Duits vertrouwen daalt verder

Het vertrouwen van investeerders in de Duitse economie, veruit de grootste van Europa, heeft deze maand het laagste punt sinds tien maanden bereikt.

Dat meldde vandaag het in Mannheim gevestigde Zentrum für Europeïsche Wirtschaftsforschung (ZEW), dat maandelijks in Duitsland de stand onder investeerders opneemt.

De vertrouwensindex zakte van 49,7 in april naar 46,4 in mei, veel meer dan economen hadden verwacht. Die hielden het volgens Bloomberg/Dow Jones in mei op 49. Sinds december vorig jaar is de index met 27 punten gezakt. ,,Het [economische] herstel is anemisch en dat zal zo blijven'', zei een econoom die aan het onderzoek meedeed tegen het Amerikaanse persbureau Bloomberg.

In Duitsland stagneert de binnenlandse vraag (consumptie zowel als investeringen) en profiteert, net als in de rest van Europa, alleen de export van de groei in de Verenigde Staten en Azië. De exportgroei wil maar niet overslaan naar de binnenlandse vraag, zoals nu wel in Japan gebeurt, waar aanvankelijk de binnenlandse vraag ook langdurig stagneerde.

In het eerste kwartaal groeide de Duitse economie met 0,4 procent ten opzichte van het vorige kwartaal, de snelste groei in drie jaar, en die groei was geheel aan de export te danken. Stijgende werkloosheid en zorgen over de toekomst doen de Duitsers liever sparen dan consumeren.

Het recent gelanceerde idee in de Berlijnse begrotingsdiscussie om de btw te verhogen – naar verluidt afkomstig van de sociaal-democratische minister Hans Eichel van Financiën – ten einde de almaar groeiende begrotingsgaten te helpen dichten – een idee dat overigens werd afgeschoten – zal volgens waarnemers de Duitse consument niet tot meer consumeren aanzetten.

De zorgen omtrent de Duitse economie zijn in mei nog meer toegenomen, zei het Duitse instituut vandaag, wegens de dure olie, de kans op een rentestijging en de zwakke binnenlandse vraag.