Botte bijl vervangt elegant mestsysteem

Nergens in Europa zit zo veel mest in de bodem als in Nederland. Het kabinet presenteert morgen strenge regels. Volgens de boeren wordt het milieu er alleen maar slechter van.

,,Een koe is een fantastisch ding. Je stopt er gras in, wat maïs en ook nog wat bierbostel en suikerpulp en er komt melk uit, een onmisbaar product in onze voedselstrategie. Maar ja, er komt ook mest uit. Een combinatie van vaste mest en urine. Drijfmest.''

Aan het woord is melkveehouder Kees Romijn uit het Zuid-Hollandse Langerak. Hij heeft zeventig melkkoeien en zestig stuks jongvee. Het is ochtend. De jonge boer zit aan de keukentafel met op schoot zijn zes maanden oude zoon.

Nu nog staan de koeien op stal. Over anderhalf uur gaan ze de wei op. De melkveehouder bezit ruim dertig hectare in het open veenweidelandschap van de Alblasserwaard, plus nog enkele hectaren even verderop, die hij huurt.

LTO-bestuurslid Romijn is een van de vele boeren die zich zorgen maken over het mestbeleid. Morgen komt het kabinet met voorstellen om te voldoen aan de Europese normen voor nitraat, fosfaat en stikstof. Nederland heeft al jaren het grootste mestoverschot van Europa, op afstand gevolgd door regio's in Duitsland, Frankrijk en Ierland.

Dertien jaar geleden al stelde de Europese Commissie met instemming van de lidstaten de zogenoemde Nitraatrichtlijn op. Die moet leiden tot een afname van schadelijke meststoffen in grond- en oppervlaktewater. Rundveehouders vrezen dat het verscherpte mestbeleid ,,desastreus'' zal uitpakken.

Ook groentetelers roeren de trom. ,,Over een paar jaar zijn groenten als prei, broccoli, bloemkool en spruitkool niet meer in Nederland te telen'', aldus een persbericht van de boerenorganisatie LTO Nederland. ,,Dit geldt ook voor bloembollen als tulpen, hyacinten en narcissen.''

Het Nederlandse mestbeleid is de afgelopen jaren niet streng genoeg geweest, zo stelt een onlangs verschenen evaluatie van het meststoffenbeleid door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). ,,De veehouders hebben hun verantwoordelijkheid genomen en een grote inspanning geleverd. Maar de nationale en Europese milieudoelstellingen voor nitraat in grondwater en stikstof en fosfaat in oppervlaktewater zijn niet binnen bereik.''

Doorrekening van de beleidsvarianten laat zien dat in 2030 op 20 procent van het landbouwareaal niet wordt voldaan aan de normen van de Nitraatrichtlijn. Ook zal er een landelijk mestoverschot ontstaan van vier tot veertien miljoen kilo fosfaat. ,,Dit pikken ze in Europa niet'', zegt directeur Klaas van Egmond van het Milieu- en Natuurplanbureau van het RIVM. ,,We zullen de milieubelasting verder terug moeten brengen met nog eens 30 tot 50 procent.'' Volgens Van Egmond is mest ,,het meest acute milieuprobleem'' van Nederland.

Nederland beschikt sinds zes jaar over Minas, een mestboekhoudsysteem dat de toegestane hoeveelheid meststoffen vooral laat afhangen van daadwerkelijke schade aan het milieu. Dit systeem is oktober vorig jaar door het Europese Hof van Justitie in Luxemburg beoordeeld als strijdig met de Nitraatrichtlijn.

Het systeem wordt afgeschaft en daarvoor in de plaats komen simpele Europese normen. Om een algemene norm voor heel Europa van maximaal 50 milligram nitraat per liter in het bovenste grondwater te komen, mag er niet meer dan 170 kilogram stikstof in dierlijke mest per hectare worden uitgereden. Nederland hoopt in Brussel nog wel een derogatie uit te vuur te slepen die inhoudt dat er op grasland 250 kilogram stikstof in dierlijke mest mag worden uitgereden.

