Wachtlijsten in thuiszorg vorig jaar fors gedaald

De wachtlijsten in de thuiszorg en in de ouderenzorg zijn vorig jaar fors gedaald, die in de ziekenhuizen zijn gestabiliseerd ondanks een sterk gegroeide vraag naar hulp. Bovendien blijken de wachtlijsten in de ziekenhuizen `sterk vervuild': 15 procent van de wachtenden wordt op eigen verzoek of om medische redenen niet binnen de afgesproken zeven weken geholpen.

Dit blijkt uit onderzoeken en inventarisaties waarvan minister Hoogervorst (Volksgezondheid) en de landelijke organisatie van zorgverzekeraars, Zorgverzekeraars Nederland, de resultaten vandaag hebben gepubliceerd.

Eind 2003 stonden in de ziekenhuizen 139.300 mensen op een wachtlijst (eind 2002 144.000). Zo'n 95.000 daarvan worden binnen de daarvoor geldende norm van zeven weken geholpen. Bijna 17.000 mensen wachten weliswaar langer, maar dat doen ze op eigen verzoek, bijvoorbeeld omdat ze eerst met vakantie willen, of omdat ze medische redenen niet eerder geholpen kunnen worden, onder meer omdat een lopende behandeling eerst moet worden afgerond of de zwangerschap eerst moet worden uitgedragen.

Uiteindelijk resteren er eind 2003 bijna 28.000 mensen op de wachtlijst die te lang (langer dan de normtijd van zeven weken) moeten wachten. Het blijkt daarbij vooral om mensen te gaan die wachten op knie-, staar- of heupoperaties en op behandeling van een liesbreuk. ,,Het onderzoek nuanceert het beeld van de wachtlijsten als maatschappelijk probleem'', zo schrijft Hoogervorst de Tweede Kamer. ,,Het overheersende beeld was dat de wachtlijst synoniem stond voor `te lang wachten', en dus voor een groot maastschappelijk probleem.'' Volgens Hoogervorst geldt dit te meer omdat sommigen `op tijd' zou kunnen worden geholpen als ze zich elders zouden laten behandelen.

Volgens ZN voldoen een aantal specialismen (onder meer orthopeden en plastisch chirurgen) niet aan de afspraak 80 procent van de patiënten binnen zeven weken te behandelen. De zorgverzekeraars signaleren een sterk gegroeide vraag naar ziekenhuishulp. Daarbij zet de verschuiving van verpleging naar dagbehandeling zich door, net zoals het geval is met de daling van de gemiddelde verpleegduur. Vorig jaar telden de Nederlandse ziekenhuizen bijna 3 procent minder verpleegdagen dan met de verzekeraars was afgesproken, het aantal dagopnamen lag daarentegen 3,5 procent boven de afspraak.