Morientes leidt Monaco naar finale

Aan de hand van de Spaanse aanvaller Morientes bereikte AS Monaco gisteren voor het eerst in de geschiedenis de finale van de Champions League. De afgedankte spits van Real Madrid groeide dit seizoen uit tot de grote ster van de ploeg uit het prinsdom. Tegen Chelsea maakte hij met zijn negende doelpunt in de Champions League een einde aan de hoop van de Londense club: 2-2. Het eerst duel had Monaco met 3-1 gewonnen. Op 26 mei staat Monaco in het Duitse Gelsenkirchen in de eindstrijd tegen FC Porto.

Monaco is dit seizoen de revelatie van de Champions League waaruit Europese topploegen als Real Madrid, Manchester United en AC Milan vroegtijdig verdwenen. Monaco was in de eerste ronde mede verantwoordelijk voor de uitschakeling van PSV en bleef in de kwartfinale na twee spectaculaire duels het favoriete Real Madrid net de baas. Net als gisteren tegen Chelsea was Morientes toen de grote man bij de roodwitte formatie.

De nummer 10 van Monaco verzuimde gisteren zijn club al in de eerste helft naar de finale te schieten. Twee keer kon hij vrij uithalen na beeldschone acties van linkermiddenvelder Rothen. De schoten van Morientes gingen echter op de paal en naast het doel van Chelsea-doelman Cudicini. Chelsea koesterde vanaf het eerste fluitsignaal de hoop dat de pijnlijke nederlaag in de uitwedstrijd weggewerkt kon worden.

Het vertrouwen van Chelsea groeide toen de Deense aanvaller Grønkjaer na 22 minuten een prachtig doelpunt maakte. De rechtsbuiten haalde vanaf de rechterflank uit en zag zijn geplaatste schot over doelman Roma zeilen, 1-0. In de laatste twee minuten voor rust vielen twee treffers. In de 44ste minuut maakte Lampard de 2-0 na een pass van de IJslander Gudjohnsen. Chelsea stond op dat moment virtueel in de finale van de Champions League.

De juichstemming op het afgeladen Stamford Bridge duurde amper een minuut. Het werd stil, toen Monaco in de 45ste minuut de belangrijke 2-1 maakte. Opnieuw stond uitblinker Rothen aan de basis van de aanval. De blonde middenvelder vond het hoofd van Morientes, die opnieuw de paal trof, waarna verdediger Ibarra de bal over de doellijn werkte.

Morientes dompelde een kwartier na rust het Londense publiek in een rouwstemming. Het tweede doelpunt van Monaco werd door de Spanjaard zelf opgezet. Hij zocht de combinatie met Bernardo en kreeg de bal op de rand van het strafschopgebied terug. Zijn schot was voor doelman Cudicini niet te stoppen, 2-2. Op de tribune zag Abramovitsj, de Russchische eigenaar van Chelsea, tot zijn teleurstelling dat zijn miljoeneninvesteringen dit seizoen geen enkele prijs hebben opgeleverd. Even verderop zag prins Albert van Monaco zijn club daarentegen voor het eerst in de historie naar de belangrijkste Europese finale van het clubvoetbal gaan.

De zevenvoudig Frans kampioen dreigde vorig jaar nog failliet te gaan, doordat de schulden waren opgelopen tot naar schatting tachtig miljoen euro. De toenmalige voorzitter Campora hoopte een Russische geldschieter te strikken die meteen honderd miljoen euro voor de club zou vrijmaken. Prins Rainier, vader van Albert, hield dat plan persoonlijk tegen. Hij wilde niet dat Monaco in Russische handen zou komen. Bij Chelsea hadden ze afgelopen zomer weinig tot geen problemen met de overname van de Russische miljardair Abramovitsj die de club behoedde voor een faillissement.

De Franse voetbalbond besloot aanvankelijk Monaco geen licentie te geven voor de hoogste divisie. Pas nadat prins Albert enkele Monegaskische geldschieters bereid had gevonden de club te redden, werd de club weer toegelaten tot de Ligue 1, waarin het nu met Olympique Lyon om de landstitel strijdt. Campora werd na 27 jaar opzij gezet en opgevolgd door Svara, een voormalig klasgenoot van prins Albert.

Onder leiding van voorzitter Svara werd voorkomen dat de ploeg van trainer Deschamps - die na het duel van gisteren een nieuw contract aangeboden heeft gekregen – niet uiteen viel. Toen aan het begin van het seizoen topscorer Nonda zwaar geblesseerd raakte, werd Morientes gehuurd van Real Madrid. De Spaanse goaltjesdief was bij de miljoenenploeg op een zijspoor geraakt na een verloren concurrentiestrijd met de topspitsen Raúl en Ronaldo.

De transfer van Morientes was aanleiding voor felle protesten van de Franse topclubs Lyon en Marseille. Deze clubs wilden dat de bond iets zou doen aan de fiscale voordelen die AS Monaco geniet. Buitenlandse voetballers komen graag naar het prinsdom, omdat ze geen belasting hoeven te betalen over hun salaris. De deelname van Monaco aan de Franse competitie is gebaseerd op het Frans-Monegaskische verdrag van 1963, dat door de Franse president De Gaulle en prins Rainier is ondertekend.

In het verleden werd Monaco in Frankrijk en daarbuiten nooit echt serieus genomen, hoewel de club tweemaal eerder de halve finale van de Champions League bereikte en een keer de finale van de Europa Cup voor bekerwinnaars. Daarin verloor Monaco in 1992 met 2-0 van het Duitse Werder Bremen. Monaco maakte echter vooral naam als speeltje van de prinselijke familie die topvoetballers in het Stade Louis II laten spelen voor vrijwel lege tribunes.

Prins Albert noemt de club Monaco zijn jeugdliefde. ,,Vanaf mijn jeugd droom ik dat de spelers van Monaco met de Europa Cup voor het casino mogen poseren. Ik hoop dat moment een keer te mogen beleven'', sprak de prins aan het begin van dit seizoen. Albert had op dat moment niet kunnen bevroeden dat Monaco over drie weken daadwerkelijk de kans krijgt de Champions League te winnen.