Deze rijdt op gas

Chagrijnige hoofden langs de snelweg, maar nog geen opstand. Een paar jaar geleden dreigden de truckers naar Den Haag op te stomen wegens de hoge brandstofprijzen. Irak of China is misschien wat ver om naar toe te rijden. En de gevoelswaarde van de euro bedwingt de sentimenten. Een liter voor 2,82 gulden wekt woede, een liter voor 1,28 euro niet.

De benzineprijs breekt records door de almaar stijgende olieprijs. Een vat ruwe olie van 159 liter flirt met de grens van 40 dollar, het hoogste niveau sinds oktober 1990. Rust op de snelweg, maar niet op de financiële markten. Monetaire autoriteiten waarschuwen. De scherp gestegen olieprijs jaagt de inflatie aan en remt de economische groei.

Wat betekent een stijging van de olieprijs met 20 procent (sinds begin dit jaar) voor de Nederlandse economie? Het Centraal Planbureau (CPB) maakte anderhalf jaar geleden met exact deze getallen een scenarioanalyse. Het CPB kwam toen uit op een bruto binnenlands product dat het eerste jaar 0,2 procent in volume afneemt, het jaar erop 0,4 procent en daarna 0,5 procent. De lange rente stijgt, de werkloosheid ook.

Maar gelukkig bestaat er nog Slochteren. De prijs van olie werkt, met enige vertraging, door in de prijs van gas. In het Centraal Economisch Plan van 2004, dat een maand geleden uitkwam, worden alle prognoses nog gebaseerd op een olieprijs die een fractie boven het gemiddelde niveau van 2003 ligt. Gemeten in euro's wordt zelfs een olieprijsdaling geprojecteerd. Het CPB boekt 29 dollar per vat in. De prijs ligt nu ruim een kwart hoger.

De zwakker wordende dollar dempt de prijsstijging van olie, daar houdt het CPB rekening mee. Maar de laatste maanden is de dollar juist sterker geworden ten opzichte van de euro. Gevolg is dat de gasopbrengsten van de Nederlandse staat een stuk hoger uitvallen. Mochten de dollar en de olieprijs zich stabiliseren, dan ligt al snel een paar honderd miljoen euro extra gasbaten in het verschiet voor de overheid.

Voor de rijksbegroting zal het weinig uitmaken, zo is de verwachting. De baten van het gas vallen weg tegen lagere inkomsten en hogere uitgaven elders. Het begrotingstekort blijft even groot.

Wel zal er vooruitgang zijn in Europees perspectief. Het EMU-saldo drukt de tekorten uit als percentage van het bruto binnenlands product – en dat krimpt. Het is een zegen voor een minister van Financiën die het buitenland eerst op de criteria van het Stabiliteitspact aansprak, maar nu zelf alle moeite heeft om zich onder de grens van 3 procent te limboën. Alle beetjes helpen. Zalm is een van de weinigen die toch nog fluitend naar de pomp kan rijden.

Laat die olieprijs maar stijgen.

    • Jeroen Wester