Heimweemoskee of poldermoskee

De nieuwe Essalam Moskee in Rotterdam, met vijftig meter hoge minaretten, is omstreden bij volgelingen van Fortuyn, maar ook bij moslimjongeren van de tweede en derde generatie. `Dit hoort bij de Marokkaanse identiteit in Marokko, niet bij de Marokkaanse identiteit in Nederland.'

Er bestaat een oerbeeld van de moskee. ,,Vraag iemand hoe een moskee eruit ziet en hij zegt: een doos met een koepel en een paar minaretten'', zegt Abdeluahab Hammiche. Samen met Ergün Erkoçu zit Hammiche achter een computer op de negende verdieping van het bouwkunde-gebouw van de Technische Universiteit in Delft. De studenten architectuur laten een virtuele wandeling zien door de `poldermoskee' die ze twee jaar geleden ontwierpen. Hun ontwerp was bedoeld als alternatief voor de Essalam Moskee, het oertypische islamitische gebedshuis dat in aanbouw is op de Kop van Zuid in Rotterdam. De poldermoskee, waarmee Erkoçu en Hammiche in 2003 afstudeerden aan de Hogeschool van Rotterdam, lijkt in niets op een oermoskee. Minaretten en een koepel ontbreken, glaswanden en strakke vlakken schieten voorbij op het computerscherm. De gebedsruimten van de poldermoskee zijn ondergebracht in twee grote ovale vormen waarvan de plattegrond aan een oog doet denken.

Hammiche en Erkoçu, die werken onder de naam MEMAR (`architect' in het Arabisch en Turks), kregen prijzen voor hun ontwerp. Maar verder bleef het stil: hun alternatief voor de oertypische Essalam Moskee werd voor kennisgeving aangenomen. Pas een half jaar later ontstond er politiek rumoer rondom de bouw van de Essalam Moskee.

Bijna alle moskeeën die de afgelopen twintig jaar in Nederland zijn gebouwd, zijn van het oertype. In Zaandam, Amsterdam, Cuyk, Enschede en Tilburg – overal hebben ze een koepel en minaretten. De traditionele verschijningsvorm van de nieuwe moskeeën baarde nooit veel opzien. Maar in het post-Fortuynistische Rotterdam was de Essalam Moskee er een te veel. Een paar jaar eerder werd de traditionele Disney-achtige Mevlana Moskee in zuurstokkleuren aan het Mevlana-plein nog zonder slag of stoot gebouwd, maar tegen de Essalam Moskee liep het Rotterdamse college van B&W in de hete zomer van 2003 plotseling te hoop. Bij de grondoverdracht aan de stichting Essalam Moskee keerde wethouder Marco Pastors van Leefbaar Rotterdam zich tegen het ontwerp. Hij vond het niet alleen te ouderwets, maar met zijn 50 meter hoge minaretten ook te opdringerig.,,Het ontwerp is een verkeerd signaal, een verwijzing naar het verleden'', zei Pastors in de Volkskrant ,,Dit kom je alleen nog in de provincies van islamitische landen tegen. In Toronto en Rio de Janeiro staan modernere gebouwen; open, vooruitstrevend. Zoiets moeten we hebben – een signaal dat we vooruit willen en dat we bezig zijn met integreren.''

Pastors drong bij de de stichting Essalam Moskee aan op veranderingen in het ontwerp, hoewel de bouwvergunning al in mei 2003 was verleend. Uiteindelijk leidde dit tot niets: na veel gesteggel vond op 20 oktober 2003 de eerste-steenlegging plaats van de moskee, die gewoon volgens het oorspronkelijke ontwerp wordt gebouwd.

Verkeerde gedachten

,,De koepelmoskee is slechts een van de vele types moskeeën die er bestaan'', legt Ergün Erkoçu uit. Hammiche, een geboren Hagenaar met Marokkaanse ouders, werd opgevoed in het islamitische geloof. Erkoçu, ook geboren in Den Haag, kreeg van zijn Turkse vader en Nederlandse moeder de islam meer mee als cultuur dan als religie.

