Garnalenboter

Met de koppen en pantsers die na het pellen van grote rauwe diepzeegarnalen (wilde vangst) overblijven kan een smaakrijke `garnalenboter' worden gemaakt die voor allerlei te gebruiken is. Op een toastje bijvoorbeeld. Pel de rauwe garnalen en breek de koppen aan de onderkant overlangs open. Bewaar de staartjes, afgedekt met plasticfolie, in de ijskast tot gebruik; bijvoorbeeld voor een pastagerecht, waarvoor een recept binnenkort volgt. Verwarm voor de garnalenboter de olie in een hapjespan op laag vuur en smoor hierin onder nu en dan roeren ui, peen, peterselie en laurier gedurende 10 minuten. Voeg de koppen en pantsers van de garnalen toe en fruit ze al roerend mee op een iets hoger vuur gedurende circa 2 minuten, of tot ze roze beginnen te kleuren. Blus af met de wijn en laat volledig inkoken.

Voeg bouillon toe en smoor alles in een halfgesloten pan onder nu en dan omroeren op laag vuur gedurende 8-10 minuten, of tot de bouillon is ingekookt. Doe alles over in een foodprocessor en maal koppen en pantsers fijn. Pureer de verkregen massa in een roerzeef (fijne schijf) en vang de lobbige puree op in een kom; ga hiermee door tot het meeste vocht uit het mengsel is gedrukt en een droge schilferige massa resteert in de zeef. Er moeten 3-4 volle eetlepels `garnalenpuree' zijn verkregen ofwel circa 80 gram. Klop er met een vork of een kleine garde de boter door tot een homogeen mengsel is verkregen. Breng de garnalenboter op smaak met zout en de cayennepeper. Doe de garnalenboter over in een schoon kommetje en zet dit, afgedekt met plastic folie, in de ijskast om op te stijven. Smeer wat garnalenboter op een toastje of op een dik gesneden schijfje komkommer en garneer met een gekookt en gepeld steurgarnaaltje en een kappertje. Gebruik de rauwe garnalenstaartjes in een pastagerecht.

Morgen: pastagerecht.