Ook moslims heb je in soorten

Op sommige dagen is de halve krant gevuld met i-woorden: immigratie, illegalen, inburgering, Irak, imams en islam. Hoofddoekjes, eerwraak, homohaat, moslimscholen, vrouwenbesnijdenis, fundamentalisme en terrorisme – steeds draait het om de verhouding van het Westen tot de islam.

Helemaal nieuw is het thema niet. Tot 1949 bestond de meerderheid van de inwoners van het Koninkrijk der Nederlanden uit moslims. Door de onafhankelijkheid van Indonesië verdween de islam even achter de horizon, maar dankzij de immigratie van Turken en Marokkanen werd de kennismaking hernieuwd. Dat de islam de laatste tijd zo in de belangstelling staat, danken we aan het wereldwijde moslim-extremisme.

Daarmee is ook het probleem voor de journalistiek aangegeven, want nu loopt alles door elkaar: het Nederlandse integratiedebat, de vrijheid van onderwijs, de strijd tegen het terrorisme, de hoofddoekjes van moslima's, de militaire betrokkenheid bij Irak en nog veel meer. Bij elkaar zoveel dat de hoofdredactie van deze krant het thema `moslims ' anderhalf jaar geleden hoog op de journalistieke agenda zette. Dat heeft effect gehad.

Het eerste wat bij het terugbladeren in de krant van de laatste maanden opvalt, is dat het thema zo'n aanzuigende kracht heeft. Er is een continue stroom berichten over aanslagen in telkens weer een ander land, overal bestaan zorgen over radicale imams en dagelijks zijn er nieuwe gewelddaden in Irak. Zo ontstaat een gevoel van permanente bedreiging.

Op 17 april meldde NRC Handelsblad dat de terreur van moslimextremisten wereldwijd 7.085 levens had geëist. Ondertussen kwamen elders in de wereld tienduizenden om door andersoortig geweld of door honger, maar de internationale nieuwsagenda wordt gedomineerd door de oorlog van president Bush en zijn coalitie. Dat het aantal aanslagen sinds de oorlog in Irak drastisch is toegenomen, werd met een mooie grafiek geïllustreerd. Wat hier oorzaak en gevolg is, blijft speculeren.

Correspondenten van NRC Handelsblad hebben de ontwikkelingen vanuit zeer verschillende invalshoeken beschreven. Telkens blijkt weer hoeveel varianten er binnen de wereld van de islam bestaan. Het geweld in Thailand is geworteld in langdurige discriminatie van moslims. De strijd tussen christenen en moslims op de Molukken is opgelaaid na een demonstratie voor een vrije republiek – een ideaal dat ook door Molukkers in Nederland wordt hooggehouden. Ook in de Palestijnse gebieden is het verzet meer regionaal dan internationaal. Al kan overal – zelfs in het naar de mystiek neigende oostelijk Afrika – een voedingsbodem ontstaan voor Al-Qaeda.

Dankzij al die reportages maken we niet alleen kennis met terroristen, maar ook met moslims die strijden voor meer vrijheid. De meerderheid van de Indonesische moslims is niet fundamentalistisch en in Algerije en Syrië leven ook moslims die weet hebben van mensenrechten. Omgekeerd lezen we in een reportage over het Palestijnse vraagstuk hoe sterk de coalitie is tussen Armageddon-christenen in Amerika en joodse fundamentalisten in Israël.

Ook in het Nederlandse nieuws weet de redactie schakering aan te brengen. Natuurlijk bericht de krant uitvoerig over het AIVD-rapport dat waarschuwt voor aanslagen in Nederland of over het islamitische boek dat oproept tot homohaat. Maar de bijna een miljoen moslims in Nederland worden niet over één kam geschoren.

Steeds vaker komen immigranten, moslims en niet-moslims, zelf aan het woord, ook in deze krant – en dan blijkt de variëteit. Marokkaanse en Turkse vrouwen vertellen hoe ze mishandeld werden door hun mannen. Twee moslims gaan in discussie over een islamitische `lesplaats' binnen een christelijke school. Turkse politici op bezoek in Nederland dringen aan op verzoening tussen Nederlandse moslims en hun seculiere omgeving. Vertegenwoordigers van moslimorganisaties spreken zich uit tegen ronselpraktijken voor de jihad. Architecten van Turkse en Marokkaanse komaf pleiten voor een meer westerse moskeebouw. Op de Opiniepagina verschijnen stukken van half of geheel ingeburgerde immigranten.

Het debat over de multiculturele samenleving krijgt door die binnen- en buitenlandse stemmen nieuwe impulsen. Even leken VVD'ers als Ayaan Hirsi Ali en Geert Wilders het toneel te domineren, nu klinken overal tegengeluiden. Zo interviewde deze krant politici die nog positieve kanten aan het multiculturalisme zien. Naast verhalen van en over neoconservatieven die de islam bestrijden in naam van de Verlichting lezen we interviews met en recensies over auteurs die `transculturele' uitwisseling voorstaan.

NRC Handelsblad lijkt consequent te zoeken naar tegenspraak. Terwijl columnist Afshin Ellian waarschuwt tegen Europese afzijdigheid in Irak, wijst de Franse wetenschapper Olivier Roy er op dat radicale moslims hun ideeën deels aan het Westen ontlenen en dat de oorlog in Irak contraproductief is. Terwijl VVD-politici vragen om een verbod van foute boeken en moskeeën, dringt de hoofdredactionele commentator aan op `jacobijns liberalisme'.

Als het bij dat alles ook niet ging om zoiets ernstigs als terroristische dreiging, zou je bijna genieten van een zo levendig debat. Wat mij betreft zou de krant nog meer immigranten – moslim of niet – mogen uitdagen aan dat debat deel te nemen. Dat kan helpen om het isolement te doorbreken van gematigde moslims – misschien wel NRC Handelsblad-lezers – die door alle negatieve publiciteit in hun schulp zijn gekropen, maar tegelijk om meer zicht te krijgen op de radicale stromingen die ook hier bestaan.

Piet Hagen, oud-hoofdredacteur van `De Journalist', blikt eens in de veertien dagen kritisch terug op de berichtgeving in NRC Handelsblad. Alle eerdere bijdragen op www.nrc.nl/krantachteraf

    • Piet Hagen