Inflatie stijgt voor het eerst in drie jaar

De inflatie is vorige maand met 0,3 procentpunt gestegen tot 1,4 procent. Daarmee komt er een einde aan bijna drie jaar van daling van het maandelijkse inflatiecijfer.

Dat heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vanmorgen bekendgemaakt. Het CBS schrijft de inflatiestijging vrijwel volledig toe aan de gestegen prijzen van benzine en tabak.

In april 2001 was de gemiddelde prijsstijging nog 4,5 procent. In de maanden daarna daalde het inflatiecijfer in stapjes van tienden van procenten tot 1,1 procent in maart van dit jaar. Vorige maand sloeg die vrijwel continue daling plotseling om in een stijging.

Ongeveer de helft van de stijging van 0,3 procentpunt is toe te schrijven aan de prijsstijging van tabaksproducten. Op 1 februari is zowel de accijns op sigaretten als de prijs die de tabaksindustrie in rekening brengt aan de detailhandel gestegen. In februari en maart werden nog veel pakjes sigaretten uit oude voorraden, dus tegen de oude prijzen, verkocht, maar in april lagen er vrijwel alleen duurdere pakjes in de winkels. Vergeleken met een jaar geleden is de prijs van tabaksproducten met 21 procent gestegen.

Ook autorijden werd in april duurder. Dat kwam behalve door de stijging van de benzineprijs door hogere tarieven voor de motorrijtuigenbelasting. Overigens is de verhoging van de benzineprijs tot het hoogste niveau ooit – gisteren kwam de prijs op 1,283 euro per liter euroloodvrij – nog niet in dit inflatiecijfer verwerkt. De gemiddelde benzineprijs stond in april 6,7 procent hoger dan een jaar geleden.

De prijs van voedingsmiddelen, zoals vlees, eieren en verse groenten, is wel verder gedaald. Deze producten waren in april 2,8 procent goedkoper dan een jaar geleden, onder meer door de prijzenslag tussen de supermarkten.