Granaat met sarin ontdekt in Irak

Een artilleriegranaat met daarin een kleine hoeveelheid van het dodelijke zenuwgas sarin is gisteren ontdekt in de buurt van de Iraakse hoofdstad Bagdad.

Het is voor het eerst dat de Verenigde Staten de vondst van een verboden wapen in Irak hebben bevestigd. De veronderstelling dat de inmiddels verdreven en gevangengenomen Iraakse leider Saddam Hussein massavernietigingswapens in bezit had was een jaar geleden aanleiding voor de oorlog in Irak.

De granaat is zaterdag door een legereenheid ontdekt, zo maakte de Amerikaanse generaal Mark Kimmitt gisteren bekend. Bij het onschadelijk maken van de granaat ontplofte deze en kwam wat gas vrij. Volgens Kimmitt was het bereik van het gas ,,beperkt''.

Sarin, uitgevonden door Duitse wetenschappers in de jaren dertig van de vorige eeuw, is al dodelijk als men een minuut aan een hoeveelheid van 0,1 gram per kubieke meter wordt blootgesteld. In de jaren '80 werd het door Irak gebruikt tegen de Koerden.

Onduidelijk is wat de herkomst van de granaat is. Volgens een hoge functionaris binnen de Amerikaans-Britse coalitie zou de granaat wel eens kunnen zijn geproduceerd in de Eerste Golfoorlog in 1991. De Iraqi Survey Group, de onderzoekscommissie die in opdracht van de coalitietroepen op zoek is naar massavernietigingswapens, zal de munitie inspecteren.

Onder grote belangstelling werd vanochtend in Bagdad het lichaam van het gisteren vermoorde hoofd van de Iraakse regeringsraad, de shi'itische politicus Ezzedine Salim, naar het vliegveld gebracht. Hij zal vandaag worden begraven in de shi'itische heilige stad Najaf.

De hoogste Amerikaanse civiele bestuurder in Irak, Paul Bremer, herhaalde vanochtend nogmaals dat ,,terroristen proberen Iraks mars naar soevereiniteit en vrede'' te stoppen. ,,Ze zullen niet slagen.''

Voor de Amerikaanse regering is de moord op Ezzedine Salim geen reden om de machtsoverdracht aan de Irakezen, eind juni, uit te stellen. ,,Het is duidelijk tijd dat de bezetting wordt beëindigd'', zei ook de nationale veiligheidsadviseur van de VS, Condoleezza Rice, in Berlijn.

Volgens Rice hadden de Verenigde Staten al rekening gehouden met pogingen om de overdracht te saboteren. Tegen de Spaanse krant El País zei ze te verwachten dat de gewelddadigheden tot aan de machtsoverdracht op 30 juni nog zullen toenemen.

Ook de Britse premier Blair onderstreepte gisteren dat het belangrijk is ,,in Irak te blijven en de klus af te maken''. ,,Dat is het enige mogelijke antwoord op het terrorisme. We breken niet op en we lopen niet weg uit Irak.''

De nieuwe voorzitter van de Iraakse regeringsraad Ghazi al-Yawar, een sunnitische stamleider, eist dat hij een betere bescherming krijgt dan zijn voorganger Salim. Hij wil onder meer kunnen beschikken over een gepantserde auto.

Al-Yawar, die gisteren onmiddellijk werd benoemd, toonde zich een voorstander van een grotere rol van Iraakse veiligheidsdiensten in de strijd tegen opstandelingen. De nieuwe leider van de regeringsraad wees erop dat de Irakezen de buitenlandse militairen liever zien gaan.