Verzet kleine landen tegen grondwet EU

De onderhandelingen over een Europese grondwet dreigen opnieuw in een impasse te komen. Een groep van dertien middelgrote en kleine EU-landen weigert akkoord te gaan met de voorstellen die nu circuleren om de besluitvorming binnen de EU te regelen.

Volgens de Finse minister van Buitenlandse Zaken, Erkki Tuomioja, is de kans dat de 25 landen van de Unie het volgende maand eens zullen worden minder dan 50 procent.

Het verzet van de `dertien gelijkgestemden' komt juist op het moment dat de grote landen elkaar leken te naderen over de toekomstige stemverhouding tussen de lidstaten in de Unie. Bij de groep van dertien, waar Nederland overigens niet bij zit, is sprake van toenemende irritatie over de houding van de grote landen. Zij weigeren dan ook akkoord te gaan met de compromismodellen die de grote landen onderling met elkaar bespreken.

De besprekingen over de tekst van de grondwet liepen eind vorig jaar vast omdat Polen en Spanje zich fel keerden tegen voorstellen die hun invloed binnen de Europese Unie zouden verminderen. Zeker na de regeringswisseling in Spanje en ook onder druk van de bomaanslagen in Madrid leek de Europese Unie toch op een akkoord af te stevenen. Dit zou dan tijdens de top van regeringsleiders op 17 en 18 juni moeten worden bereikt. Maar naarmate dit moment dichterbij komt, verlopen de onderhandelingen stroever.

Tot verrassing van de grote landen van de Europese Unie hebben Oostenrijk, Portugal, Finland, Griekenland, Hongarije, Tsjechië, Slowakije, Slovenië, Estland, Letland, Litouwen, Cyprus en Malta een coalitie gesloten om recente voorstellen die de stemverhouding tussen de lidstaten bepalen, te blokkeren. Volgens die plannen zou een voorstel in de Unie aangenomen zijn als 55 procent van de lidstaten die bovendien 65 procent van de bevolking van de Unie vertegenwoordigen zich ervoor heeft uitgesproken. De groep van dertien meent dat door dit model de grote landen een te overheersende invloed krijgen op de besluitvorming binnen de Unie.