`Bij de Python denk ik `gaap''

Met gigantische snelheden roetsjen langs artificiële banen, een vrije val, over de kop. Een rit in de achtbaan schudt je lichaam flink door elkaar.

Waarom is dit leuk?

Volgens fervent achtbaanrijdster Nicole Bakker (31) gaat het om de juiste verhouding tussen de spanning, de illusie van gevaar – ,,je geeft je aan iets over waar je geen controle over hebt'' – en de grens van veiligheid die er aan zit. De vrije val voelt als een sprong van een flatgebouw. De fysieke sensatie van `gevaar' zet een evolutionair oud systeem in werking: het fight or flight system. Dit overlevingssysteem maakt het lichaam direct heel alert. Het moet in zeer korte tijd klaargemaakt worden om het `gevaar' te bevechten of hier snel van weg te komen. Stoten adrenaline komen vrij en de vitale lichaamsdelen krijgen extra bloedtoevoer. Neurotransmitters zorgen voor een snelle werking van de hersenimpulsen. Het lichaam is klaar voor actie.

Maar tegelijkertijd `weet' het – evolutionair gezien veel jongere – brein dat de kans op fysieke schade minimaal is. Bakker: ,,Het is een beheerste kick. Je hele lichaam staat op scherp en daardoor beleef je alles heel intens, maar je weet ook dat je er weer veilig uitkomt.''

Dat dit `veilige' sensatie zoeken ook heel verslavend kan zijn, beaamt Oscar Abbenhuis van de European Coaster Club. Hij brengt van kinds af aan al zoveel mogelijk tijd door in achtbanen. Nu merkt hij het effect van gewenning. Abbenhuis: ,,Het moet steeds gekker. Als kind vond ik de Python nog heel spannend. Maar nu ik op 90 meter hoogte in twee kabels heb gehangen in een soort reuzenschommel, denk ik bij de Python: `gaap'.''

Met medewerking van Inge Schilperoord