`Frankrijk is eigenlijk jaloers op ons drugsbeleid'

De Haarlemse burgemeester Pop vindt dat het kabinet met een strengere aanpak van coffeeshops alleen probeert het buitenland te plezieren.

Tussen de gemeenten en het kabinet woedt al enige maanden een strijd. Net op het moment dat de gemeenten het coffeeshopbeleid, en vooral de bestrijding van de overlast, onder controle hadden, kwam het kabinet met de aankondiging dat het beleid moet worden aangescherpt. In de `cannabisbrief' van de ministers Hoogervorst (Volksgezondheid) en Donner (Justitie) stelde het kabinet dat ,,het huidige terugdringen van het verschijnsel coffeeshop moet worden voortgezet'', mede omdat de coffeeshops het Nederlandse drugsbeleid internationaal ,,in diskrediet'' dreigen te brengen.

Het kabinet vergeet daarbij dat de coffeeshops, misschien uitgezonderd van enkele plaatsen langs de grenzen, vrijwel geen overlast veroorzaken, zegt de Haarlemse burgemeester Jaap Pop (PvdA), voorzitter van de commissie Veiligheid van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). ,,Het aantal coffeeshops is minder geworden, we hebben een heel instrumentarium ontwikkeld waardoor we bijvoorbeeld panden kunnen sluiten waar gedeald wordt. We hebben onlangs een enquête gehouden onder de gemeenten. Daaruit blijkt dat er geen problemen zijn rond de coffeeshops. Dan vind ik het jammer dat het kabinet van de gemeenten een strengere aanpak wil. Probeer het internationaal beter uit te leggen.''

Het coffeeshopbeleid is zo streng dat eigenaren stellen dat gewone cafés veel meer overlast veroorzaken.

,,Het is een feit dat coffeeshops minder onveiligheid veroorzaken, bijvoorbeeld omdat ze geen alcohol mogen verkopen. We hebben heel strenge regels voor de locatie van een coffeeshop, de controles en de voorwaarden. Af en toe moeten we sancties toepassen in de horeca. Het is maar zelden dat daar een coffeeshop bij zit. Regelmatig is het een café dat de mist in gaat. De coffeeshops hier in Haarlem worden twee keer per jaar onverwacht gecontroleerd. Het gaat zelden mis.''

De VNG vindt dat het kabinet niet-bestaande problemen aanpakt. Wat zit er achter het kabinetsbeleid?

,,Je zou kunnen zeggen dat die brief is geschreven voor de Tweede Kamer. En hij is heel snel in het Engels, Duits en Frans vertaald. Misschien was het beter geweest als die brief alleen maar in het buitenlands was geschreven. De gemeenten kijken vanuit hun lokale verantwoordelijkheid naar het drugsbeleid. Het rijk heeft ook nog andere verantwoordelijkheden, nationaal en internationaal. Daar hebben wij begrip voor, maar is het dan nodig om nu plotseling het beleid aan te pakken als er geen problemen zijn?

,,Ik heb het idee dat de beeldvorming meer een rol speelt dan de feiten. Ik verwijs naar de cijfers: in Frankrijk gebruiken beduidend meer mensen cannabis dan in Nederland. Dat is de werkelijkheid. Maar het kabinet wil met deze aanscherping laten zien dat Nederland zich goed aan de internationale regels houdt. Het EU-voorzitterschap komt eraan, dat speelt een rol. In Frankrijk heeft men donders goed door dat wij meer succes hebben met ons drugsbeleid. Je hoort dat de Fransen er zelfs jaloers op zijn, maar dat zij internationaal-politiek moeten zeggen dat Nederland het drugsbeleid moet aanscherpen.

,,Nederland heeft een veel beter verhaal. Neem de 100-procentscontroles op Schiphol. Er komt niemand meer binnen met cocaïne, dat helpt geweldig. Dat doet het kabinet uitstekend.''

In steeds meer gemeenten wordt gepleit voor een regeling voor de `achterdeur' van de coffeeshop. Is de VNG daar voorstander van?

,,Het enige probleem dat er nog is rond coffeeshops is de achterdeur, de aanvoer en de productie van cannabis. Daar is de georganiseerde criminaliteit op gesprongen, je ziet het aan de wietplantages in de steden. Dat is onacceptabel. De VNG vindt dat dat probleem moet worden opgelost. Je moet naar een regulering toe van de productie op plaatsen waar het mag, niet in flats. Je moet de kwaliteit kunnen controleren. Vergelijk het met de markt voor alcohol.''

In het huidige politieke klimaat gaat het eerder de andere kant op.

,,Als je nog meer eisen stelt aan coffeeshops, en ze wilt sluiten, krijg je meer illegale verkoop vanaf de scooter, de wiettax. Er zal meer bij scholen om de hoek een kofferbak opengaan. Dan vervalt de scheiding met harddrugs, dan krijg je weer die handelaren die zeggen: ik heb ook nog wel wat anders in de kofferbak zitten. Als je de minimale afstand tussen coffeeshops en scholen gaat veranderen, moet in de binnensteden de helft van alle coffeeshops dicht. Ik verwacht daar alleen maar negatieve effecten van. Meer overlast, meer illegaliteit, meer politietoezicht, meer harddrugs en volksgezondheidsproblemen.''

Onlangs vroeg de president van de Haarlemse rechtbank, Frits Bakker, zich af of het zinvol was om te blijven proberen het drugsprobleem langs strafrechtelijke weg op te lossen. En of je al die politie- en justitiecapaciteit wel moet blijven inzetten.

,,Het percentage drugsgerelateerde misdaad is heel hoog. Voor een zo ruim verspreid fenomeen als cannabis is het strafrecht geen middel om te reguleren. Dat kan helemaal niet.''

Vindt u dat het probleem van de coffeeshops wordt overschat?

,,Driekwart van de Nederlandse gemeenten heeft helemaal geen coffeeshop. Er zijn er zo'n zevenhonderd, waarvan de helft in de vier grote steden. Coffeeshops vormen geen probleem.''

In Nederland wordt vaak gezegd dat het een kwestie van tijd is voordat de rest van de wereld inziet dat je de productie, de handel en het gebruik van drugs beter kunt reguleren in plaats van verbieden.

,,Ik denk dat dat reëel is. Maar je kunt zo'n internationaal vertakt bedrijf als de drugswereld niet in je eentje legaal maken. Afbouwen van ons coffeeshopbeleid lijkt me niet reëel. Dat zie ik niet gebeuren. Ik denk eerder dat de rest van Europa steeds meer ons voorbeeld zal volgen dan omgekeerd. En dat gebeurt al. Men krijgt begrip voor deze genuanceerde omgang met een probleem dat nog niet kan worden opgelost. Maar op het gebied van volksgezondheid en overlast kun je het wel goed reguleren. Mogelijk dat in een volgende fase de legalisering op Europees niveau bespreekbaar wordt.''