Politie zat wél snel op goede spoor

Anders dan de toenmalige regering destijds zei, zat de Spaanse politie reeds vanaf het eerste moment op het spoor van een moslimextremistische groep als hoofdverdachte van de aanslagen van 11 maart in Madrid.

Dat meldt vanochtend het dagblad El País in een uitgebreide reconstructie. Volgende week zal een parlementaire enquêtecommissie worden ingesteld die de gang van zaken rond de terreuraanslagen zal onderzoeken.

De inmiddels vertrokken conservatieve regering van premier José María Aznar hield na de aanslagen op vier passagierstreinen bijna drie dagen lang vol dat het onderzoek zich vooral richtte op de Baskische terreurbeweging ETA. De toenmalige minister van Binnenlandse Zaken, Acebes, noemde de ochtend van de aanslag iedereen die twijfelde aan het daderschap van de ETA ,,miserabel''. Pas op zaterdagavond gaf Acebes toe dat het onderzoek naar een moslimextremistische groepering de hoofdlijn van het onderzoek vormde.

Volgens El País zouden echter al direct op de ochtend van de aanslag twee hotels zijn onderzocht waar zich mogelijk moslimterroristen hadden opgehouden. Tevens werd diezelfde ochtend een bestelauto aangetroffen bij het vertrekstation van de treinen, waarin resten explosieven en een bandje met koranteksten werden aangetroffen. Een getuigenis van een gewonde dat hij daders met een Baskisch uiterlijk had gezien, werd reeds snel door de politie als weinig betrouwbaar aangemerkt. Wel wist een andere getuige een beschrijving te geven van een man die zeer haastig de trein had verlaten en die overeenkomt met het uiterlijk van Jamal Zougam, een van de verdachten die nu vastzit.

Het instellen van een parlementaire enquête naar de afwikkeling van de aanslagen komt met het oog op de Europese verkiezingen op een gevoelig moment voor de conservatieve Partido Popular. De partij, die na de landelijke verkiezingen van 14 maart in de oppositie belandde, hoopt met het Europese stembusresultaat weer iets van het vertrouwen van de Spaanse kiezers terug te winnen. De conservatieven hebben hun beleid inzake de aanslagen altijd fel verdedigd. Ex-minister Acebes werd benoemd tot woordvoerder en de tweede man in de partijhiërarchie.

Vanuit de oppositie maakte ex-minister Acebes zijn socialistische opvolger José Antonio Alonso uit voor `miserabel', `incompetent' en `onfatsoenlijk' toen deze vorige week voor de radio opperde dat de vorige regering ,,politiek onvoorbereid'' was op een aanslag van een islamitische terreurgroep. In zijn boek over acht jaar regeren dat afgelopen maandag werd gepresenteerd, gaf ex-premier Aznar evenwel toe dat zijn regering wellicht haar aandacht te veel had laten afleiden door de strijd tegen de ETA.