Na de boete volgt de bekentenis

Nu de bouw miljoenenboetes heeft geïncasseerd en `vrijwillig' meer belastend materiaal heeft vrijgegeven, is het tijd voor excuses en zelfreflectie. Dura Vermeer doet als eerste zijn relaas. ,,Collega's verklikken is echt nieuw voor ons.''

Dick van Well en Ton Nelissen, bestuurders van bouwbedrijf Dura Vermeer, gebruiken graag vergelijkingen. Als je je billen brandt, komen er blaren, zeggen ze over de miljoenenboetes die de bouwsector nu boven het hoofd hangen. En: als je door 's nachts door een rood stoplicht rijdt, hoef je 's ochtends echt niet bij omwonenden aan te bellen om je excuses aan te bieden. ,,Daarmee wil ik niet goed praten dat ik door rood ben gereden.''

Die laatste debiteert Van Well, bestuursvoorzitter van een van Nederlands grootste bouwconcerns Dura Vermeer, om aan te geven dat Nederlanders soms iets doet wat volgens de wet niet mag, maar dat anderen niet direct schaadt. Zo ziet de bouwer het jarenlange vooroverleg tussen bouwers en prijsafspraken die de leden van het kartel maakten. Goed, die afspraken waren illegaal, inderdaad werd de mededingingswet overtreden, maar niemand werd er slechter van. Stelt hij.

Toch steken Van Well en Nelissen (tevens bestuurder bij de bouwbrancheorganisaties BouwNed en AVBB) de hand dieper in eigen boezem dan welke bouwer dan ook sinds de bouwfraude in 2001 bekend werd. Waarom doen zij dat? Beeldvorming is belangrijk voor een bouwer die afhankelijk is van door anderen verstrekte bouwopdrachten. En de overheid, veruit de grootste opdrachtgever, kijkt nog steeds met een schuin oog naar de sector.

Van Well wil graag excuses aanbieden voor het overtreden van de wet. Maar met deze kanttekening: de kartelafspraken hebben de prijzen niet opgedreven, vindt hij. De BV Nederland is naar zijn zeggen niet benadeeld door de bouwfraude.

Dura Vermeer, in 1998 gefuseerd, behoort zowel qua omzet – zo'n miljard euro per jaar – als aantal personeelsleden tot de tien grootste bouwers van het land. Het bedrijf bouwt zowel kantoren als huizen, wegen en bruggen en is betrokken bij grote infrastructurele projecten als de HSL, de Betuwelijn en de Amsterdamse Noord-Zuidmetrolijn. Deze week maakte Dura Vermeer bekend verlies te lijden: 5,8 miljoen euro negatief over 2003. Nogal een klap voor een bedrijf waarvan de geschiedenis van een van de bedrijfsonderdelen volgend jaar 150 jaar teruggaat en in al die tijd slechts incidenteel verlies leed. Het werd grotendeels veroorzaakt door de boete die kartelautoriteit NMa in december oplegde: 11,6 miljoen, een bedrag vergelijkbaar met de `normale' winst per jaar. Het bedrijf heeft het laatste jaar vierhonderd werknemers moeten ontslaan, ruim 10 procent van het totaal. De overheid is terughoudender geworden en er wordt door de teruglopende economie simpelweg minder gebouwd.

De vooruitzichten zijn niet florissant. Vorige week maakte de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) bekend dat vierhonderd bouwbedrijven de afgelopen weken inzicht hebben gegeven in de afspraken die ze maakten en in hun schaduwboekhoudingen. Bouwbedrijven deden dit niet vrijwillig: als alsnog zou blijken dat ze zich aan illegale praktijken schuldig hadden gemaakt, volgt uitsluiting van overheidsopdrachten – en de overheid is in Nederland veruit de grootste opdrachtgever. Daar stond tegenover, dat de informatie die ze aan de NMa hebben gegeven, niet (op een enkele uitzondering na) door justitie mag worden gebruikt om ze te vervolgen. De uitkomst van dit duivelse dilemma? Een gegarandeerde boete.

