Ervaren chirurg kan dikkedarmkanker via sleutelgat weghalen

Kanker van de dikke darm moet geopereerd worden, maar het is niet altijd nodig om daarvoor grote wonden in de buik te maken. Minimaal invasieve laparoscopische ingrepen, ook wel sleutelgatoperaties genoemd, vormen een effectief en patiëntvriendelijk alternatief. Voorwaarde is wel dat ze worden uitgevoerd door een ervaren chirurg en dat andere organen in de buikholte nog niet door tumor zijn aangetast. Het belangrijkste voordeel is dat de `kleine' operatie minder belastend is voor de patiënt, die daardoor sneller en gaver het ziekenhuis uitkomt (New England Journal of Medicine, 13 mei).

Ooit gold in de chirurgie het adagium dat een groot chirurg grote wonden maakt. Dit beeld wankelt. Steeds meer chirurgen opereren met de veel subtielere sleutelgattechniek. Bij een laparoscopische operatie voor dikkedarmkanker worden dan drie sneetjes van pakweg een centimeter en één wat grotere van vijf centimeter in de buikholte gemaakt. Twee daarvan zijn nodig om de chirurgische instrumenten in te brengen. Eén is nodig voor een miniatuur videocamera, die de chirurg het zicht moet geven op wat hij doet. De grotere snee dient om het deel van de door tumor aangetaste darm uit de buikholte te kunnen halen, de tumor eruit te snijden en de gezonde uiteinden weer aan elkaar te hechten.

Of deze benadering beter is dan de klassieke, waarvoor sneden van 15 tot 20 centimeter nodig zijn, is de afgelopen zeven jaar onderzocht onder bijna 900 patiënten in 48 medische centra in de VS en Canada. Aanleiding voor het onderzoek waren berichten uit het begin van de jaren negentig dat patiënten die de sleutelgatoperatie hadden ondergaan een grotere kans op een nieuwe uitbraak van de darmkanker zouden hebben. Daarnaast bestond de vrees dat eventuele uitzaaiingen eerder onopgemerkt blijven. En dat de manipulaties met de micro-apparatuur onbedoeld kankercellen uit een tumor kunnen losmaken en zo zouden bijdragen aan een heropleving van de ziekte.

Het onderzoek neemt die vrees weg. De patiënten werden ingedeeld in twee groepen waarvan de ene de grote operatie kreeg en de andere de sleutelgatoperatie. De onderzoekers vonden slechts minimale verschillen als het ging om het opnieuw optreden van dikkedarmkanker en het ontstaan van complicaties. Drie jaar na de operatie was in beide groepen zo'n 85 procent van de patiënten nog in leven. De patiënten lagen na een sleutelgatoperatie gemiddeld een dag korter in het ziekenhuis en hadden ook minder pijnstilling nodig. De chirurgen die aan de studie deelnamen waren wel van tevoren geselecteerd op de ervaring die ze al met de sleutelgatoperatie hadden. Volgens onderzoeksleidster dr. Heidi Nelson van de Mayo Clinic in Minnesota gebeurde dit omdat de operatie specifieke chirurgische vaardigheden vergt. Chirurgen die de noodzakelijke ervaring niet hebben doen er volgens haar dan ook goed aan om klassiek te opereren.