Bij ruzie zorgt Ross-van Dorp dat het goed komt

Staatssecretaris Clémence Ross-van Dorp is de eerste CDA'er sinds de jaren tachtig die verantwoordelijk is voor medisch-ethische kwesties als euthanasie en abortus. Bij deze onderwerpen probeert ze religieuze argumenten te vermijden.

`Nu meer dan een jaar geleden, op een ochtend, stierf een goede vriend van mij zijn zelfgekozen dood, geholpen door zijn arts, bijgestaan door zijn geestelijk leidsman en omringd door degenen die hem het meest na stonden.''

Met die persoonlijke woorden opende Clémence Ross-van Dorp in november 2000 als Kamerlid voor het CDA het debat over de huidige euthanasiewet. Ze voerde het woord over medisch-ethische onderwerpen als abortus en euthanasie. Toen ze vervolgens staatssecretaris werd van Volksgezondheid, Welzijn en Sport nam ze diezelfde portefeuille op eigen verzoek van de minister over. Het is voor het eerst sinds de jaren tachtig dat een CDA'er over medisch-ethische kwesties beslist. Eind vorig jaar kwam Ross in het nieuws door het standpunt te verdedigen dat jonge zwangere vrouwen door de verloskundige geïnformeerd moesten worden over de mogelijkheden van prenatale screening, maar dat hun geen tests mogen worden aangeboden. Ook ontraadde ze onlangs het ouderschap aan verstandelijk gehandicapten.

Ross-van Dorp komt uit een orthodox katholiek gezin. Haar vader was leraar geschiedenis en lid van de Katholieke Volkspartij. Haar vader was al getrouwd geweest, werd weduwnaar en is later hertrouwd. ,,Een dominante man'', weet schoonzus Louise Ross. Vader Van Dorp had uit zijn eerste huwelijk vier kinderen, met zijn tweede vrouw krijgt hij nog twee dochters, van wie Clémence de oudste is.

Ze verhuizen vaak Zwolle, Twello, Deventer. Na de pensionering van vader Van Dorp vestigt het gezin zich definitief in de Achterhoek. Daar woont ze nog altijd. Als Clémence achttien is, overlijdt haar vader.

Clémence van Dorp doet eindexamen mavo, havo. Ze zakt in 1977 voor haar eindexamen atheneum op het vak economie. Ze gaat een LOI-cursus doen en wordt doktersassistente in een naburig dorp. Ze volgt een lerarenopleiding en wordt lerares Engels. Dan werkt ze een paar jaar als verkoopster in kledingboetiek Frank & Jean in Doetinchem. ,,Ze was onrustig'', zegt Louise Ross. ,,Ze had veel talent, maar ze wist niet goed wat ze wilde.''

Via een wederzijdse vriendin leert ze op school Jos Ross kennen, dan is ze zeventien. Na een jaar of zes trouwen ze. Hij is boekbinder en doet in zijn vrije tijd de administratie voor winkels en bedrijven. Hij sleutelt aan oude auto's. Zij rijdt paard. Ze kopen een boerderij in Breedenboek, aan de Duitse grens en knappen die zelf op. ,,Ze schilderen samen en maken samen borduurwerkjes'', vertelt Louise Ross. ,Een beetje bohémienachtig'', typeert partijgenoot en europarlementariër Arie Oostlander het stel. ,,Ze hadden lak aan de standaardideeën over hoe je je leven moet leiden. Geen van beiden was ooit echt bezig carrière te maken.''

Het echtpaar heeft drie dochters: Valerie (22), Isabel (16) en Evita (13). Ze voeden de kinderen katholiek op, gaan iedere zondag naar de kerk. Maar waar haar ouders hechten aan kerkelijk gezag zegt Ross meer naar `het mystieke' te neigen, zich te interesseren voor haar persoonlijke geloofsbeleving en voor de filosofische kant van het geloof. Het gezin kiest ook voor een moderne rolverdeling. Jos Ross zorgt wat meer voor de kinderen, zij wordt kostwinner.

Ross gaat sinologie studeren. Louise Ross: ,,Ze wilde een universitaire studie doen en sinologie was het moeilijkste dat ze kon verzinnen. Dat vond ze een uitdaging.'' Ross werd student-assistent van docent Jeroen Wiedenhof. ,,Ze was ouder dan de meeste studenten, had al een gezin'', vertelt hij. ,,Ze was bijzonder actief. Vanuit het oosten van het land kwam ze elke dag met haar autootje op en neer naar Leiden. Ze was er iedere dag, altijd op tijd.'' Na haar studie zou Ross worden uitgezonden naar het Holland House in Peking om te doceren, maar wanneer de studentenopstand op Het Plein van de Hemelse Vrede wordt neergeslagen, ziet ze ervan af. Ze solliciteert naar een baan als assistent van politicus Arie Oostlander in het naburige Doetinchem.

