Minister Verdonk kan gemeenten niet dwingen

Ondanks steun voor het uitzetbeleid in de Tweede Kamer, verzetten gemeenten zich tegen de komst van uitzetcentra. De minister kan hen niet dwingen.

Minister Verdonk (Vreemdelingenzaken, VVD) slaagt er vooralsnog niet in om met gemeenten overeenstemming te bereiken over de acceptatie van uitzetcentra binnen de grenzen.

Achtereenvolgens haakten Eindhoven, Dokkum, Dongeradeel, Hilversum en Laren af. Maar de bevoegdheid om gemeenten desnoods te dwingen, heeft ze ook niet. Ze zal het moeten doen langs de weg van onderhandelen en overleg. De wet biedt haar geen mogelijkheden om gemeenten uitzetcentra op te dringen.

Verdonks woordvoerster bevestigt dat de minister die bevoegdheid niet heeft. Zelfs de minister van Binnenlandse Zaken heeft geen bevoegdheden in de Gemeentewet om gemeenten te dwingen. Maar zelfs al zou ze machtsmiddelen hebben om gemeenten te dwingen, zal ze dergelijke instrumenten niet snel inzetten. ,,De minister beschouwt een akkoord langs de weg van overleg als het hoogste goed.''

Verdonk kan, in plaats van voormalige asielzoekerscentra, ook overeenkomsten sluiten met particulieren, zoals hoteleigenaren. Maar ook dan hebben gemeenten het recht om dergelijke opvang van uitgeprocedeerde asielzoekers te weigeren.

Verdonk kondigde eind vorig jaar in de notitie 'Terugkeer, gaan we doen' aan, dat zij afgewezen asielzoekers wil onderbrengen in gesloten uitzetcentra. Begin dit jaar bereikte zij na langdurige onderhandelingen een akkoord met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de vier grote gemeenten, Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag over haar uitzetbeleid. De komende vier jaar moeten zo'n 24.000 uitgeprocedeerde asielzoekers en illegalen het land verlaten.

Maar ondanks dat VNG-akkoord en brede steun voor haar uitzetbeleid in de Tweede Kamer, bieden gemeenten verzet tegen haar plannen. Nadat eerst Eindhoven, Dokkum en Dongeradeel weigerden, kreeg Verdonk gisteren ook nul op rekest van Hilversum. Met name de weigering van Dokkum wekte verbazing op het ministerie van Justitie omdat met de burgemeester al een akkoord was bereikt. Maar nagenoeg de voltallige gemeenteraad stemde tegen.

De Hilversumse burgemeester Bakker (D66) was bereid om mee te werken, maar wilde de toezegging dat er voor toezicht op het uitzetcentrum twintig agenten extra zouden worden toegevoegd aan het politiekorps. Verdonk vond dat onacceptabel en staakte vervolgens de onderhandelingen. Volgens een woordvoerster van de minister voelde Verdonk zich 'verrast en overvraagd' door dat eisenpakket.

De Gemeentewet biedt wel mogelijkheden om het besluitvormingsproces in Dokkum ongedaan te maken. Zowel de burgemeester als de minister van Binnenlandse Zaken kunnen het raadsbesluit waarin dat onderhandelingsakkoord werd afgewezen, voor vernietiging voordragen bij de Kroon. Dat is een tijdrovende, lange procedure met daarna ook nog beroepsprocedures. Maar bovendien, aldus een woordvoerder van Binnenlandse Zaken is er dan wel een raadsbesluit vernietigd, maar ligt er dan nog geen besluit over het instemmen met de opening van een uitzetcentrum.

De Gemeentewet biedt formeel de mogelijkheid van een aanwijzingsbevoegdheid, maar dat artikel is bedoeld om in te grijpen in geval van aantoonbaar wanbeheer in een gemeente en is volgens de woordvoerder al in `geen honderd jaar meer gebruikt'. Zo'n aanwijzingsbevoegdheid is verder alleen mogelijk als daarover een artikel is opgenomen in specifieke wetgeving. Maar dat is bij de behandeling van de Vreemdelingenwet niet gebeurd.

Overigens heeft de minister, behalve met weigerachtige gemeenten, ook te maken met actiegroepen die cursussen organiseren om geplande uitzettingen te voorkomen, zoals de politieke partij Amsterdam Anders/De Groenen. Volgens Verdonk is het organiseren van dergelijke cursussen niet strafbaar, zo antwoordt ze op vragen uit de Tweede Kamer. Maar ze keurt dergelijke acties wel af. Ze neemt aan dat de gemeente Amsterdam ,,de betrokkenen hierop zal aanspreken''.