Moderne monniken

Popmuziek, een website – vier fraters van een congregatie in Tilburg ontdekken een geloofstaal die jonge mensen, naar zij hopen, wél verstaan.

,,Mooi worden mensen niet van mooie kleren,/ mooi zijn ze van zichzelf zonder presteren./ En iets in mij bidt dat iedereen een stukje God bezit.'' Tekst uit een swingend popnummer, te beluisteren op de website van de Fraters van Tilburg, die zich eigentijds tot de wereld wenden om nieuwe aanwas te werven. Dat is hoog nodig, want Niek Hanckmann (32), Albert van der Woerd (44), Caspar Geertman (43) en Paul Damen (46) behoren tot de jonkies van de Congregatie van Fraters van Onze Lieve Vrouw, Moeder van barmhartigheid.

Op hun zondag geopende site presenteren de vier fraters zich met weblog, fotoalbum en beginselen. Het geheel roept de lezer toe: de hedendaagse monnik is beslist niet meer die zonderlinge pijdrager te midden van andere ontoegankelijke, in gebed verzonken sektariërs. Nee, vandaag draagt hij gewoon een spijkerbroek en slobbertrui – en het professiekruisje ,,wordt niet eens door elke frater zichtbaar gedragen'', aldus een hunner. Met het op internet boekstaven van hun ,,leven in dienst van hun idealen'' hopen de Tilburgers lezers te inspireren, want ,,nieuwe fraters zijn zeer welkom!''

De vergrijzing van de ruim honderd Nederlandse leden tellende congregatie baart de fraters zorgen. Tijdens een `webconferentie', waarmee de fratersite werd gelanceerd, verklaarde Albert: ,,Dat is niet leuk, maar het geeft aan de kleine groep jongere fraters ook iets van een `Gideonsbende'. We zijn daardoor juist heel sterk bezig met de toekomst, met wat jonge mensen bezielt, met hun vormen, met vernieuwing.''

De nieuwe media zijn in de congregatie dan ook niet meer weg te denken. ,,Thuisgekomen zie ik dat Paul alle cd's voor de Korendag al heeft gebrand'', noteert Albert in zijn dagboek. Elders licht hij toe: ,,We zijn hier als het ware de grammatica aan het ontdekken voor een geloofstaal die jonge mensen wél verstaan.'' Maar de goddelijke bezieling blijft voorop staan. Waar Niek op de site ronduit laat weten dat ,,Hij het centrum van mijn bestaan'' is, stelt Albert dat ,,vertwijfeld of krampachtig rondscharrelen'' onnodig is, omdat je ,,de zin van je leven zo maar kunt krijgen''. Paul werkte eerst achttien jaar als jurist bij de Rabobank alvorens toe te treden. Al die jaren, stelt hij spijtig vast, stond zijn leven niet in dienst van zijn Herder: ,,Ik ben als het ware doordrenkt van Zijn aanwezigheid.''

Op de openhartige website staan ook tien redenen om niet toe te treden, waaronder: ,,Je krijgt alleen zakgeld'', ,,Je hebt alleen een kleine kamer voor jezelf'' en ,,Je kunt geen carrière maken''. Over de gelofte van zuiverheid die seks verbiedt, verklaart Cas- par: ,,Natuurlijk is het missen van een vaste relatie soms lastig. Mijn verlangen betreft niet zozeer de erotiek, wel naar intimiteit en een arm om me heen. Ik zou kunnen zeggen dat ik dan naar de kapel ga en mezelf aan de Heer opdraag, en dat het dan weer over gaat. Dat klopt wel, het gaat weer over, maar het komt ook telkens weer terug.'' Niek bekijkt het positief: ,,Onze cultuur is zo sterk op erotiek en seksualiteit gericht, terwijl het daar niet om hoeft te draaien. Ons leven gaat wat dat betreft tegen de trend in. Dat heeft grote voordelen, want mensen die ons ontmoeten weten dat het ons niet om seks of een relatie gaat. Dat kan veiligheid bieden.''

Het is evengoed nog geen sinecure lid te worden van de congregatie. Er wordt kritisch naar de motieven van kandidaat-fraters geluisterd, want de gemeenschap is niet bedoeld als `een soort schuilplaats voor de boze buitenwereld': ,,Ook is de congregatie huiverig als de belangstelling vooral voortkomt uit persoonlijke onbalans of onverwerkt verleden.'' Als het aankomend lid blijk geeft van oprechte bedoelingen, volgt een noviciaat van een jaar. De daaropvolgende `tijdelijke professie' moet eerst nog een aantal malen worden verlengd. Pas dan zwaait definitief de poort open naar dit virtuele paradijs.

www.fraters.nu