Geheime locatie

De bekerfinale tussen Jong-Ajax en Jong-Feyenoord wordt op een geheime locatie gespeeld. De spelers krijgen pas in de bus te horen waar ze naar toe gaan. De KNVB wenst geen enkel risico te nemen. Pers en publiek worden niet toegelaten.

Het lijkt wel de interland Irak-Koeweit. Zou, voor alle zekerheid, op die geheime locatie toch niet beter het leger worden ingezet? Voor de kosten moet de KNVB het niet laten. Eén telefoontje naar Den Haag en Kamp kraait het uit: ,,Reken maar dat onze mariniers in de buurt van bal en man zullen zijn, in hun wildste vermomming.'' Kamp zelf wil er ook graag bij zijn. Eigenlijk heb ik in deze glimmende oliebol altijd al een materiaalman gezien, van Emmen.

Wedstrijd met gesloten deuren, op een geheime locatie, en daar bovenop een boete van dertigduizend euro, voor de KNVB is dan de kous af. Gemakzuchtig als ze zijn in Zeist. Ook Ajax zullen we niet meer horen mopperen. Die boete van dertigduizend euro wordt straks mede in de verkoop gegooid van Rafael van der Vaart, Maxwell en Ibrahimovic. Blijft er nog altijd een miljoen of tachtig over. En als die geschifte suikeroom van Chelsea het weer eens op zijn heupen krijgt misschien wel een miljoen of tweehonderd.

De tuchtcommissie van de KNVB is zoals de hele KNVB: een lachertje. De inrichtende macht van het Nederlandse voetbal gedraagt zich al jaren ongestraft als een Rotary-gezelschap. Hooggestemde idealen achter lege woorden, achter kak, dames en schransen. Dit alles in de sergeantenmoraal van Benk Korthals en Henk Kesler.

De finale tussen Jong-Ajax en Jong-Feyenoord had niet meer gespeeld mogen worden. Supporters van Ajax die het veld opkomen en spelers molesteren, is een brug te ver. De zogenaamde sanctie van de KNVB op deze verregaande aberratie is eigenlijk een uitnodiging om lekker door te gaan met de caprices van haat en vijandschap. Een no nonsense-figuur als Jorien van den Herik heeft dat goed begrepen. Maar juist hij wordt afgesnauwd door de cosmetische figurant Henk Kesler.

Marco van Basten zei dat hij nooit zoveel gekkigheid bij supporters had verwacht. Hij zei ook dat zijn spelers niet gestraft mogen worden voor de waanzin van agressieve warhoofden. Dat is iets te makkelijk. Niets treft supporters meer dan de nederlaag van hun geliefden. Wie een F-side wil raken, moet de nederlaag uitvergroten, tot op zijn minst een desastreus jaar. Weg titel, weg ontleende autoriteit, weg gehussel en gebussel met de `Schaal' tussen de benen. Want zo slim was de onverlaat Freud in zijn tijd al: alles speelt zich af in projectie tussen de benen. Een kampioenstitel al helemaal. Titelcastratie was het enige juiste antwoord geweest op het vandalisme van de Ajax-supporters.

Zeg dat maar eens tegen Henk Kesler.

Hij, de geroepene, om water en vuur te verzoenen, om zonder een testamentair standpunt te sterven, om alsmaar weer op de ereterrassen begroet te worden als de pauselijke nuntius van het Vaticaan. Om van alles en iedereen te zijn, behalve van Jorien van den Herik. Overigens, Jorien is ook niet consequent. Hij had Jong-Feyenoord nooit de finale tegen Jong-Ajax mogen laten spelen. Allicht schreeuwen de moraalridders van het Bush-gen dan: verzaking is buigen voor terreur. Ik heb wel eens gehoopt dat de oorlogshitser Kamp in een onbewaakt moment iets meer durfde te verzaken. Zoals ik ook van Marco van Basten graag had gehoord dat molestatie van de medemens geen uitzicht meer biedt op een titel of een schaal.

Tsja, je droomt wat weg in deze tijden.

Straks zijn alle incidenten, alle rellen, alle bloedsporen vergeten. De dag dat Nederland in Portugal aantreedt voor het EK is voetbal weer een nationalistisch sprookje. Met vlaggen en polonaise, met wansmaak en een mombakkes. De dag dat Nederland de finale speelt zal Willem-Alexander op de tribune zitten, misschien wel Beatrix, in ieder geval de stoethaspel zonder heupen, ene Jan Peter Balkenende.

Vergeten is een opdracht in de sport.

Zolang het nog kan, doe ik er niet aan mee. Ik zie nog steeds hoe Robin van Persie voor zijn leven naar de catacomben rende. Een jongen op de loop voor zijn gouden wreef, en zijn wellicht iets te grote mond.

Wat Kamp in Irak doet, moet hij weten. Maar ik wil Irak niet in huis halen. Al helemaal niet voor de armzalige triomf van een B-elftal.