Ruiterequipe stelt teleur

De Nederlandse ruiterequipe is teleurstellend begonnen aan de eerste wedstrijd van de Super League voor landenteams. De ploeg van bondscoach Bert Romp kwam in de Franse badplaats La Baule met 33 strafpunten, gemeten over twee manches, niet verder dan een gedeelde zesde plaats.

Vanaf de eerst startende ruiter (Gert Jan Bruggink met Joel) was Nederland veroordeeld tot een achterhoedegevecht, dat de equipe niet wist te winnen omdat in de eerste omloop geen enkele Nederlandse ruiter foutloos over de finish kwam. Duitsland won de eerste wedstrijd voor de acht beste landenploegen van de wereld. De winnaar had slechts vier strafpunten. Frankrijk eindigde met twaalf strafpunten als tweede, België werd derde met 22 strafpunten. Nederland en Ierland finishten als zesde. Alleen Italië (44 strafpunten) presteerde nog slechter.

Voor bondscoach Romp was de conclusie simpel en helder: ,,We denken dan misschien wel dat we goed zijn, maar we zijn blijkbaar niet goed genoeg.'' Romp doelde vooral op de vele fouten, die op dit niveau niet gemaakt mogen worden en die door de beste combinaties dan ook doodgewoon niet gemaakt worden. ,,Als we het parcours waarover we in Mierlo tijdens het Nederlands kampioenschap sprongen en waar niemand `dubbel foutloos' was hier neerzetten hebben we vijftig combinaties die wel dubbel foutloos zijn'', stelde Romp. Hij is ervan overtuigd dat de paarden goed genoeg zijn, net als de ruiters, maar dat het op de één of andere vreemde manier samen maar niet schijnt te willen lukken.

Om zijn woorden kracht bij te zetten, verwees Romp naar ruiters als Nick Skelton, Marco Kutscher, Ludger Beerbaum en Michel Hécart, die wel heel gemakkelijk dubbel foutloos door het parcours wisten te sturen. ,,Als je echt goed bent, dan behoef je in een parcours zoals het hier stond geen fout te maken. Is er even een storing tussen paard en ruiter, dan is het maximaal één balkje dat valt. Wij kwamen met een totaal van drieëndertig strafpunten uit de strijd. Dat is veel te veel.''

De zesde plaats van Nederland wordt nog schrijnender voor wie bedenkt dat de als vierde geëindigde Britten zich niet wisten te plaatsen voor de Olympische Spelen, terwijl de Amerikanen (vijfde) met hun derde of vierde team van start gingen. Volgende week beginnen in de Verenigde Staten de olympische selectiewedstrijden, en alle ruiters die denken voor het team in aanmerking te kunnen komen zullen daar aan de start verschijnen.

Na de eerste wedstrijd uit de Super-Leaguereeks zit Nederland dan ook al meteen in de gevarenzone. Degradatie dreigt in september. En dat is des te teleurstellender, omdat Romp ervan uitging dat deze equipe, bestaande uit Gert Jan Bruggink, Jan Tops, Albert Zoer en Leopold van Asten, de ruggengraat zou moeten gaan vormen van de olympische equipe, die in Athene van start zal gaan.