Marteling zaait twijfel bij kabinet

Het schandaal rond de mishandeling van Iraakse gevangenen door Amerikaanse militairen vergroot de twijfel over voortzetting van de Nederlandse missie in Irak na 17 juli. Dat heeft minister Bot (Buitenlandse Zaken, CDA) zijn Amerikaanse ambtsgenoot Powell gisteren laten weten.

Bot vertelde Powell dat de zaak van de mishandeling van Iraakse gevangenen door Amerikaanse militairen ,,het er niet makkelijker op maakt een oplossing te vinden in de Nederlandse discussie'' en dat deze kwestie ,,in Nederland de besluitvorming beïnvloedt''. Powell had Bot gebeld naar aanleiding van het sneuvelen van de eerste Nederlandse militair in Irak, een dag eerder.

Ook de verslechtering van de veiligheidssituatie in Irak doet het kabinet twijfelen over verlenging van de militaire aanwezigheid in Irak na de huidige missie tot 17 juli. Minister Kamp (Defensie) zei gisteren dat in het kabinet ,,dezelfde worsteling'' plaatsheeft als in de Tweede Kamer, waar gisteren bij de coalitiepartijen CDA en D66 groeiende twijfel bleek vanwege de verslechterende veiligheidssituatie. Allerwegen wordt benadrukt dat het sneuvelen van de militair niet de aanleiding mag zijn voor vertrek. ,,De krachten van terreur mogen niet winnen'', aldus premier Balkenende over de huidige missie.

Over verlenging van de missie zei Kamp gisteren dat het kabinet ,,natuurlijk ook twijfel'' heeft. ,,Wij moeten straks een besluit nemen. Als we geen twijfel zouden hebben, hadden we het besluit al genomen.'' Hij verwees naar de verslechterende veiligheidssituatie in Irak. Een van de voorwaarden van het kabinet voor verlengde aanwezigheid van de troepen is dat het veilig genoeg is om door te gaan met hun missie het werken aan de wederopbouw en de stabiliteit in Irak. Volgens Balkenende was de aanslag op de Nederlandse militairen het werk van ,,individuen die verderf willen zaaien en twijfel willen doen rijzen''.

Missie Irak: pagina 3