Bij boete doen, hoort eerlijkheid. Van Well kwam eerder dit jaar in opspraak omdat hij zelf persoonlijk betrokken zou zijn geweest bij de vooroverleggen. ,,Nagenoeg iedere bouwbestuurder van nu die door de rangen heen gegroeid is, heeft er óf zelf mee te maken gehad óf had er weet van. Ik ben 31 jaar in dienst van dit bedrijf, en ergens in mijn carrière kwam ik dit tegen.''

Nelissen: ,,Voor mij geldt hetzelfde.''

Vooroverleg en prijsafspraken waren als sinds 1992 verboden. Waarom duurde het tot nu voordat iemand iets zei?

Van Well: ,,De bedrijfstak is al die tijd behoorlijk gesloten gebleven. Voor ons was het onduidelijk welke consequenties er aan praten zaten. Dat zou natuurlijk gevolgen hebben voor ondernemingen en personeel. Laten we duidelijk zijn: onze eerste verantwoordelijkheid is de 3.600 gezinnen die van dit bedrijf leven. Maar het normbesef dat hoorde bij het bedrijfsleven, waarvan we de illusie hadden dat het maatschappelijk geaccepteerd was, blijkt nu anders te zijn. De onderlinge band met bouwers was sterker dan de band met de buitenwereld.''

Nelissen: ,,Het lag niet op het pad van de individuele ondernemer om marktbrede zaken te regelen...''

Van Well: ,,...het overhandigen van stukken aan de NMa, eigenlijk het verklikken van je collega's, dat is een enorme cultuuromslag in de sector geweest. Als je vandaag terug kijkt, hadden we toen moeten zeggen: en nu is het afgelopen. Maar goed, dat is terugkijken, een koe in de kont, en dat is over het algemeen geen prettig gezicht.''

Waarom heeft u niet in ieder geval intern actie ondernomen?

,,In 1992 en 1996 heeft een groep bedrijven geprobeerd het systeem te beëindigen. We hebben het vooroverleg een aantal maanden genegeerd. Uiteindelijk is het niet gelukt. Op het moment dat jij als bouwer uit het systeem stapt, kan de rest het gewoon blijven regelen. De afspraken worden alleen maar gemaakt onder de partijen die meedoen met dat overleg bij aanbestedingen. Gevolg: je neemt dan gewoon geen werk aan.''

,,Je moet begrijpen dat toen dit speelde begin jaren negentig, meneer Lubbers voorop liep om in Brussel te verdedigen dat het Nederlandse systeem doorgezet moest worden. Het zat in de sfeer dat het niet echt strafbaar was. Bouwers hebben toen echt niet geleefd met het idee elke week eens lekker een paar economische delicten te plegen. We waren bezig met risicomanagement, continuiteit van de onderneming en het bezighouden van personeel.''

Nelissen: ,,Het was toen absoluut een andere wereld dan nu. Wij waren bezig met het runnen van de winkel.''

Maar u was op de hoogte van de wetgeving. U wist dat het niet toegestaan was wat u onderling afsprak.

Van Well kiest zijn woorden zorgvuldig: ,,Wij hadden inderdaad niet geprobeerd te stoppen in 1992 en 1996 als wij niet hadden beseft dat de regelgeving niet op ons handelen aansloot.''

De bouwsector is sinds 2001 ingeklemd tussen verschillende onderzoeken. Naast de nog steeds voortdurende onderzoeken van kartelautoriteit NMa doet ook justitie onderzoek. Later dit jaar worden voor de rechtbank in Rotterdam gedurende wekenlange processen ambtenaren en werknemers van bouwbedrijven over mogelijke corruptie verhoord. Ten slotte heeft een parlementaire enquêtecommissie onderzoek gedaan naar de bouwsector.

