Scopietjes

Een medicijnen-studente loopt stage in ziekenhuizen. Onder pseudoniem doet de co-assistente verslag van haar ervaringen.

Mijn eerste dag op de afdeling gastro-enterologie, in normale mensentaal `maagdarmlever-afdeling', in ziekenhuisslang ook wel `diarree-unit' genoemd. Terwijl ik 's ochtends op zoek ga naar de koffiekamer, lees ik mijn programma nog eens door. Bij vanochtend staat `gastroscopie' en `coloscopie' geschreven: invasief onderzoek waarbij een slang met videocamera respectievelijk in de maag of dikke darm wordt ingebracht. `Zou je dan wel verdoofd worden?' vraag ik me af. Ondertussen passeer ik de wachtkamer en bespied stiekem `de slachtoffers'. Een wat mollige vrouw zit er geconcentreerd te breien. Naast haar zit een zichtbaar zenuwachtige jongeman aan zijn baard te plukken.

Waar zou de koffiekamer zijn? Aan het eind van de klinisch witte gang staat een deur op een kier. Verbaasd staar ik naar de rook die erdoor naar buiten sijpelt. Roken is hier toch verboden? Ik stap er binnen en herken meteen Dr. Verstraeten: een hippe vijftiger, fervent golfer en uiteraard ex-corpslid.

Achterover in zijn luie stoel, witte jas los om zijn schouders en een sigaar in zijn mondhoek neemt hij me met een spottend lachje op. ,,Anne...'', herhaalt hij nadenkend, terwijl zijn ogen een kleine tour langs mijn lijf maken, ,,vandaag gaan we wat scopietjes doen: darmpjes en maagjes bekijken, die heb je zeker nog nooit van binnen gezien?''

Ik schud mijn hoofd en hij vervolgt: ,,En heb je een beetje verstand van muziek? Want de achtergrondmuziek kies jij vandaag. En let op: Een goede muzieksmaak is de sleutel tot een mooie eindbeoordeling.'' Zonder mijn reactie af te wachten staat hij op en beent de koffiekamer uit. Ik dwing mezelf mijn ogen los te rukken van de entourage, die zich in alles onderscheidt van de rest van het ziekenhuis. Er hangt een Herman Brood, op het hoogpolige tapijt staan drie chesterfield-achtige banken. En naast de chique doos sigaren op tafel zie ik een espressoapparaat in Italiaans design.

Als ik achter hem aan de behandelkamer in ren, ligt de patiënte al op haar zij op de behandeltafel klaar. `Die van het breiwerk!' besef ik. Maar ze lijkt nauwelijks meer op de stoïcijnse vrouw van daarnet: haar ogen staren angstig naar Dr. Verstraeten.

Hij grijnst: ,,Geen zorgen mevrouw, het duurt drie minuten, doet geen pijn en je kunt niet stikken. Gewoon rustig doorademen.'' Ondertussen wrikt hij de slang behendig naar binnen. Mevrouw kokt en hoest, haar gezicht loopt rood aan en haar ogen tranen. ,,Dóórademen'', zegt de verpleegster ietwat geërgerd, ,,het gaat héél goed, kijk maar, we zijn al in de maag.'' En op het beeldscherm zie ik inderdaad mijn `eerste' maag: glad, roze, met slijmbellen, kleine plooitjes en... ,,Zet je nou nog een leuk cd-tje op? Dat is jouw taak!'' haalt Dr. Verstraeten me uit mijn dromen. En voor ik me kan omkeren: ,,Kijk, een hernia diafragmatica, hoe noem je dat ook wel?''

,,Breuk in het middenrif?'' stamel ik.

,,De risicofactoren daarvoor?''

Ik staar naar de vrouw en zwijg. ,,Overgewicht!'' vult hij in en haalt de slang weer naar buiten. Terwijl `Mevrouw' overeind komt en nog een paar fluimen uitspuugt kijkt hij haar aan: ,,Weet u wat ú moet doen? Twintig kilo afvallen!''

De beschreven gebeurtenissen hebben echt plaatsgevonden, de namen zijn gefingeerd.