Vaart keert terug in economie

Een kwartaalvergelijking van de bbp-cijfers over het eerste kwartaal onderstreept dat de vaart weer een beetje terug is in de Nederlandse economie. Maar wat betekenen deze groeicijfers voor heel 2004?

Is het eindelijk zo ver? Het Centraal Bureau voor de Statistiek berichtte vanmorgen dat de Nederlandse economie met 0,8 procent groeide ten opzichte van het eerste kwartaal van vorig jaar. Dat is eerste groei op jaarbasis sinds anderhalf jaar geleden, maar de groei is nog steeds bescheiden.

Om het momentum van de economie beter in te kunnen schatten moet worden gekeken naar kwartaalcijfers. Daaruit blijkt dat het omslagpunt al aan het einde van de zomer van vorig jaar kwam. Na een nulgroei in het derde kwartaal, die volgde op drie kwartalen van krimp, maakte de economie een sprongetje van 0,5 procent op kwartaalbasis in het vierde kwartaal. In het eerste kwartaal van dit jaar, zo bleek vanmorgen, wordt het momentum bevestigd. De groei van 0,4 procent die werd gerapporteerd is wat hoger dan de 0,3 procent die analisten gemiddeld verwachtten.

Amerikanen zouden er een nóg ander cijfer van maken. Zij publiceren de kwartaalgroei alsof die zich een jaar lang zou hebben voorgedaan. Zo bezien groeide de Nederlandse economie in het derde kwartaal van vorig jaar met 0 procent, in het vierde kwartaal met 2 procent en in het eerste kwartaal van dit jaar met 1,6 procent.

De overgang van jaargroei naar kwartaalgroei is al lastig genoeg en projectie van kwartaal- naar jaarbasis is in Europa nog niet gangbaar. Maar internationaal worden simpele kwartaalvergelijkingen wel steeds belangrijker. Het CBS verschaft ze op verzoek.

Op kwartaalbasis dan maar? Daar gaan we. De Nederlandse consument, de belangrijkste factor in de telling van het bruto binnenlands product (bbp) gaf in het eerste kwartaal voor het eerst sinds tijden weer méér uit. De volumegroei van de consumptieve bestedingen van huishoudens steeg met 0,2 procent ten opzichte van het vierde kwartaal van 2003. Dat is nog steeds niet veel, maar wel een belangrijk lichtpunt. De overheidsbestedingen krompen al in het eerste kwartaal, met een forse 0,8 procent en het is niet te verwachten dat aan die krimp snel een einde komt. De bezuinigingen komen nu pas goed aan, en lopen nog wel even.

Omdat de uitvoer minder snel terugliep dan de invoer, resulteert uit de externe handel een positief effect voor de groei. Belangrijk is ook dat de voorraden werden afgebouwd, en 0,4 procent afnamen. Dat ging in het eerste kwartaal ten koste van de groei, maar belooft veel voor de komende kwartalen.

Zijn er voor heel 2004 al conclusies te trekken uit de cijfers van vanmorgen? Daarvoor is het internationale klimaat veel te onzeker. Met name de oplopende olieprijs, die in de VS al hardnekkig boven de 40 dollar per vat ligt, kan roet in het eten gooien. Maar vaststaat dat een goed vierde kwartaal, waarin het CBS de kwartaalgroei opwaarts herzag naar 0,5 procent, en een gunstig eerste kwartaal er wel voor zorgen dat de Nederlandse economie met de nodige vaart het jaar is begonnen.

Tot nu toe werden de prognoses voor Nederland in heel 2004 stelselmatig verlaagd. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) kwam vorige maand niet verder dan een prognose van 0,9 procent groei in het hele jaar, en dat is zo'n beetje de consensus. Maar de kracht van de cijfers van vanmorgen kan dat veranderen. De zakenbank Morgan Stanley liet vanmorgen als eerste weten haar prognoses wellicht opwaarts te verhogen. Dat heeft niet alleen met Nederland zelf te maken. Heel de eurozone liet vanmorgen en de afgelopen dagen gunstige cijfers zien: een kwartaalgroei van 0,4 procent voor Duitsland en Italië in het eerste kwartaal, 0,6 procent in België en Spanje, en een verrassende 0,8 procent in Frankrijk. Nederland loopt zo bezien nog altijd achter bij het eurogemiddelde. Maar los daarvan lijkt het toch nog een beetje zomer te worden in euroland.