,,Er bestaan grote regionale verschillen tussen moskeeën'', zegt Erkoçu. ,,In sommige streken hebben moskeeën helemaal geen koepels. Dat het koepelgebouw met minaretten het oerbeeld van de moskee is geworden, is niet een kwestie van regels, maar van traditie. Er zijn maar heel weinig regels voor de bouw van moskeeën. De gelovigen moeten in de richting van Mekka kunnen bidden, maar dat kan vrijwel overal. Er moet een wasruimte zijn, want de gelovigen moeten rein zijn voor het gebed. Wc-potten mogen niet met hun achterkant naar Mekka zijn gericht, zodat je nooit met je blote achterste in de richting van de heilige stad zit. En mannen en vrouwen moeten gescheiden zijn, zodat je tijdens het gebed geen gedachten krijgt die niet passen bij het bidden. Dat is een beetje moeilijk als er vlak voor je neus een vrouw zich bukt. Maar dat is het wel zo'n beetje.''

Ironisch genoeg heeft de koepelmoskee een christelijke oorsprong. Zoals het heidense Pantheon in Rome invloed had op renaissance-kerken, zo bepaalde de Haya Sofia in Constantinopel het oerbeeld van de moskee. Na de Turkse verovering van Constantinopel, het huidige Istanbul, in 1453 werd de grootste koepelkerk van de stad, de Haya Sofia uit 537, omgedoopt in een moskee. Hiervoor hoefde vrijwel niets aan de kerk te worden veranderd: de toevoeging van vier minaretten, vanwaar islamitische geestelijken de gelovigen konden oproepen tot gebed, was genoeg. De Haya Sofia werd met zijn machtige koepel vervolgens het voorbeeld dat architecten in het hele Ottomaanse Rijk wilden navolgen of, liever nog, overtreffen, als ze een opdracht voor een moskee kregen.

Ook de architecten van de Essalam Moskee, Joris Molenaar en Wilfried van Winden, kregen met het oerbeeld van de moskee te maken. ,,Het is heel raar gesteld met dat oerbeeld'', zegt Wilfried van Winden in zijn kantoor in een voormalig schoolgebouw in Delft. ,,Hoewel geen regel een koepel voorschrijft, spookt het altijd rond in de hoofden van islamieten als ze aan een moskee denken. Het oerbeeld wordt kinderen al met kleurplaten bijgebracht.''

Het bestuur van de stichting Essalam Moskee kwam uit bij Molenaar & Van Winden Architecten, nadat eind jaren negentig een eerste ontwerp van een architect uit Dubai was verworpen door het quality team van de Kop van Zuid, die optreedt als een soort welstandscommissie. De Dubaise architect was in de arm genomen op instigatie van een rijke familie uit Dubai, die via de Al Maktoum Foundation de bouw van de Essalam Moskee financiert. ,,Hij had een echte maanlander getekend, zijn moskee leek afkomstig uit een andere wereld'', zegt Wilfried van Winden. ,,Het gebouw had niets met de omgeving te maken.''

Nadat de maanlander van tafel was geveegd, stelde de stichting Essalam Moskee samen met ambtenaren van de gemeente Rotterdam een lijst van architecten op. Uiteindelijk koos de stichting voor Molenaar en Van Winden, twee overtuigde en oprechte eclectici die voor elke opdracht op zoek gaan naar een passende stijl. ,,Onze eerste gesprekken met de stichting gingen helemaal niet over de stijl'', vertelt Joris Molenaar. ,,Het ging louter over dingen als dat er een mihrab moest komen, een gebedsnis in de muur die dwars op de richting naar Mekka staat. Dat was, zo bleek later, ook een kwestie van Marokkaanse omgangsvormen. Wij waren de experts die geacht werden alles van moskeeën te weten. De twee bestuursleden van de stichting met wie wij het vaakst hebben overlegd, vonden het beledigend voor ons als ze ons precies gingen vertellen hoe de moskee moest worden.''

