Soedanese milities in Tsjaad slaags

Soedanese milities zijn de afgelopen week drie keer buurland Tsjaad binnengevallen en slaags geraakt met het Tsjadische regeringsleger. Het Tsjadische leger doodde bij een aanval ten minste zestig militieleden.

Ook hebben helikopters van het Soedanese regeringsleger het luchtruim van Tsjaad geschonden. Tsjaad dreigt met repercussies als deze aanvallen niet onmiddellijk stoppen, zo zei gisteren de Tsjadische (plaatsvervangende) minister van Defensie, Emmanuel Nadingar.

In de aan Tsjaad grenzende Soedanese regio Darfur woedt sinds begin vorig jaar een oorlog tussen enerzijds twee rebellengroepen van Afrikaanse afkomst en anderzijds het regeringsleger dat samenwerkt met de Janjaweed, een militie van Arabische Soedanezen. Meer dan honderdduizend bewoners van Darfur van Afrikaanse afkomst zijn naar Tsjaad gevlucht, waar zij doelwit blijven van de Janjaweed.

De afgelopen week voerden de Janjaweed-strijders drie aanvallen uit tot op 25 kilometer diep in Tsjadisch grondgebied. De grootste actie was woensdag waarbij Tsjadische regeringstroepen zestig militieleden doodden en één regeringsmilitair het leven verloor. ,,Verscheidene malen zijn Tsjadische strijdkrachten en bewoners doelwit geworden van agressie door de Janjaweed'', aldus minister Emmanuel Nadingar, die daaraan toevoegde: ,,Hier gaat een einde aan komen, we zullen onze bevolking beschermen.''

De aanvallen zijn de grootste sinds de oorlog in Darfur begon en dreigen gevolgen te hebben voor de relaties tussen Tsjaad en Soedan. Het Tsjadische regime van president Idriss Deby en dat van zijn Soedanese collega Omar el Beshir hebben een soort haat-liefdeverhouding. Deby kwam in 1990 met Soedanese hulp aan de macht. Hij was eind jaren tachtig een rebellie begonnen en mocht van Beshir Darfur daarvoor als uitvalbasis gebruiken. Hij heeft dus een schuld te vereffenen bij Beshir.

Tsjaads fragiele stabiliteit wordt bedreigd door de oorlog in Darfur. De machtsbasis van Deby ligt bij zijn stam, de Zaghawa, een volk dat zowel in Oost-Tsjaad als in Darfur leeft. De opstandelingen in Darfur rekruteren onder de Zaghawa en de clanoudsten van de Zaghawa oefenen druk uit op Deby de rebellie te steunen.

Sommigen in het Tsjadische leger en de overheid verlenen assistentie aan de rebellen, anderen houden zich aan het officiële bondgenootschap met Beshir. Die dubbelzinnige politiek lijkt moeilijk vol te houden nu de oorlog van Darfur zich uitbreid naar Tsjadisch grondgebied.