Merkenrecht als wapen tegen parallelimport

Het importeren van speciale Amerikaanse auto's buiten de officiële kanalen om is niet nieuw. Dat gebeurt omdat veel modellen, zoals grote pickups, niet eens bij de Chrysler-, Ford- en GM-dealers te koop zijn. Specialistische autobedrijven weten ze echter bij Amerikaanse dealers te vinden, importeren die in Nederland en zorgen dat er via keuring bij de Rijksdienst voor het wegverkeer een kenteken op komt.

Voor service en reparatie kan men met deze `grijs' geïmporteerde auto's wel terecht bij de Chrysler- of Cadillac-dealer. Maar garantie is een moeilijk geval, omdat deze auto's niet als officieel geïmporteerde voertuigen bij het dealernetwerk bekend zijn. Ook niet-Amerikaanse merken worden geconfronteerd met import uit gebieden buiten de Europese Unie.

Tot nu is weinig tegen de grijze of parallelimport ondernomen. Maar een proefproces van de Nederlandse Kia-importeur tegen een handelaar die Kia's van buiten de EU ïmporteerde, bracht aan het licht dat er een EU-wet uit 1988 bestaat die dit soort praktijken verbiedt. Die wetgeving regelt namelijk het merkenrecht en stelt dat producten niet zonder toestemming van een fabrikant in Europa mogen worden verkocht. Wie dat wel doet, maakt inbreuk op het merkenrecht.

Cadillac Europe, de dochteronderneming van Kroymans Corporation die van General Motors voor heel Europa de verkooprechten van Cadillac en Chevrolet Corvette heeft verworven, gaat de grijze import van deze modellen op grond van dit merkenrecht aanpakken.

Het bedrijf heeft er veel last van: de prijsstelling is er scherper en bepaalde modellen zijn bij grijze importeurs beschikbaar waarvan Cadillac nog speciale Europese versies in voorbereiding heeft.