Iraakse leger mócht bruggen niet opblazen

Het was een van de grote militaire raadsels van operatie Iraqi Freedom: waarom bliezen Iraakse militairen in maart en april vorig jaar dat halve dozijn bruggen over de Eufraat en Tigris toch niet op? De vernieling daarvan had de Amerikaanse opmars naar de hoofdstad Bagdad toch op zijn minst een paar dagen kunnen vertragen.

Speculatie over de redenen was er genoeg: de verdedigers van de bruggen zouden zijn omgekocht of misschien waren de springladingen met een geheim wapen onklaar gemaakt. De generaal Robert Cone heeft nu het antwoord: ,,De Iraakse commandanten ter plekke mochten ze van het opperbevel niet opblazen. Dat was bang voor een oproer in het zuiden, zoals in 1991, en wilde nog versterkingen naar opstandige provincies kunnen sturen. En daarvoor hadden ze die intacte bruggen later nodig.

Cone is ingedeeld bij het Joint Forces Command, gebaseerd in Norfolk, en opsteller van de officiële studie van het Pentagon naar de lessen die de Amerikaanse strijdkrachten moeten trekken uit het bliksemoffensief tegen het regime van Saddam Hussein begin vorig jaar.

Cone en zijn staf interviewden voor hun verslag de Amerikaanse militaire top en had inzage in de bevelvoering, maar ook hadden zij toegang tot gevangen genomen hoge Iraakse officieren: ,,Ik heb de verzoeken van de plaatselijke commandanten om de bruggen op te blazen onder ogen gehad. Ze moesten iedere stap, elke handeling voorleggen aan het opperbevel. Maar vanuit Bagdad werd de vernietiging van de bruggen keer op keer verboden.''

In de hoofdstad, zegt hij, leefden ze werkelijk op een andere planeet. ,,Tot vlak voor het begin van het offensief hield het regime van Saddam Hussein vast aan een topdrie van gevaren voor het bewind. Op nummer één stond een binnenlands oproer of een staatsgreep. Op twee stond een regionale bedreiging uit bijvoorbeeld Iran of Turkije. En pas op drie kwam een mogelijke aanval van de coalitietroepen die toen al in Koeweit stonden opgesteld.''

Ook nadat de Amerikaanse eenheden naar Bagdad snelden, bleef het regime van Saddam Hussein van mening dat het zo'n vaart niet zou lopen.

,,Saddam geloofde gewoon alles wat Bagdad Bob verkondigde'', verwijst Cone naar de bijnaam van de Iraakse minister van Informatie, Mohammed Al-Sahhaf. Deze meldde in het bijzijn van de internationale pers dat de vijand voor de poorten van de stad werd afgeslacht, terwijl op dat moment Amerikaanse tanks op een paar honderd meter voorbij denderden.

Generaal Cones zogenoemde `lessons learned'-rapport dat eind vorig jaar voor intern gebruik werd afgerond, wordt waarschijnlijk in de loop van deze maand openbaar gemaakt.