Medicijnkosten moeilijk omlaag

Een kwart van de ziekenfondsen `scoort' een voldoende bij het beteugelen van de kosten voor medicijnen. De meeste andere fondsen zijn wel al actief op dit terrein, maar boeken tot dusver nog te weinig voortgang om al van `noemenswaardige resultaten'te kunnen spreken.

Dit schrijft het College Toezicht Zorgverzekeringen (CTZ) in zijn rapportage van het onderzoek naar de manier waarop de ziekenfondsen werken aan doelmatiger verstrekking van medicijnen. Op basis van dit onderzoek krijgen maar vijf van de twintig fondsen een voldoende. Deze fondsen (Achmea, CZ, DSW, OZ en Salland) hebben al concrete en noemenswaardige resultaten geboekt bij de aanpak van de alsmaar stijgende medicijnkosten, aldus het CTZ.

Het college wijt de tegenvallende resultaten van de aanpak aan `onvolkomenheden op de medicijnenmarkt' en het ontbreken van adequate wetgeving. Zo kunnen verzekeraars het gebruik van voorkeurslijsten met kwalitatief gelijkwaardige maar goedkopere geneesmiddelen bij het voorschrijven van medicijnen niet afdwingen. Ook denkt een aantal fondsen dat de kosten die ze moeten maken om voorschrijvers en apothekers tot zuiniger gedrag te bewegen niet opwegen tegen de baten.

De toenmalige minister Borst (Volksgezondheid, D66) besloot eind jaren negentig de zorgverzekeraars verantwoordelijk te maken voor de uitgavenbeheersing van de medicijnkosten. Deze stijgen de laatste jaren gemiddeld met 10 procent. Zo zouden verzekeraars verantwoordelijk worden voor het periodieke overleg tussen huisartsen en apothekers over medicijnkeuzes en dienden ze de inkoop van medicijnen voor hun rekening te nemen. Ook mochten ze (weer) eigen apotheken gaan voeren. Volgens het CTZ zetten tot dusver vooral afspraken bij het inkopen van medicijnen zoden aan de dijk. Ook de aanpak dat verzekeraars huisartsen systematisch confronteren met het voorschrijfgedrag van hun collega's in de regio werpt vruchten af.

Verder constateert het CTZ dat huisartsen de 20 eurocent die ze per ingeschreven (ziekenfonds)patiënt – totale kosten vier miljoen euro per jaar – krijgen als vergoeding voor het overleg met apothekers over het beter voorschrijven vooral als een `terecht' deel van hun inkomen beschouwen. Om ze tot beter gedrag te stimuleren is daarnaast een bonus nodig die alleen zou moeten worden uitbetaald als het ook daadwerkelijk besparingen oplevert. De helft van de verzekeraars heeft daarvoor gezamenlijk al zo'n 4,7 miljoen euro uitgetrokken. Ook met de medisch specialisten zijn bonussen afgesproken als ze in poliklinieken de medicijnuitgaven beteugelen.