Haar interesse voor politiek was al op jonge leeftijd gewekt, door een leraar van de mavo in Ulft. Hij moedigde haar aan op te komen voor haar ideeën. Die raad volgde ze op toen zich in haar dorp een werkplaats van een meubelfabriek zou vestigen in het park tegenover een b.l.o-school, een park waar het fijn wandelen was. Ze diende bezwaarschriften in en vocht het uit, zoals ze zelf zegt, ,,tot aan de kroon'' en won. De werkplaats kwam er niet.

Het is die protestactie op haar curriculum vitae die bij Arie Oostlander interesse wekt. De europarlementariër zocht 13,5 jaar geleden een medewerker die de contacten kon onderhouden met politiek Den Haag en met de media. Hij plaatst een advertentie in de Gelderse pers en ontvangt daarop onder meer een reactie van Ross. Oostlander: ,,Ze had deelgenomen aan een of andere actiegroep in haar woonplaats. Dat sprak me wel aan, dat activistische in haar. Net zoals het opviel dat ze Chinees had gestudeerd.'' En ze kon plat Achterhoeks spreken. ,,Dat was handig voor de contacten hier in Gelderland.''

Ross krijgt een werkplek in zijn huis in Doetinchem, vlakbij Breedenbroek. Oostlander zelf werkt doordeweeks meestal in Brussel, waardoor Ross vooral een persoonlijk contact ontwikkelt met zijn vrouw Enna. ,,Ze praatten veel met elkaar over de combinatie van politiek en geloof'', vertelt Oostlander. ,,Over hoe je politiek kunt bedrijven vanuit een bijbels geloof.''

Oostlander treedt op als raadgever in haar politieke loopbaan. Hij moedigt Ross aan politiek actief te worden en naar de kaderschool van het CDA te gaan. Het Vrouwenberaad van het CDA in Gelderland zoekt op dat moment een voorzitter. Gé Eikelboom, al jaren vice-voorzitter van het Vrouwenberaad, neemt haar in 1995 aan. ,,Ik zie haar nog zo binnenkomen in De Postiljon. Ze had een bermuda en een T-shirtje aan, het was warm. Het Vrouwenberaad bestond in die tijd uit veertigplussers. Veel conservatieve vrouwen, die heb je hier in de Achterhoek. Ik weet nog dat ik zei: maar Clémence, wat heeft een vrouw als jij nou te zoeken in het Vrouwenberaad?'' Maar Ross hield voet bij stuk. ,,Ze zei dat ze érg betrokken was.''

In 1998 wordt Ross naar Den Haag gehaald door Hans Huibers. Hij is dan lid van een commissie die nieuwe kandidaten zoekt voor de Tweede-Kamerfractie, met als doel het gezicht van de partij te vernieuwen. Het CDA werd op dat moment gezien als grijs en kleurloos, vertelt Huibers. Hij koos voor Ross omdat ze `vernieuwend' was. Maar als hem wordt gevraagd wat voor vernieuwende ideeën ze dan had, erkent Huibers dat Ross ,,een gematigd CDA'er'' is. ,,Er was vooral erg veel behoefte aan vernieuwende gezichten. Ross-van Dorp was jong en fris.'' Ze was jong, vrouw, en droeg gekleurde leren jasjes.

Ze huurt een flat in Scheveningen, waar ze van maandag tot en met zaterdag woont, op zondag is ze thuis. Ross voert namens het CDA in de Tweede Kamer het woord over euthanasie, abortus, het homohuwelijk, de embryowet en ook over onderwijs. Kamerlid José Smits (PvdA) zat met haar in de vaste Kamercommissie voor Onderwijs en later in de commissie voor Volksgezondheid. ,,Ze was altijd goed voorbereid op debatten'', zegt Smits. ,,Zij werd vooral bekend wegens de behandeling van het wetsvoorstel over euthanasie. Ze bracht echt goed en zakelijk argumenten naar voren. Ze verwoordde het belang van mensen die om uiteenlopende redenen bezwaren hadden tegen het wetsvoorstel.''

In de zomer van 2002 maakt Ross-van Dorp voor het eerst een tegenslag mee in haar politieke loopbaan. Ze stelt zich kandidaat voor het voorzitterschap van de CDA-fractie, maar wordt met 27 tegen 15 stemmen verslagen door Maxime Verhagen. Partijgenoten zeggen dat ze geen voorzitter werd omdat ze uit dezelfde stal kwam als Jan-Peter Balkenende, de stal van Arie Oostlander. En dat er binnen de fractie behoefte was aan tegenwicht tegen de premier.