Zwembad

Toen Molenaar en Van Winden bij de presentatie van hun eerste ontwerp een kleine, witte maquette op tafel zetten, werden de bestuursleden van de stichting eerst stil. ,,Toen zeiden ze: `We zouden toch een moskee maken? En nu komen jullie met een zwembad en een garage!''', vertelt Molenaar. ,,Ze namen de strakke witte muurtjes van de maquette heel letterlijk. Wij hadden de maquette bedoeld als een eerste indicatie voor de hoofdvorm. We deden daarmee nog helemaal geen uitspraak over ornamenten. Maar de opdrachtgevers dachten dat ze een soort geabstraheerde moskee zouden krijgen. Ook de asymmetrisch geplaatste minaretten en de uitkragende gebedsruimten op de eerste verdieping bevielen hen niet. En dan waren we ook nog zo dom geweest om niet één maar twee gebedsnissen in de Mekka-muur te maken. Dat mag niet.''

Het eerste ontwerp leidde tot een crisis. ,,We moesten van voren af aan beginnen'', aldus Wilfried van Winden. ,,Er moest eerst weer een gemeenschappelijke basis worden gevonden. We spraken af om met referentiebeelden te komen. Wij kwamen met plaatjes uit boeken, zij met beelden van internet.''

Uiteindelijk lagen er een aantal voorbeelden van moskeeën die alle betrokkenen bevielen: Mamlukse moskeeën in Kaïro uit de vijftiende eeuw en de Jumairah Moskee, een twintigste-eeuws traditioneel gebouw in Dubai. Dit werden de inspiratiebronnen voor de Essalam Moskee. ,,Toen de Rotterdamse ex-wethouder Meijer van GroenLinks, die vóór het Fortuyn-jaar 2002 het moskeeën-beleid heeft opgezet, ons ontwerp zag, belde hij ons op'', vertelt Molenaar. ,,Hij vroeg waarom de moskee zo weinig Marokkaans was, terwijl de moskee toch hoofdzakelijk voor Marokkanen was bedoeld. Marokkaanse moskeeën hebben vaak rechte torens en geen koepel. Maar de Marokkaanse opdrachtgevers zagen niets in Marokkaanse referenties. Ze wilden een oermoskee.''

Wegens het kleine stuk grond dat de gemeente beschikbaar had gesteld en de omvang van een moskee voor 1.500 mensen, moesten de verschillende ruimtes van het gebouw op elkaar worden gestapeld. Op de begane grond zijn de wasruimten voor mannen, een winkel, een keuken en zalen voor algemeen gebruik. Een gezamenlijk portaal voor mannen en vrouwen geeft toegang tot de hierboven gelegen gebedsruimten in de vierkante centrale ruimte. Op de tweede verdieping bevinden zich ook een bibliotheek, een kamer voor de imam, kantoren, klaslokalen en een gastenvertrek. De gebedsruimte voor vrouwen ligt op de derde verdieping en is door een vide met die van de mannen verbonden. Licht zal in de ruimtes naar binnen vallen door de 25 meter hoge koepel, de minaretten krijgen een hoogte van 50 meter.

Het exterieur wordt bekleed met bruine en grijs-roze natuurstenen platen die op het betonnen skelet worden aangebracht. Muren en vooral de minaretten krijgen veelkleurige accenten en ornamenten. ,,Ik heb veel plezier in het ontwerpen van al die ornamenten'', vertelt Van Winden. ,,Ze worden niet van beton en bordkarton, zoals bij de Mevlana Moskee, maar heel zorgvuldig en mooi gedetailleerd.''

Hoe het interieur van de Essalam Moskee wordt, is nog niet bekend. ,,De financiering voor de binnenkant is nog niet helemaal rond'', legt Van Winden uit. ,,Het is heel on-Nederlands om al met de bouw te beginnen als nog niet al het geld er is. Maar de stichting vertrouwt erop dat dit er wel komt, nu de bouw begonnen is. Zien is geloven, vinden zij: mensen gaan pas geld geven, als ze zien dat er wat is. Het lijkt een beetje op de bouw van de gotische kathedralen. Dat was ook een gemeenschapswerk met een open einde. Dat zijn wij helemaal verleerd in onze cultuur. Ik hoop dat het interieur heel rijk en mooi wordt gedecoreerd.''

