Missie in Irak is geen enkel mensenleven waard 1

Na alle discussies die gevoerd zijn rond het gladde ijs waarop coalitiepartners van Amerika zich begeven door hun aanwezigheid op Iraakse bodem, staart men zich blind op de body bag van de onlangs gedode sergeant Dave Steensma. Deze body bag is slechts één van de wrange vruchten van Bush' machtspolitiek.

Dat terugtrekking of blijven van de Nederlandse troepen afhangt van de dood van deze sergeant, getuigt mijns inziens van een enorme blikvernauwing rond deze hele war on terrorism. De zoete vruchten van de democratie die Amerika beloofde aan Irak, blijken zoals voor velen niet onverwacht: slechts rotte appels. Dit was immers te zien aan de vele demonstraties die wereldwijd werden gehouden tegen de Amerikaanse aanval op Irak.

De Amerikaanse democratie blijkt in Irak een perverse manier om machtsuitbreiding toe te staan van een grootmacht die geobsedeerd is door veiligheid. De martelingen die de gevangenen in de Abu Ghraib-gevangenis ondergingen, zijn daar een duidelijk bewijs van. De dood van Dave Steensma is onacceptabel, omdat Amerika de democratie misbruikt voor eigen belang en is voorgevallen tegen de achtergrond van structurele schending van de mensenrechten. Daar moet niet alleen Spanje zich verre van houden, maar ook Nederland moet Amerika in deze kwestie de rug toekeren, opdat de democratie als ideologie behouden moge blijven in de puurste zin van het woord.