Dantes droevige verliefdheid

,,Incipit vita nova'', zegt hoofdpersoon Dante aan het begin van de opera plechtig – `Een nieuw leven begon'. Op de dag dat hij Beatrice voor het eerst zag, nam zijn leven een allesbepalende wending. Voortaan zouden al zijn daden in het teken van zijn (onbereikbare) liefde staan. Vita Nova, de nieuwe kameropera van componiste Calliope Tsoupaki, vertelt hoe deze liefde uiteindelijk sublimeert in Dantes dichterschap.

Voor het libretto bewerkte Tsoupaki delen uit La vita nuova van Dante Alighieri (1265-1321), een boek in de traditie van de hoofse liefde, de `fin amors' die werd bezongen door de troubadours. Dante vertelt hoe hij, na zijn aanvankelijke verliefdheid, probeert zijn ware gevoelens te verbergen. Amor draagt hem echter op een gedicht voor Beatrice te schrijven. Hij beseft dat zijn liefde hem tot een beter mens maakt en hem dichter bij God brengt. Als de aanbeden Beatrice sterft vindt de sublimatie haar voltooiing: slechts door te proberen zo waardig mogelijk over haar te dichten, kan Dante hopen na zijn dood met haar verenigd te worden.

Ayelet Harpaz vertolkt alle rollen in de opera, met een uitdrukking die constant droevig en berustend is – iets te constant wellicht. Haar melodieën liggen vooral in het begin van de opera ook wel erg laag. Als symbool van de sublimatie lijkt Tsoupaki in de loop van het verhaal wat meer hoogte en lyriek toe te laten. Op vergelijkbare wijze klinken in de strijkinstrumenten dikwijls figuren die in het laagste register beginnen, langzaam opstijgen en eindigen in etherisch hoge flageoletten.

Tsoupaki combineert in Vita Nova uiteenlopende muzikale stijlen. Veelvuldig wordt gerefereerd aan de opera's en madrigalen van Monteverdi. Hiernaast klinken vage flarden flamenco en rebetika – de muziek uit het Griekse Piraeus waar Tsoupaki werd geboren. Ze maakt zich alles eigen in één geheel, hierbij geholpen door de schitterende, `oude' klank van het ensemble bestaande uit viool, viola da gamba en klavecimbel.

De vormgeving door beeldend kunstenaar Berend Strik is subtiel maar doeltreffend. De jurk van rode rozen die Harpaz draagt wanneer Dante zijn aardse liefde beschrijft, blijft later als vervlogen herinnering, gesublimeerd tot decorstuk in de lucht zweven. Harpaz' bewegingen, gestileerd door choreografe Padma Menon, zijn even subtiel. Een simpel handgebaar krijgt zo een bijzonder krachtige werking – een kenmerk van de Indiase dans waarin Menon is geschoold.

Voorstelling: Vita Nova van Calliope Tsoupaki door Ayelet Harpaz e.a. Regie: Berend Strik. Gezien: 7/5 Korzo Theater Den Haag. Herh.: 11/5 Groningen; 15/5 Amsterdam; 29/5 Maastricht; najaar 2004 Rotterdam. Inl.: www.actuelemuziek.nl en www.gaudeamus.nl

    • Jochem Valkenburg