Daar werd in september 2002 ook een Dura Vermeer-werknemer verhoord. De man, P. Groen, introduceerde daar toen tijdens een twee uur durend gesprek het begrip `pepernotengeld'. Daarmee wilde hij aangeven dat bouwbedrijven elkaar niet daadwerkelijk met `echt' geld beloonden voor gemaakte afspraken, maar dat met behulp van fictieve bedragen bepaald werd welke onderneming in aanmerking kwam voor een nieuwe bouwopdracht. Daarmee was volgens Groen, en hij wordt daar tot op heden in bevestigd door andere bouwers, duidelijk dat bouwers de prijs niet ophoogden en de overheid dus niet benadeeld was.

Bestuurders Van Well en Nelissen, zijn bovengeschikten, zijn het met deze lezing eens. Het blijft onduidelijk of, en zo ja voor hoeveel, de overheid te veel heeft betaald. Ook de parlementaire enquêtecommissie was hier voorzichtig mee. Wel stelde zij vast dat de prijzen van een selectie aan mislukte aanbestedingen gemiddeld 8,8 procent gestegen waren. Op basis van onderzoek van Amerikaanse kartelautoriteiten wordt algemeen uitgegaan van een prijsstijging van 10 procent. Het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid bestrijdt deze cijfers. De NMa doet geen uitspraak over benadeling van opdrachtgevers, hoeft alleen te constateren of de mededingingswetgeving is overtreden. Pas bij toekomstige processen van claimende partijen (zoals bijvoorbeeld gemeenten) wordt door de rechter uitspraak gedaan over de mate van benadeling.

Volgens de bouwsector zijn opdrachtgevers niet benadeeld. Groen, Van Well en Nelissen zeggen dat unisono. Maar Groen en zijn bazen zijn het nu, twee jaar later, niet overal over eens. ,Het is erg jammer dat het afgelopen is'', verzuchtte Groen tijdens zijn verhoor over het einde van de bouwkartels. Prijsafspraken en vooroverleg waren volgens hem juist goed voor de werkgelegenheid, voor ,,het claimen van werk op het moment dat het je uitkomt''. Groen was ,,trots op de branche'', zei hij toen. Nu zegt Van Well: ,,Ik schiet niks op met het kijken naar het verleden, al of niet met spijt.Maar tegelijkertijd moeten wij afrekenen met dat verleden. Als we helemaal opnieuw konden beginnen, dan had ik het natuurlijk niet gedaan. Had me op z'n minst 11,5 miljoen euro aan boete gescheeld, plus een paar miljoen aan extra kosten...''

Nelissen: ,,...en we hadden de afgelopen maanden beter geslapen.''

Van Well: ,,Want hiervoor waren we niet opgeleid. Ik heb geen probleem met sorry zeggen. Alleen: tegen wie? Ik zou kunnen zeggen tegen de Nederlandse samenleving: sorry dat dit met onze bedrijfstak gebeurd is. Als ik terugkijk, denk ik: `ja, Van Well, met de wetenschap van vandaag zou ik dat anders gedaan hebben.' Dat betekent dus dat ik er spijt van heb en lering uit getrokken heb.''

Nelissen: ,,Maar excuses aanbieden aan de individuele overbuurman hier voor de schade die hij helemaal niet gehad heeft? Nee.''

Van Well: ,,In 2001 heb ik meteen het managementteam bij elkaar geroepen en onmiddellijk gezegd: mensen, wij staan achter jullie wat betreft dat wat er in het verleden gebeurd is. Maar het is wel nu afgelopen. Anders vlieg je eruit. Als iemand nu dit nog doet, moet hij de zak krijgen. Op staande voet. Wegwezen. Als je nu nog mededingingsregels overtreedt, moet je gelijk vertrekken. We hebben een interne gedragscode ingevoerd en werken aan een klokkenluidersregeling.''

U wilt graag het imago van de sector verbeteren. Hoe staat het eigenlijk in uw ogen met de beeldvorming?