De milieubeweging hoopt dat met de maatregelen het water schoner zal worden. Gijs Kuneman van de Stichting Natuur en Milieu: ,,Een elegant systeem wordt vervangen door de botte bijl. Dat is misschien betreurenswaardig, maar we gaan nu wel de milieudoelen halen. Het water zal schoner worden. De Nederlandse bodem zit boordevol fosfaat. Onze eerste publicatie dertig jaar geleden ging over mest. We hebben heel lang zien aankomen dat het mis zou gaan. De politiek had veel eerder moeten ingrijpen. Dan hadden we nu niet ineens zo'n grote stap moeten zetten.''

Melkveehouder Kees Romijn is de afgelopen jaren een echte ,,mestmanager'' geworden. ,,De mest is onderdeel van een kringloop. Het is de kunst die cirkel draaiend te houden met zo min mogelijk verliezen naar het milieu. Daar heb ik ook economisch baat bij. Hoe minder mest er uitspoelt naar de bodem, des te minder kunstmest ik moet bijkopen.'' Romijn toont de stallen. Twee keer per dag schuift een machine de mest naar een verzamelpunt. Van daaruit wordt hij opgeslagen in een enorme silo op het erf. Eind februari wordt het grootste deel van de mest op het land gebracht door een loonwerkbedrijf. Er zijn talloze mogelijkheden, legt melkveehouder Romijn uit, om de schade van meststoffen aan het milieu te beperken, zonder dat dit ten koste gaat van de bedrijfsvoering.

Al die kennis is straks overbodig geworden, klagen de boeren, als de Europese norm bepaalt dat er niet meer dan 170 of mogelijk 250 kilogram stikstof in dierlijke mest per hectare mag worden gebruikt. Romijn heeft veel meer dierlijke mest beschikbaar, maar zal straks een deel van deze dierlijke mest moeten afvoeren. ,,Dat kost geld.'' Om niettemin zijn gras zo goed mogelijk te laten groeien (,,koeien eten één meter gras per jaar'') en om te voldoen aan het bemestingsadvies van 300 kilogram stikstof per hectare, moet hij kunstmest bijkopen. ,,Dat kost ook geld.'' Onderzoek heeft uitgewezen dat een gemiddelde melkveehouder minimaal vijfduizend euro per jaar extra kwijt is aan het afvoeren van de dierlijke mest en het aankopen van kunstmest.

Of minder bemesting ook leidt tot een grootschalige daling van de grasopbrengst of van de kwaliteit van het gras is niet zeker, zegt projectleider Hans van Grinsven van het RIVM. Ja, er zal wel meer mest van de bedrijven moeten afgevoerd, en dat kost geld, de prijs zal stijgen.

Vooral de kippen- en varkensboeren zonder eigen land zullen het daardoor moeilijk krijgen. Maar het is lang niet altijd nodig om bij beperking van het gebruik van dierlijke mest méér kunstmest te gebruiken. Van Grinsven: ,,De bodem is zo verzadigd met fosfaat, dat bemesten vaak niet eens nodig is. De bemestingsadviezen moeten maar eens opnieuw bekeken worden. Die adviezen sluiten elk risico uit, en dat hoeft niet altijd.''

De boeren zien het anders. ,,Deze maatregelen leiden tot een verslechtering van het milieu'', zegt melkveehouder Jan Eggink uit het Gelderse Laren, die de afgelopen jaren meedraaide in een proef over het mestbeleid. ,,De kringloop van de mest wordt doorbroken.''

Hij voorspelt dat boeren hun koeien extra krachtvoer zullen geven om geconcentreerdere mest te verkrijgen en zo te kunnen voldoen aan de Europese norm van 170 of 250 kilogram stikstof. Die mest is schadelijker dan die van nu.

Uiteindelijk, zegt Eggink, zal het mestprobleem boeren ertoe brengen om dieren ,,fabrieksmatig'' te gaan houden. Eggink: ,,Je verkoopt de grond. Je neemt duizend koeien. Je bestelt tonnen stro uit de Oekraïne. Je geeft ze soja. En omdat het veel te duur is om mest af te voeren, verwerk je het zelf, bijvoorbeeld tot korrels voor de export.''

Zo verdwijnen de weilanden uit Nederland. En op de weilanden gaan de burgers wonen en werken. ,,Dat is de dubbele agenda van de politiek'', zegt Eggink.