Esten willen geld zien uit Moskou

Estland wil Rusland dwingen tot compensatie voor de schade, die de Sovjet-bezetting in Estland heeft aangericht. Ook al is nog niet zeker of Rusland juridisch tot betaling kan worden gedwongen, is de kans dat Rusland betaalt zeer klein, en zal de eis tot kwade reacties leiden in Moskou.

Het proces begon gisteren met de presentatie van een `witboek' dat door een speciale commissie is geschreven en dat gisteren het parlement in Tallinn werd aangeboden.

Volgens de commissie heeft de Sovjet-bezetting in 1940 en 1941 en van 1944 tot 1991 180.000 Esten het leven gekost. Alleen al de aanwezigheid van Sovjet-militairen op Ests grondgebied heeft de Esten voor vier miljard dollar schade toegebracht, aldus het witboek.

De leden van de Riigikogu, het parlement van Estland, erkennen dat het proces lang zal zijn en woede zal wekken in Rusland. Leonid Sloetski, vice-voorzitter van de commissie voor buitenlandse zaken van het Russische parlement, zei gisteren al dat de plannen van Estland niet meer zijn dan ,,anti-Russisch gebazel''.

Het Estse parlement droeg gisteren in een resolutie de Estse regering op uiterlijk 1 januari volgend jaar een rapport in te dienen waarin de vraag wordt beantwoord of juridische actie tegen Rusland kans van slagen heeft. ,,We willen bekijken of de regering een realistische prognose kan maken op basis van het internationale recht'', aldus de voorzitter van de parlementscommissie voor grondwetszaken, Urmas Reinsalu.

Het parlement wil voorlopig doorgaan met de bestudering van het witboek. Dat is overigens nog lang niet af. De speciale commissie die het samenstelde heeft twaalf jaar gewerkt aan het witboek en zal volgens de voorzitter, Vello Sallo, nog zeker tien jaar nodig hebben om het af te maken. In principe onderzoekt de commissie ook de schade die in aangericht door de Duitse bezetting, van 1941 tot 1944, maar omdat die volgens Sello zo veel minder lang heeft geduurd dan de Sovjet-bezetting eist de laatste meer aandacht op.