Fed straft UBS om fraude

Het Zwitserse UBS, een van de grootste banken van Europa, is gisteren door de New Yorkse Federal Reserve, de belangrijkste Amerikaanse centrale bank, veroordeeld tot 100 miljoen dollar boete wegens oplichterij.

Het gaat daarbij om door de Verenigde Staten verboden transacties met landen als Cuba, Iran, Libië en voormalig Joegoslavië, die voor de Fed verborgen werden gehouden door vervalste maandrapporten.

UBS spreekt in een gisteren uitgegeven verklaring van ,,zeer enstige fouten'', die de bank zegt te betreuren. UBS is een van de weinige banken buiten de VS die van de Fed sinds 1996 de speciale bevoegheid hebben gekregen om oude dollarbiljetten in te nemen en nieuwe in circulatie te brengen.

Zes bij het schandaal betrokken personeelsleden zijn door UBS inmiddels ontslagen, tegen zes anderen zijn disciplinaire maatregelen genomen in de vorm van kortingen op het salaris.

De Zwitserse bank zegt zich uit de transactiehandel te hebben teruggetrokken. Als gevolg daarvan zouden 22 arbeidsplaatsen verloren gaan en 74 medewerkers intern worden overgeplaatst. Volgens de Zwitserse financiële toezichthouder is dat terugtrekken oktober vorig jaar gebeurd, toen de feiten na een Fed-onderzoek boven water kwamen. De toezichthouder heeft gisteren UBS eveneens gestraft: de bank is verboden zulke transacties te hervatten zonder zijn toestemming.