Uren wachten op hulp achter een rots

Gistermiddag arriveerden op Rotterdam Airport zeven wandelaars die de barre tocht in Spanje overleefden. Twee ervan wilden kort praten over de gebeurtenissen.

Als Eva (23) en Angelique (35), twee overlevenden van het wandeldrama in Spanje, over de reddingsploeg vertellen buigen ze zich naar de microfoons toe. ,,Deze mensen hebben zoveel moed, die hebben echt hun leven gewaagd om ons te redden. Wat dat betekent, dat is niet te beschrijven'', zegt Eva. Ze bedoelt de zes Baskische mannen die, ondanks de extreme wind, uit de berghut vertrokken om de Nederlandse wandelaars te zoeken.

Zeven overlevenden en de reisleidster arriveerden gisteren kort na half twee 's middags op Rotterdam Airport. Na de landing werden zij direct naar een hangar gebracht, waar vrienden en familie hen opwachtten. Twee van de reizigers, Eva en Angelique, gaven daarna een persconferentie.

Als de vrouwen aan de tafel gaan zitten pakken ze elkaar even kort vast. Dan beginnen ze hun verhaal. Toen ze om tien uur 's ochtends aan de beklimming van de Mulhacén begonnen, was het zonnig. Ze hadden alle vertrouwen in de gids. ,,We hadden al een week met elkaar gelopen'', zegt Angelique. Ze wisten niets van waarschuwingen voor slecht weer. Die verklaring strookt niet met de eerdere uitspraak van de beheerder van de berghut, die tegenover de Guardia Civil verklaarde dat hij de wandelaars gewaarschuwd had. Maar Eva en Angelique willen daar tijdens de persconferentie niet op ingaan.

Na vier uur lopen kwam de groep, op weg naar de top, sneeuw tegen. Dat was voor de meeste wandelaars geen probleem. Twee vrouwen hadden het koud en besloten terug te gaan naar het dorp. Angelique kon dat wel begrijpen. ,,Ze waren slecht gekleed voor de tocht. Het waaide en er lag sneeuw'', verklaart ze. ,,Maar verder was het mooi weer, anders waren wij ook niet verder gegaan.''

Achteraf gezien liepen de overgebleven tien wandelaars en de gids tijdens de beklimming in de luwte. Toen ze rond vier uur de top van de berg bereikten, werden ze overvallen door de wind. Sneeuw hebben ze nooit gehad. ,,Boven was het echt gevaarlijk. De wind daar was niet te beschrijven'', zegt Eva. ,,De vlagen hadden een kracht van 200 kilometer per uur'', vult Angelique haar aan.

De groep kwam in de problemen. Ze raakten het pad kwijt. Toen ze niet meer verder konden, schuilden ze achter een rots. ,,We hebben meteen alarm geslagen met de gsm'', vertelt Eva. Ze belden naar de berghut om hulp te vragen. Maar omdat de beheerder daar alleen was, kon hij niet naar hen toe komen. Toen begon het wachten. Die uren waren verschrikkelijk. ,,We hebben echt om hulp lopen smeken'', zegt Eva nadrukkelijk. Haar handen bewegen mee. ,,We hielden elkaar warm, anders redden we het niet.'' Als ze stil is kijkt ze, vanachter haar bril, naar de tafel. Uiteindelijk hebben ze 3,5 uur achter de rots gezeten. Toen kwam er hulp. Een groep Baskische mannen, ook toeristen uit de berghut, vonden de wandelaars bij de rots. Achteraf waren ze niet eens zo ver. De berghut lag 200 meter lager.

,,Het was een enorme opluchting toen de mannen ons weg kwamen halen'', zegt Eva. ,,Maar het zwaarst was dat we toen weer in beweging moesten komen. We mochten elkaar niet uit het oog verliezen. Beetje bij beetje liepen we door.'' beschrijft Eva.

Tijdens de tocht hebben ze twee reisgenoten achter moeten laten. Een derde wandelaar overleed later bij de berghut. ,,We zijn niet uit elkaar geraakt. Je wacht op elkaar en ziet dat sommigen moeite hebben om zelfstandig te lopen'', zegt ze zacht. ,,Ze kònden niet meer zelfstandig lopen'', vult Angelique haar aan. ,,Ze hadden ieder een man om ze te dragen, maar ze waren uitgeput en verstijfd. Het ging echt niet meer.'' Dan wordt Eva stil. Ze kijkt naar haar handen. ,,Ze konden niet verder'', zegt Angelique dan. Meer willen ze er niet over kwijt.

Gisteren kwamen in Brussel de twee vrouwen aan die de tocht afbraken. De lichamen van de drie omgekomen wandelaars arriveerden gisteravond in Nederland.