Hays de Freeze in Brussel

,,Mevrouw De Kreu Kroiter, ik probeer u een e-mail te sturen, maar hij komt steeds terug. Kunt u me nog één keer vertellen hoe ik uw naam moet spellen?'' Wie in Brussel woont en een `lastige' naam heeft, krijgt dit soort telefoontjes soms wel een paar keer per week. Als je op een receptie binnenkomt, zeggen mensen: ,,Caroline de, eh, hoe zei u?'' Je naam wordt constant verhaspeld, naamplaatjes voor conferenties zijn onvindbaar omdat je ondanks de nodige voorzorgen bij de D of de CH bent opgeborgen, en restaurants hebben een tafel gereserveerd onder een naam die in de verste verte niet lijkt op datgene wat je die ochtend door de telefoon zo geduldig voor ze had uitgespeld.

Het went. En het goede nieuws is: je bent in deze stad in goed gezelschap. Zéér goed gezelschap zelfs. Zo was de voormalige eurocommissaris voor Sociale Zaken, Anna Diamantopoulou, de hele dag bezig om mensen te vertellen dat je haar naam niet uitsprak als Diamantópoulou of Diamantopóulou, maar Thiamantopóulou. Met de verkeerde dictie kwam je bij deze Griekse dame nooit weg. Net zoals de kussendrager van de Ethiopische keizer Haile Selassie altijd vooruit reisde om de hoogte van de stoelen op te meten, zodat de keizer niet kleiner zou lijken dan zijn gesprekspartners, zo probeerden Diamantopoulous medewerkers er altijd voor te zorgen dat degene die een toespraak van haar moest inleiden, van tevoren even de goede uitspraak kon oefenen.

Diamantopoulou is intussen terug naar Griekenland. Maar daarmee is het probleem de Commissie nog niet uit. Integendeel, door de uitbreiding van de Europese Unie met tien nieuwe landen, op 1 mei, zijn er alleen maar méér onuitsprekelijke namen bijgekomen. De nieuwe eurocommissaris uit Litouwen heet Dalia Grybauskaite. En hoe je de achternaam van haar Letse collega Sandra Kalniete precies uitspreekt, weten de meeste mensen ook nog niet. Áls ze het al ooit zullen weten. De naam van de Luxemburger Jacques Santer, die al vijf jaar geen voorzitter van de Europese Commissie meer is, blijft Brussel nog altijd in twee kampen verdelen. De meesten zeggen nog steeds, op zijn Frans, Santèr. Maar er zijn mensen die dat ogenblikkelijk corrigeren: het moet Sánter zijn, op zijn Duits, liefst nog met de S als Z uitgesproken.

Ook de Nederlandse commissaris Frits Bolkestein, die toch al bijna vijf jaar in Brussel zit, blijft voor linguistische verwarring zorgen. De keren dat zijn naam wordt gespeld als Bolkenstein zijn nog altijd niet te tellen. Maar ook met de uitspraak blijft het fout gaan: Bolkestain, Bolkeshtain, Bolkestien, Bolkeshtien. Dat kan leuk worden, als hij in november wordt opgevolgd door iemand als Neelie Smit-Cruise of Rick Vanderploek.

De meeste Nederlanders slagen er, als ze tenminste hun best doen, redelijk in om de meest exotische namen min of meer correct uit te spreken. Maar voor Spanjaarden of Britten is het geen lolletje. In het mei-nummer van E!Sharp, een Brits tijdschrift over de EU dat in Brussel wordt gemaakt, stelt een Britse journalist voor dat de pers voortaan bij benoemingen of toespraken niet alleen de naam van de persoon in kwestie krijgt, op papier, maar ook de fonetische versie daarvan. Eind maart was hij op dat idee gekomen, toen de Ierse premier Bertie Ahern – wiens functie overigens in het Iers Taoiseach heet (,,zoiets als Tea Shop, als je het snel uitspreekt'') – de benoeming van de nieuwe terrorisme-coördinator voor de EU wilde aankondigen. Voor mensen die de naam van deze coördinator niet kenden, schrijft deze journalist, leek het alsof hij van de maan kwam: ,,We wilden allemaal weten wat we moesten zeggen: Gaay, Gaajs, of wat?''

Ahern was kennelijk ook bang dat hij in de fout zou gaan. Dus had hij de naam fonetisch in zijn toespraak laten zetten. Toen die tekst later aan journalisten werd uitgedeeld, wisten zij eindelijk ook wat ze moesten zeggen: `Hays de Freeze'. Inderdaad, Gijs de Vries.

Toch is er voor De Vries geen man overboord als zijn naam verkeerd wordt gespeld of uitgesproken. Anders is dat, naar verluidt, voor een Griekse Commissiefunctionaris met de naam Markopouliotis. Mensen maken daar weleens per ongeluk Makropouliotis van, wat in het Grieks zoiets betekent als `grote lul'. Ook de Finse eurocommissaris Erkki Liikanen (Bedrijven en Informatiemaatschappij) wordt vaker beledigd dan hem lief is. Veel mensen vergeten namelijk de tweede i in zijn achternaam. Maar die i staat er niet voor niets: het woord `lika' betekent namelijk `viezigheid' in het Fins. `Likanen', dat daarvan is afgeleid, is `een beetje vies'. Op een dag, toen hij nog commissaris Personeelszaken was, staakte het Commissiepersoneel. De stakers droegen spandoeken met zich mee tegen `Likanen' zónder tweede i. De commissaris, volgens ingewijden een gevoelige man, registreerde het meteen. Hij mompelde namelijk: ,,Ik weet zeker dat ze het niet menen''.