Over het verwijt van Rotterdamse politici dat zo'n traditionele moskee niet op zijn plaats is in het 21ste-eeuwse Nederland dat schreeuwt om aanpassing van de islamitische immigranten, zegt Van Winden: ,,Over Ali Baba en zijn veertig rovers in de Efteling maakt niemand zich druk. Maar buiten het pretpark mag islamitische architectuur plotseling niet meer. Omdat er in New York twee torens zijn vernietigd, mogen Nederlandse islamieten geen torens meer bouwen.''

Voor Van Winden is het gebruik van historische en `exotische' architectuur ook in het huidige Nederland op zijn plaats. ,,De architectuurgeschiedenis is een aaneenschakeling van navolging van historische en buitenlandse voorbeelden'', zegt hij. ,,In Venetië wemelt het van de Turkse motieven in de architectuur. In Potsdam bouwde de architect Ludwig Persius in de negentiende eeuw voor de Pruisische koning een moskee als machinehuis. In Nederland hield Kromhout, de architect van onder meer het American Hotel in Amsterdam, aan het begin van de twintigste eeuw een pleidooi voor `Mahomedaansche kunst en architectuur'. Voor hem was de islamitische architectuur de meest decoratieve uit de geschiedenis en daarom het beste in staat het functionele, het onkunstzinnige, in de architectuur, te overwinnen.''

Molenaar ziet in de Essalam Moskee een teken van emancipatie van de islamitische Nederlanders. Het is een uitdrukking van hun identiteit. De Essalam Moskee zou zelfs kunnen worden beschouwd als regionalistische architectuur, vindt hij: een groot deel van de bevolking van Feijenoord is tenslotte islamitisch. ,,Nergens in Nederland is een traditionele moskee beter op zijn plaats dan in Rotterdam-Zuid'', vult Van Winden aan.

De Essalam Moskee past ook bij de thematische benadering van architectuur en stedenbouw die ook in Nederland steeds meer ingang vindt. ,,Bij Helmond wordt een Vinex-wijk in de vorm van een oud Brabants dorpje gebouwd en dat is een groot succes'', zegt Molenaar. ,,Overal in Nederland zijn de laatste jaren wijkjes gebouwd met huizen die uit de jaren dertig lijken te stammen en woningcomplexen krijgen het aanzien van kastelen. Daarbij misstaat de Essalam Moskee beslist niet.''

In discussies over de Essalam Moskee wijst Molenaar altijd graag op de vergelijkbare emancipatie van de katholieken in het negentiende-eeuwse Nederland. Nadat de Rooms-Katholieke bisschoppelijke hiërarchie in 1853 in Nederland was hersteld en de katholieken weer kerken mochten bouwen, verschenen in bijna alle Nederlandse steden forse neogotische kerken, meestal met hoge torens. ,,Veel protestanten stoorden zich aan de neogotische joekels'', vertelt Molenaar. ,,Ze vonden dat de katholieken zich een beetje gedeisd moesten houden en niet zulke onbeschaafd grote en confronterende kerken moesten bouwen. Architectuurcritici hadden bezwaren tegen de neogotiek als stijl. Ze vonden het niet juist om in de moderne negentiende eeuw terug te grijpen op een stijl uit de Middeleeuwen. Grappig genoeg zie je dat de neogotiek ondanks deze bezwaren later ook voor overheidsgebouwen werd gebruikt. Misschien zorgt de decoratieve moskeeënbouw ook voor een nieuwe impuls in de Nederlandse architectuur. In onze cultuur is het decoratieve verdrongen; in de Nederlandse architectuur heerst nog altijd een afkeer van ornamenten. Maar misschien loopt het ook anders en wordt de Essalam Moskee de laatste moskee in Nederland met consequent uitgewerkte historische referenties.''