Nelissen: ,,Reputatie is perceptie. Onze reputatie is nu zwaar beschadigd.''

Van Well: ,,De bouwnijverheid was toch al vaak onderwerp van gesprek. Dat ging dan over een lekkend dak en scheefstaande keukens. Nu worden onze mensen op nog veel meer aangesproken. Maar ik ben niet met onze klanten naar de hoeren geweest. En ik heb geen steekpenningen betaald. Dat keur ik sterk af.''

Mededingingsautoriteit NMa heeft de afgelopen weken honderden meldingen van bouwbedrijven gekregen van overtredingen van de mededingingswet. Nelissens bouwbrancheorganisatie AVBB hoopt dat snel duidelijkheid komt over de afhandeling. Dura Vermeer zegt alles nagegaan te zijn: wie er bij welke vooroverleggen aanwezig waren, wat afgesproken is, wie wat kreeg. Volgens de NMa hebben sommige bouwers zoveel informatie aangeleverd dat het in verhuisdozen op steekwagens werd binnengebracht. ,,De NMa heeft nu gigantisch veel informatie, die wij zelf ter beschikking hebben gesteld'', zegt Van Well.

Maar wat daarmee te doen? Nelissen: ,,Wij vinden het heel belangrijk dat de NMa de overtuiging krijgt dat het een sectorbrede problematiek is en was. Dat vraagt om een intensief overleg met de bouw over hoe we hier uit komen. Dat kun je niet doen door al die individuele bedrijven boetes op te leggen. Als de NMa alle dossiers gaat nakijken zoals dat met onze tot nu toe opgelegde boete gedaan is, maak je de sector kapot.''

Van Well: ,,Van de 22 bedrijven die in december in totaal 100 miljoen boete hebben gekregen, zijn wij relatief het zwaarst getroffen. We moeten ongeveer onze hele jaarwinst betalen. Als dit een branchebrede activiteit geweest is, vind ik dat de boetes een afspiegeling moeten zijn van de totale branche. Niet dat de één gigantisch hoge boetes krijgt, en de ander nul. Ik weet niet of het bij het instrumentarium van de NMa past, maar een collectieve regeling voor de bedrijfstak is vast mogelijk. De NMa moet met enige creativiteit naar de eigen regels kijken. Die zijn vast niet ontworpen met de gedachte dat er ooit zó'n omvangrijk dossier op tafel zou komen.''

NMa-directeur generaal Kalbfleisch heeft vorige week nog nadrukkelijk gezegd dat hij geen generaal pardon kan aanbieden.

Tegelijk: ,,Nee, nee, nee.''

Van Well: ,,Geen generaal pardon. De bedrijfstak komt niet weg zonder boete. Met de huidige regelgeving en maatschappelijke opvattingen heb ik daar ook alle begrip voor. Als Nederlander, niet als aanvoerder van een grote bouwonderneming, zeg ik: als wij met z'n allen afspreken dat iets niet mag, en je wordt ervoor gepakt... dan moet je boete doen.''

Wat zou u een redelijke boete voor Dura Vermeer vinden?

Van Well: ,,Ik vind onze boete overdreven zwaar. In de zaak van de Schiphol-Acht is de boete gemaximeerd op tien procent van de omzet die we met deze bouwprojecten behaalden. Als de NMa dat met alle zaken doet waarover we gegevens geleverd hebben, zijn we weg.''

Nelissen: ,,Als je nu naar onze cijfers kijkt, zie je dat elke boete pijn zou hebben gedaan.''

Van Well: ,,Maar de bouw hoeft ab-so-luut niet als zielig bestempeld te worden. We hebben het zelf gedaan. Dat we daar nu op afgerekend worden, vinden we natuurlijk geen van allen prettig, maar that's life. Als je je billen brandt, komen er blaren. En daar zitten we nu op.''

www.nrc.nl: Dossier bouwfraude