Als de eikenbladeren uitkomen

De eikenprocessierups rukt op en kan uitgroeien tot een plaag als hij niet vroegtijdig wordt bestreden. Medici spreken van een reëel probleem voor de gezondheid: koorts, blindheid, duizeligheid.

Gisterochtend, het fietspad langs de provinciale weg van Helmond naar Weert, op de grens met Limburg. Toezichthouder Christ Kokx van de provincie Noord-Brabant wijst naar de inlandse eiken langs de weg en toont de eikenprocessierups die in grijze trossen aan de takken hangt. ,,Dit zijn rupsen die voor de tweede keer zijn verveld'', zegt Kokx. ,,Ze vervellen zes of zeven keer. Daarna worden het vlinders.'' De toezichthouder is in de loop der jaren een ware rupsenexpert geworden.

De eikenprocessierups dreigt dit jaar tot een plaag uit te groeien. Hij dient vroegtijdig te worden bestreden. Dat gebeurt onder andere hier, bij een van de processierupshaarden langs de provinciale wegen in Brabant, de N266 ter hoogte van Someren-Eind, parallel aan de Zuid-Willemsvaart. Op een tractor zit Peter, van een ingehuurd loonbedrijf. Hij spuit een biologisch bestrijdingsmiddel in de toppen van de eiken, Xentari WG, met een bacterie die het maagdarmstelsel verlamt en de rupsen doodt nog voordat ze zijn begroeid met brandharen, irriterend voor mens en dier.

Onlangs waarschuwde de Plantenziektekundige Dienst in Wageningen, een agentschap van het ministerie van LNV, voor een nieuwe plaag. Na enkele jaren van relatieve rust heeft de eikenprocessierups zich vorig jaar vanuit Oost-Brabant uitgebreid, zodat nu zowat heel Brabant en delen van Gelderland en Limburg vol met rupsen zitten. Het beestje hoort eigenlijk thuis in Zuid- en Midden-Europa, maar de klimaatverandering heeft de rups vermoedelijk richting noorden gestuurd. Droge winters en droge warme zomers, vooral die van vorig jaar, hebben tot een explosie van eitjes gezorgd. Andere oorzaak is het ontbreken van voldoende natuurlijke vijanden, zoals de parasiterende sluipwesp en sluipvlieg en de in de jaren vijftig van de vorige eeuw zo goed als uitgestorven grote poppenrover, een kever. Kokx: ,,Het schijnt dat ook de koekoek wel rupsen eet, maar er zijn weinig koekoeken.''

De provincie Noord-Brabant heeft een actieplan opgesteld, naar aanleiding van een onderzoek van de Brabantse en Zeeuwse GGD's bij 145 gemeenten waaruit bleek dat de overlast vorig jaar groot was. In het provinciehuis in Den Bosch was twee weken geleden een drukbezochte informatiedag, waar de provincie, GGD en onderzoeksinstituut Alterra vertelden hoe de bestrijding te hand moet worden genomen. De afgelopen weken zijn de eitjes van de processierups uitgekomen, min of meer tegelijk met het uitbotten van de eikenknoppen. Dit is het moment om in te grijpen. ,,Zodra de eikenbladeren uitkomen, doen de eitjes in de meeste gevallen hetzelfde'', zegt Gerard Huisman, teamleider buitendienst van het district Zuidoost van de provincie Noord-Brabant. Kokx: ,,Dat is de natuur.''

De brandharen van de eikenprocessierups (thaumetopoea processionea) zijn een ,,reëel probleem voor de gezondheid'', zo schrijft de arts en medisch milieukundige Henk Jans van de GGD's in Brabant en Zeeland in een bulletin. Een volgroeide rups bezit 600.000 tot één miljoen microscopisch kleine pijlvormige brandharen (0,2 tot 0,3 millimeter lang) die als een ,,actief verdedigingsmechanisme'' bij ongewenste aanraking ,,afgeschoten'' worden. ,,Door hun bijzondere vorm kunnen zij gemakkelijk de oppervlakkige lagen van huid, ogen en bovenste luchtwegen binnendringen.''

Het is moeilijk om bepaalde risicogroepen aan te wijzen, maar volgens de GGD moeten we denken aan ,,onwetende fietsers, sporters, spelende kinderen en recreanten''. Het meest voorkomende gezondheidseffect is pijnlijke rode huiduitslag met hevige jeuk. GGD-arts Jans wijst ook op zwellingen, roodheid en jeuk als de haren in de ogen terechtkomen. In enkele gevallen kunnen de haren de ,,diepere slijmlagen van het oog binnendringen en aanleiding geven tot een knobbelvormige ontsteking''. Zonder operatief verwijderen kan dit leiden tot blindheid. Daarnaast zijn algemene klachten gemeld zoals koorts, algehele malaise, duizeligheid, braken en kortdurende uitval van zenuwen. Plus de indirecte gevolgen, zoals vermindering van woon- en recreatiegenot. Kokx: ,,Kinderen willen niet meer buiten spelen.'' Seizoenwerkers deinzen terug, het is moeilijk om aardbeienplukkers te vinden.

De bestrijdingsactie van deze ochtend is nauwkeurig afgestemd op de weersvoorspellingen. De zon schijnt fel en er is nauwelijks wind. Zo blijft het bestrijdingsmiddel plakken op de bladeren en raakt het niet weggespoeld of verwaaid. ,,Het spul moet twee uur drogen'', zegt Kokx. En het werkt tien dagen lang. ,,Dan spuiten we hier nog een keer.'' Per dag worden er ongeveer vierhonderd van de talloze Brabantse eiken behandeld. Enkele schoolgaande kinderen fietsen langs, en worden even tegengehouden. Peter zit veilig in zijn cabine.

Omwonenden zijn blij met de vroegtijdige bestrijding. ,,Heel lastig'', zegt Betsy Koks die langs het fietspad woont over de ruspen. ,,Ze plakken aan je kleren, je krijgt jeuk.'' Ze herinnert zich het jaar 1996 nog goed, toen de deelnemers aan de Kennedymars, een lange wandeltocht die langs haar huis voert, vol bultjes zaten. Dat was het jaar waarin naar schatting honderdduizend Brabanders jeuk en huiduitslag kregen door contact met de minuscule, maar pijlvorige en met weerhaakjes uitgeruste haren van de eikenprocessierups. Ook wielrenners van de Tour de France, die dat jaar vanuit Den Bosch vertrok, zaten met jeuk op hun fiets.

De tractor staat stil. Peter klimt eruit en komt vertellen dat de tank met zeshonderd liter water waarmee het bacteriologische gif wordt gemengd leeg is. Kokx en Huisman overleggen, en sturen de tractor vervolgens naar een betoncentrale in de buurt. ,,Dat zijn jongens uit de bouw, die weten hoe het werkt.'' Water uit de Zuid-Willemsvaart halen is er niet bij, zegt Kokx. ,,Dit moet zuiver leidingwater zijn.''

De provinciale rupsenbestrijders zetten hun werk de komende weken voort. Als de belangrijkste infectiehaarden zijn bespoten, worden later ook de bomen in de tussenliggende gebieden behandeld. Daarbij worden de rupsen niet bespoten maar weggezogen. Branden kan ook, maar daarmee zijn slechte ervaringen opgedaan. Huisman: ,,Er kan brand ontstaan.'' Kokx: ,,Je staat met een vlammenwerper, je loopt weg, er smeult iets, en even later staat de berm in brand.'' Huisman: ,,Vorig jaar is de brandweer er achttien keer bij geweest.''

    • Arjen Schreuder