, het gemiddelde van schoolonderzoek en centraal schriftelijk, wijzigen ten gunste van het door de school bepaalde cijfer. Met hun eigen wijze van examineren, over een langere periode, zouden scholen beter kunnen inspelen op het zelfstandige leren dat met het Studiehuis in de bovenbouw van havo en vwo werd ingevoerd. Uit jaarlijks onderzoek van het dagblad Trouw blijkt dat de discrepantie tussen de twee cijfers toeneemt. Schoolcijfers vallen hoger uit dan de landelijke cijfers, in 2002 was het gemiddelde verschil voor het vwo een half punt.

,,Het vwo-diploma wordt uitgehold'', meent Jaap Dronkers, hoogleraar sociologie aan de Europese Universiteit in Florence en gespecialiseerd in onderwijs en ongelijkheid. ,,Die discrepantie tussen school- en landelijk cijfer lijkt misschien bescheiden, maar de druppel holt de steen uit. Op den duur is dat dramatisch. De ongelijkheid tussen scholen neemt toe, het zal steeds belangrijker worden op welke middelbare school je hebt gezeten. Heerlijk voor mij als socioloog, maar slecht voor het onderwijs. Ik vind dat de overheid moet streven naar handhaving van de standaard van het vwo-diploma, het is een voorwaarde voor een kenniseconomie.'' Dronkers is ervan overtuigd dat selectie aan de poort, overigens ,,begrijpelijk en verstandig'', het vwo-diploma verder zal uithollen.

Hoe minder vertrouwen in het niveau van het vwo-diploma, hoe meer reden om te gaan selecteren. Onzin, volgens Pieter Hettema, voorzitter van de vereniging van schooldirecteuren in het voortgezet onderwijs. ,,Er is geen enkele reden om te twijfelen aan het niveau van het vwo-diploma. Als de cijfers van het schoolonderzoek zwaarder gaan wegen, zal de school de kwaliteit moeten kunnen waarborgen. Hoe beter de kwaliteitszorg op een school is geregeld, hoe zwaarder het schoolcijfer kan wegen.'' Aanvullende toetsen door de universiteit zijn volgens Hettema niet nodig. Hij heeft zich er over verbaasd dat de Citogroep, makers van de landelijke examens, niets van zich heeft laten horen in het debat over selectie aan de poort. Zij zouden, zo stelt Hettema, de eerste moeten zijn die zich verzetten tegen de `aanval' op de kwaliteit van het vwo-diploma.

Zoals Vedder uit Leiden zich ergert aan de arrogantie van middelbare scholen, ergert Hettema zich namens de schooldirecteuren aan de arrogantie van de universiteiten. ,,Met één toets kunnen zij heus niet meer boven tafel krijgen dan wij in drie jaar bovenbouw. Het enige dat ze kunnen testen is motivatie, andere competenties is onmogelijk. Ik twijfel aan het wetenschappelijke karakter van zo'n toets, en van de instelling die daarin gelooft.''