Dominant en te braaf

Als het aan Abdeluahab Hammiche en Ergün Erkoçu ligt, wordt de Essalam Moskee inderdaad de laatste traditionele moskee. ,,Heimweemoskeeën noemen wij zulke moskeeën'', zegt Hammiche. ,,Ze zijn verbonden met de eerste generatie allochtonen die nu nog de meeste moskeebesturen bevolken. Die nemen voor het ontwerp vrijwel altijd een buitenlands of een autochtoon bureau in de arm die dan een heimweemoskee bouwen. Maar heimweemoskeeën horen bij de Marokkaanse identiteit in Marokko, niet bij de Marokkaanse identiteit in Nederland. Die verandert heel snel. We merken bij onze leeftijdgenoten dat die niet hechten aan koepels en minaretten. Die hebben liever een goede ruimte dan een dure koepel. We zijn nu in gesprek over een moskee met een moskeebestuur waarin ook vrouwen en jongeren zitten. Dat wil geen gebouw dat naar het verleden wijst, maar een moderne moskee waarmee moslims zich ook in de toekomst kunnen identificeren.''

Hammiche en Erkoçu vinden de Essalam Moskee zoals die nu wordt gebouwd een gemiste kans. Ze vinden het gebouw massief, dominant en weinig uitnodigend voor niet-islamieten. ,,De Nederlandse architecten die een moskee bouwen volgen te braaf de wensen van de opdrachtgevers'', vindt Erkoçu. ,,Als ze een moskee moeten bouwen, kijken ze een beetje in boeken en maken dan wat moois. Porsche-architectuur noemen wij dat. Maar een architect moet meer doen dan alleen een mooi gebouw maken. Hij moet kritisch zijn en nadenken over wat een moskee kan zijn. Een moskee kan een bijdrage leveren aan de integratie, hij kan een ontmoetingsplek voor de hele buurt worden. Onze poldermoskee is daarom open en transparant.''

Ook de poldermoskee heeft afzonderlijke gebedsruimten voor mannen en vrouwen. ,,Maar mannen en vrouwen gaan op de begane grond wel door dezelfde ingang naar binnen'', legt Hammiche uit. ,,Pas achter de ingang is er voor vrouwen een afzonderlijke trap naar hun gebedsruimte. Vrouwen hoeven in onze moskee niet naar binnen via een soort nooduitgang en brandtrappen.''

Bij het ontwerp van de gebedsruimten zelf hebben de architecten afgerekend met een persoonlijke frustratie. ,,Bij de ingang van de gebedsruimten moet iedereen zijn schoenen uitdoen'', vertelt Hammiche. ,,Dat leidt, zeker op feestdagen, in de gemiddelde moskee met één ingang vaak tot een flink gedrang en een geweldige puinhoop van schoenen. Je bent altijd weer blij als je met je eigen schoenen buiten staat. Daarom heeft de gebedsruimte in ons ontwerp twaalf deuren en een lange muur waarlangs je je schoenen kwijt kunt.''

Hammiche en Erkoçu zien hun poldermoskee als een uitdrukking van de multiculturele samenleving. Niet alleen bevat hun ontwerp voor de Essalam geen koepel, minaret of andere historische verwijzingen, het heeft ook onderdelen die je niet zo gauw verwacht bij een moskee. Een restaurant op de bovenste etage is via een loopbrug verbonden met de gebedsruimten. Op de begane grond is een galerie gepland en een zaal voor tentoonstellingen, feesten, film en theater. Het park waaraan de moskee grenst, loopt over in een openbaar grasdak, waaraan een grand café grenst. Er is een voor iedereen toegankelijke bazaar, een hamam (badhuis), verhuurbare kantoorruimtes en, op het dak, een basketbalveld. Ook is de moskee voorzien van windmolens voor het opwekken van energie. ,,De poldermoskee is van deze tijd: modern en ecologisch'', zeggen Hammiche en Erkoçu. ,,Maar bovenal is het onvervalste integratie-architectuur.''

Wilt u reageren? Stuur uw reactie naar zbrieven@nrc.nl of schrijf het

Zaterdags Bijvoegsel, Postbus 8987,

3009 TH Rotterdam.

Op 16 mei presenteren Erkoçu en Hammiche de poldermoskee in het Joods Historisch Museum in Amsterdam. Aanvang: 14.30 uur. Meer informatie over de moskeeën: www.me-mar.tk; www.molenaarenvanwinden.nl.

De poldermoskee heeft een bazaar, een grand-café en een basketbalveld op het dak