`Engels, Duits, Frans misschien?'

Deze week heeft het Europese Parlement er (eventjes) 162 leden bij. Wat verandert dat? De tolken kunnen het niet altijd meer aan. En het parlement is katholieker geworden.

Het monotone geluid van de tolk die verhaalt van problemen bezien in een Europese context gaat opeens een paar octaven omhoog. ,,De tolken kunnen het niet meer aan, het gaat veel te snel.'' Of de heer Souladakis ten behoeve van de vertaling wat rustiger wil praten, vraagt de voorzitter.

Op het eerste gezicht is er weinig van te merken dat het Europees Parlement sinds begin deze week als gevolg van de toetreding van tien nieuwe landen tot de Unie met 162 leden is uitgebreid. De plenaire vergaderzaal van het parlement in Straatsburg – ook wel bekend als het rondreizend circus – vertoont bij het eerste grote debat in nieuwe samenstelling de gebruikelijke vele lege plekken. Qua uiterlijk van de aanwezigen is er ook weinig verandering. De doorsnee europarlementariër is nog altijd overwegend man en overwegend middelbaar. En als de dresscode maatgevend is, is de Europese integratie al een heel eind gevorderd.

Diversiteit zit allereerst in de talen. De uitbreiding van elf naar twintig officiële talen kent de nodige aanloopproblemen. Het Tsjechisch van de sociaal-democratische afgevaardigde Falbr kan op een gegeven moment vanwege `technische problemen' niet meer worden vertaald. ,,Kent U nog een andere taal'', vraagt de voorzitter. ,,Engels, Duits, Frans misschien?'' ,,Ik ga wel verder in het Spaans'', zegt de Tsjech Falbr.

Ze mochten deze week dan eindelijk `los'; de 162 mannen en vrouwen uit de nieuwe EU-landen die sinds vorig jaar als waarnemer reeds met het Europees Parlement meeliepen. Afgevaardigd door de nationale parlementen vormden ze een afspiegeling van de politieke krachtsverhoudingen in hun land. Tot 1 mei, de dag dat Polen, Hongarije, Tsjechië, Slowakije. Slovenië, Estland, Letland, Litouwen, Malta en Cyprus in de Unie werden opgenomen, betekende het waarnemerschap dat ze wel konden mee vergaderen maar zonder spreek- of stemrecht.

Afgelopen maandag werd hun status verhoogd tot volwaardig lid van het parlement met alle bijbehorende rechten. Slechts voor heel even, want het Europees Parlement komt vanaf vandaag tot 20 juli niet meer bijeen. In verband met de verkiezingen die in de 25 lidstaten tussen 10 en 13 juni worden gehouden is het parlement met reces. In het nieuwe parlement zal het totaal aantal zetels zijn teruggebracht tot 732.

Vanwege gebrek aan wetgeving – het parlement is eigenlijk al klaar – werd gisteren een algemeen debat over de toekomst van de Europese Unie gehouden. Een gelegenheid die vooral de nieuwkomers aangrepen om van zich te laten horen. In overwegende mate als vertegenwoordiger van hun land, nauwelijks als partijpoliticus. Er was veel dankbaarheid dat men nu eindelijk ook bij Europa mocht horen. De Oosteuropeanen herinnerden nog eens aan de jaren van Sovjet-overheersing, de Cyprioten hadden allemaal toch echt de beste bedoelingen om een eind te maken aan de deling van het eiland, en de christen-democratische afgevaardigde uit Malta zag zijn land als `stepping stone' voor de Europese diplomatieke aanwezigheid in het mediterrane gebied.

Eén ding staat al wel vast: met de komst van 54 Poolse afvaardigden heeft het Europees Parlement er een aanzienlijk orthodox katholiek geluid bij gekregen. ,,We hebben God nodig'', zei de Poolse afgevaardigde Witold Tomczak. En benadrukte de Paus ook niet altijd de christelijke eenheid van Europa? Om zijn boodschap kracht bij te zetten stelde hij de voorzitter van het parlement ,,de katholieke huisvader Pat Cox'' een kruisbeeld in het vooruitzicht met de hoop dat het zowel in Straatsburg als Brussel zou worden opgehangen. Een geste die de Franse socialistische afgevaardigde Pervenche Berés in woede deed ontsteken. ,,Hoe is het mogelijk dat een van de leden een religieus symbool in de vergaderzaal meent te moeten tonen'', briest ze. Haar landgenoot Laguiller heeft het even later over een uiting van katholiek fundamentalisme.

De Polen laten zich er niet door uit het veld slaan. ,,We hebben Hitler verdreven dankzij de steun van God'', zegt de niet bij een politieke groepering aangesloten Antoni Macierewicz. De Duitse christen-democratische afgevaardigde Markus Ferber heeft zijn conclusie dan al getrokken. ,,Dit debat toont aan hoe divers wij in Europa zijn. Het zal nog jaren jaren duren om uit deze diversiteit weer een gemeenschappelijke politiek te maken.''