Combinatiemedicijn helpt patiënten met dwangstoornis

De helft van de patiënten met een dwangstoornis reageert niet op een eerste behandeling met moderne antidepressiva. Bijna de helft van die therapiefalers knapt echter wel op van de combinatie van zo'n Prozac-achtig medicijn met een een psychose-onderdrukkend middel. Dat blijkt uit het onderzoek waar psychiater Damiaan Denys onlangs cum laude op promoveerde aan de Universiteit Utrecht. Denys ontdekte aan de hand van hersenscans dat mensen met een dwangstoornis een afwijking in hun dopaminesysteem hebben, net zoals mensen die aan drugs of alcohol verslaafd zijn.

Bijna iedereen heeft dwangmatig gedrag, zoals het herhaaldelijk controleren of de deur echt op slot zit en of het gas wel uit is. Dwangmatig gedrag wordt een dwangstoornis bij mensen die er meer dan één uur per dag mee bezig zijn, die hun gedachten eraan niet meer kunnen stoppen en die er last van hebben in hun dagelijkse bezigheden. Dat is bij ongeveer één op de vijftig Nederlanders het geval. Zij lijden aan een obsessieve compulsieve stoornis (OCS) en hebben zowel last van dwanggedachten (obsessies), zoals de angst om besmet te raken, als van dwanghandelingen (compulsies). Compulsies zijn rituele handelingen, bijvoorbeeld het dertig keer daags handen wassen.

De laatste jaren was het traditie geworden om OCS-patiënten een selectieve serotonine-heropnameremmer (SSRI) te geven, beter bekend als Prozac. Denys, verbonden aan de de afdeling psychiatrie van het Universitair Medisch Centrum Utrecht, gaf 20 patiënten die niet reageerden op die behandeling er een tweede medicijn bij: een antipsychoticum. Twintig anderen kregen een SSRI met een placebo. Dat is een middel dat artsen gewoonlijk voorschrijven bij schizofrenie en dat effecten heeft op de hoeveelheid dopamine, een signaalstof waarmee cellen in de hersenen met elkaar communiceren. Veertig procent van Denys' patiënten reageerde toen wel op deze combinatie.

Het effect van die therapie deed Denys vermoeden dat dopamine een belangrijke rol speelt bij dwangklachten. Hersenscans bevestigden dat: patiënten met een dwangstoornis hebben afwijkingen in hun dopaminesysteem. Soortgelijke afwijkingen komen voor bij mensen die verslaafd zijn aan bijvoorbeeld alcohol, heroïne of nicotine. Denys onderzoekt nu of de combinatietherapie misschien voor alle patiënten met OCS geschikt is. Die bleek namelijk ook veel sneller te werken dan de standaardbehandeling: in plaats van na tien weken had de therapie al na vier weken effect.

    • Reinoud de Jongh