Dichter die niet hield van drama

Hij was meer dan een halve eeuw politiek actief, maar in zijn hart is hij een dichter en zijn grootste passies zijn literatuur en muziek. Daarom misschien komt de verkiezingsnederlaag die de gisteren meteen afgetreden premier Atal Bihari Vajpayee (57) heeft moeten incasseren, niet alleen als een grote schok maar ook als een verlossing. De afgelopen jaren kampte hij met gezondheidsproblemen en drie jaar geleden nog dreigde hij op te stappen als premier na kritiek en beschuldigingen van corruptie. Ooit zei hij in het parlement, in navolging van de goddelijke koning Rama: ,,Ik ben niet bang voor de dood, als ik al ergens bang voor ben. Maar een slechte naam vind ik onverdraaglijk.''

Dat citaat typeert een man die niet alleen bekend staat om zijn integriteit en soberheid, maar met zijn charisma en aimabele uitstraling ook tot grote populariteit steeg onder miljoenen Indiërs. Premier Nehru, de vader van Sonia Gandhi's vermoorde schoonmoeder, wees hem ooit aan als een veelbelovend politicus die in de gaten gehouden moest worden. Volgens analisten was Vajpayee de populairste Indiase premier sinds Nehru.

Vajpayee werd op 25 december 1926 geboren als kind van een schoolmeester in Gwalior, 350 kilometer ten zuiden van New Delhi. In zijn studietijd leerde hij de hoogleraar B.N. Kaul kennen. Zij raakten zo aan elkaar gehecht dat Vajpayee introk bij Kauls familie. Die nauwe `familieband' met de Kauls bestaat nog steeds; zelf is Vajpayee zijn levenlang vrijgezel gebleven.

In de jaren vijftig werd hij politiek actief, eerst als journalist bij het blad van de beweging van `hindoe-vrijwilligers' RSS en later als leider van zijn eigen politieke partij, een voorloper van de huidige BJP. Sinds 1957 werd hij in het parlement gekozen, maar pas vanaf de verkiezingen in 1999 begon de BJP met een stormachtige groei, profiterend van een groeiende klasse van kleine zelfstandigen.

Vajpayee is wel het `gematigd' gezicht genoemd van de BJP, ter onderscheiding van de invloedrijke rechtervleugel die een confronterend hindoe-nationalisme predikt. Zelf heeft hij in het verleden ook veel moslimstemmen getrokken. Voor Vajpayee is het `hindoe-zijn' (Hindutva) meer een culturele kwestie dan een politieke strijdpunt. Maar critici nemen het hem kwalijk dat hij nooit openlijk stelling heeft genomen tegen de vernielers van de Ayodhya-moskee en de aanstichters van religieus geweld in Gujarat.

Na zijn dreigende aftreden in 2001 maakte Vajpayee een ongekende `doorstart' die de BJP tot nieuwe hoogten leek op te zwepen. Met een economische rugwind van zo'n 8 procent groei en met afgelopen december nog met overmacht gewonnen verkiezingen in drie deelstaten, leek er nog maar meer succes te volgen. Tot gisteren. Welvaart is mooi, maar die moet wel evenwichtig worden verdeeld, hebben de kiezers geoordeeld. De dichter Vajpayee heeft nu onverwachts tijd genoeg om daar over na te denken.