Bij de vorming van het eerste kabinet-Balkenende zoeken de partijen naarstig naar meer vrouwelijke bewindslieden. De beoogd premier kiest voor Ross-van Dorp als staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Haar zwaarste taak is nu de modernisering van de Algemene wet bijzondere ziektekosten, waaruit de zorg voor chronisch zieken en gehandicapten betaald wordt.

Volgens partijgenoot Wim van de Camp heeft Ross-van Dorp als Kamerlid veel krediet gekregen voor de manier waarop zij klassieke CDA-standpunten eigentijds weet te brengen. ,,Zonder direct hel en verdoemenis uit te spreken over mensen die er een andere opvatting op nahouden. Daar was zowel de fractie als het partijbestuur zeer over te spreken.''

Haar binnenkomst op het departement wordt overschaduwd door de présence van toenmalig minister Eduard Bomhoff en zijn voortijdige vertrek uit het kabinet. ,,Ross-van Dorp was voor veel ambtenaren op het ministerie een verademing naast minister Bomhoff'', zegt Paul Schnabel, die als directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau regelmatig contact heeft met de staatssecretaris. ,,Ze was toegankelijk terwijl hij niet of nauwelijks overleg voerde en haar vaak voor een fait accompli stelde. Hij stuurde bijvoorbeeld zonder overleg topambtenaar Peter van Lieshout weg, terwijl die voor een deel ook voor haar aan het werk was. Toch heeft ze in het openbaar nooit iets lelijks over Bomhoff gezegd.'' Minister van Sociale Zaken Aart-Jan de Geus neemt Bomhoffs taken tijdelijk over, Hoogervorst volgt hem op. Het is haar grootste wapenfeit tot nu toe, vindt Ross-van Dorp zelf, dat ze in die tijd de boel bij elkaar heeft weten te houden.

Partijgenoten De Geus en Ross kunnen het goed met elkaar vinden. ,,Clémence heeft een soort easyness die gesprekken makkelijk maakt'', zegt De Geus. ,,ook nu met minister Hoogervorst, ook al denkt hij politiek heel anders dan zij.''

Waar ze als Kamerlid alleen het CDA-standpunt uitdroeg, vertegenwoordigt ze nu als staatssecretaris ook de standpunten van VVD en D66 over onder meer euthanasie, prenatale screening, orgaandonatie, abortus. Hoe combineert ze dat met haar eigen ideeën?

Louise Ross voerde met haar schoonzus regelmatig discussies over abortus, euthanasie of orgaandonatie: ,,Ik denk wel te kunnen zeggen dat Clémence abortus en euthanasie afwijst. Abortus, daar is ze niet bepaald voorstander van. Daar heeft ze duidelijke ideeën over. Ik denk daar anders over. Ik ben ook niet zo principieel daarin, zij wel. Dat zat er altijd al wel in.'' Louise Ross voegt daar aan toe dat Ross-van Dorp wel altijd openstaat en oog heeft voor andermans ideeën, dat zij niet iemand is die met de vuist op tafel slaat en dat ze goed compromissen kan sluiten. ,,Als er onenigheid in de familie is, zorgt Clémence ervoor dat het weer goed komt.''

e staatssecretaris zegt zelf in een gesprek dat ze niet principieel tegen levensbeëindiging is. Dat ze zich situaties kan voorstellen waarin het onvermijdelijk is, maar dat ze het als haar taak ziet de zwaksten in de samenleving te beschermen. Bovendien, zegt Ross, mag je als politicus je persoonlijke opvattingen nooit een doorslaggevende rol laten spelen. Andere politici zeggen dat het typerend is voor Ross dat ze in debatten nooit religieuze argumenten opvoert. En dat ze daarmee een publiek aanspreekt dat breder is dan alleen de traditionele achterban van het CDA.

Partijgenoot Hans Huibers: ,,Ze is altijd bezig met de vraag: hoe vertaal ik mijn geloof in politiek handelen? Tegelijkertijd staat ze wel open voor het spanningsveld in de praktijk van het ziekenhuis.'' ,,Haar religieuze overtuiging speelt een belangrijke rol in haar werk'', zegt Paul Schnabel. ,,Ik ben ook katholiek opgevoed, en wat ik bij haar herken is de zeer katholieke zorg voor het begin en het einde van het leven, de terughoudendheid om daarin in te grijpen, haar opvattingen over genade, over de natuur. Maar ze redeneert niet vanuit het oude katholieke leergezag van de kerk.''

Minister De Geus vindt dat Ross-Van Dorp nog wel wat meer ,,haar nek mag uitsteken''. Ze houdt volgens hem te veel rekening met andere partijen. ,,Ze heeft wel een opvatting, maar zij wil ook resultaat boeken. Ik gun haar dat ze wat meer het risico durft te nemen dat mensen het soms niet met haar eens zijn.''