`Iedereen mag zich hier berggids noemen'

Drie mensen verloren deze week hun leven bij een `lichte wandeltocht' in Spanje. Ze liepen onder leiding van een gids die niet tot de internationaal erkende groep berggidsen behoort.

In een paar van de reacties op de website van de Koninklijke Nederlandse Klim- en Bergsportvereniging (NKBV) wordt de verantwoordelijkheid voor de tragedie in Spanje bij de groepsleden zelf gelegd. Ook al heb je een gids, staat er, je moet zelf de gevaren van bergsport kennen, en voor goede, warme kleding zorgen. Maar uit de meeste berichten spreekt verbazing over de beslissing van de gids om in zulk slecht weer met zo'n grote groep naar boven te gaan. Edgar Bon schrijft over Nederlandse gidsen in het algemeen: ,,Ik kan je keihard zeggen dat de meeste gidsen (ik noem ze liever reisleiding) absoluut niet weten wat ze aan het doen zijn. Het zijn vaak studenten of (semi) studenten die dit soort werk doen om `goedkoop' leuke tochten te maken.''

Er zijn inderdaad veel te weinig ervaren gidsen, zegt René Wiermans van de Nederlandse vereniging voor reisleiders Harmattan. ,,De meesten hebben zelf wel enige bergsportervaring, maar dat betekent nog niet dat zij een groep kunnen leiden of weten wat ze moeten doen als het fout gaat.'' Sommige reisorganisaties, zoals SNP en Djoser, geven hun berggidsen wel een opleiding, maar die is volgens Wiermans `summier'. Reisleiders haken bovendien snel af door de lage lonen.

Pieter Thissen, verantwoordelijk voor personeel bij SNP, de grootste reisorganisatie op het gebied van wandelreizen, geeft toe dat de lonen niet hoog zijn. Maar de opleiding van de reisleiders deugt, vertelt hij. ,,Gelukkig is er in ons twintigjarig bestaan bij ons nog nooit een dodelijk ongeval geweest.'' SNP heeft 250 reisleiders. Onder hun leiding wandelen per jaar 28.000 Nederlanders, meestal in bergachtige gebieden. SNP selecteert reisleiders met eigen bergsportervaring en ze krijgen basiscursussen. Naast kaartlezen en kompaskunde, EHBO en sociale vaardigheden is dat de training `bergwandelen met groepen'. ,,Dat is een training van één weekend'' zegt Thissen. ,,Wij zijn erg gespitst op veiligheid. We staan bij andere organisaties bekend als de `watjes van SNP'.''

Toch steekt de opleiding van de SNP mager af tegen de opleiding (twee jaar) die Oostenrijkse en Zwitserse gidsen moeten volgen voordat ze zich berggids mogen noemen. Volgens Karin Blok van de NKBV is dat het gevolg van gebrek aan regels. ,,Berggids is geen beschermd beroep in Nederland'', zegt Karin Blok. ,,Iedereen mag zich gecertificeerd berggids noemen.'' Ze legt uit dat er maar twee officiële groepen berggidsen zijn: de gidsen uit de Alpenlanden die de daar erkende opleidingen hebben gevolgd en lid zijn van de internationale beroepsvereniging UIAGM. Tot deze beroepsgidsen behoren maar twee Nederlanders, E. Becker en R. Steenmeijer. De tweede groep bestaat uit kaderleden van de erkende bergsportverenigingen. De bij de tragedie in Spanje betrokken Nederlandse gids was geen UIAGM-lid en geen kaderlid van een erkende club. Blok: ,,In alle Alpenlanden is het verboden om tegen betaling met groepen de bergen in te gaan als je geen UIAGM-lid bent. Kaderleden mogen alleen leden van de bergsportverenigingen meenemen.'' Waar de bergen beginnen voor toepassing van deze regels, verschilt per land. ,,Zeg maar boven de 1.500, 2.000 meter'', vertelt Blok. De flanken van de Mulhacén, waar de Nederlanders in Spanje omkwamen, zijn hoog-alpien gebied, maar Blok weet niet of het verbod ook in Spanje geldt.

Blok is lid van de veiligheidscommissie van de NKBV, die de 61.000 leden voorlichting geeft over veilig bergsporten. En daar is alle aanleiding voor. Iedere jaar vallen er in de Alpen bij bergsport 850 doden, vooral bij het wandelen. Zo'n tien Nederlanders per jaar laten het leven bij bergwandelingen in de Alpen. Uit Duits onderzoek is gebleken dat bij 45 procent van de ernstige ongelukken zelfoverschatting, vooral over de eigen conditie, een belangrijke rol speelde. ,,Daarnaast kunnen vooral Nederlanders zich niet voorstellen hoe snel het weer in de bergen kan omslaan. Temperatuurdalingen van 20 graden in een paar uur zijn heel gewoon.'' Nog altijd gaan veel mensen zonder de standaarduitrusting de bergen in: warme, water- en winddichte kleding, eten en drinken, kaart en kompas, EHBO-setje, en op zijn minst een aluminium reddingsdeken. ,,Er is geen excuus voor het niet meenemen van deze zaken'' zegt Blok. ,,En ze passen makkelijk in een rugzakje.'' Ze zegt dat zo'n deken bij situaties als in Spanje – stranden in sneeuw – heel effectief is.

Blok weet niet wat er in Spanje precies is gebeurd. Wel zegt ze dat het bij NKBV-bergtochten niet voorkomt dat een deel van de groep zonder gids loopt, zoals in Spanje. Dat gidsen niet zouden mogen lopen in gebieden die ze niet kennen, vindt ze onzin. ,,Het opleidingsniveau van gidsen is zo hoog dat ze niet hoeven te vertrouwen op de routine van bekend terrein voor hun veiligheid.'' Maar dan heeft Blok het wél over erkende gidsen.