Festival als eerbetoon aan videoclip

Dat veel van de toonaangevende hedendaagse filmregisseurs het vak leerden als reclamefilmer of videoclipmaker, mag niet meer echt een verrassing heten. David Fincher en Spike Jonze zijn slechts twee van de meer succesvolle filmers die de overstap maakten. Respectievelijk Se7en en Being John Malkovich dragen duidelijk de sporen van filmische genres waarin het belangrijker is om kort en effectief met beelden iets te vertellen dan met traditionelere verhalen. Meer recentelijk kwam dEUS-voorman Tom Barman met zijn wervelende filmdebuut Any Way the Wind Blows. En videoclips van Chris Cunningham en Michel Gondry zijn al geruime tijd een vast onderdeel op filmfestivals als dat van Rotterdam, of in korte films gespecialiseerde gebeurtenissen als het Nederlandse Impakt. Maar een geheel aan de videoclip gewijd evenement ontbrak nog in de lage landen, vonden de Vlaamse filmjournalisten Jo Smets en Ben van Alboom, reden om begin dit jaar met het videoclipfestival Jigsaw Circus simultaan de Belgische steden Antwerpen, Gent en Brussel onveilig te maken. Een deel van dat programma is de komende dagen ook in het Amsterdamse Filmmuseum te zien, waarin naast bekend werk ook de Europese première van de nieuwste skatedocumentaire Hot Chocolate van Spike Jonze is opgenomen, waarvoor zangeres Björk nieuwe muziek schreef. Zo is het cirkeltje weer rond.

Een aantal jaar geleden was MTV, weliswaar in de nachtelijke uurtjes, nog een goede graadmeter voor de clipavant-garde. Even na middernacht maakte het gekronkel van glimmende r&b-lijven plaats voor de staccato-bewegingen van de bleke vervormde lichamen uit de postapocalyptische nachtmerries die iemand als Chris Cunningham opriep bij de muziek van onder meer Aphex Twin en Squarepusher.

Sinds de opkomst van de digitale videocamera en het internet als televisiekanaal en de afgenomen interesse van de muziekzenders om iets afwijkends te vertonen, is de videoclip nog meer naar de marge gedrongen. De nieuwe underground die dat ten gevolge heeft gehad is nog lang niet geïnventariseerd. Jigsaw Circus vertoont bijvoorbeeld twee compilatieprogramma's van het internet-tv-kanaal dat popgroep Radiohead vorig jaar zomer lanceerde ter gelegenheid van hun zesde album Hail to the Thief. Onder de noemer `The Greatest Lying Mouth of All Time' zijn videoclips, oefensessies, korte animaties, bijdragen van fans, korte interviews met voorman Tom Yorke en allerlei hypnotiserende, psychedelische, groezelige en ontnuchterende filmbeelden te zien. Radiohead combineert muziek, politiek en beeldpoëzie op een manier die nieuw en verfrissend is omdat hij zo basaal is. Het is niet dat we niet eerder woorden en zinnen in filmbeelden voorbij hebben zien komen, van de stille film tot Godard, het is het ritme waarop ons nu wordt aangespoord even na te denken over de wereld, die dat weer tot iets essentieels maakt.

Voor veel experimentele filmmakers blijft het onderzoek naar de basisvoorwaarden van hun medium niet alleen het belangrijkste, maar ook vaak de verrassendste werkjes opleveren. De muziekfilms van Nicolas Provost bijvoorbeeld waren ook al eerder in Rotterdam te zien. Maar de manier waarop hij beelden van samoerai uit de Japanse klassieker Rashomon (1950) van Akira Kurosawa in de lengte door midden knipte en met behulp van spiegels als caleidoscopische vlinders liet dansen en dartelen, doet zeker in de setting van het Filmmuseum prettig speels aan.

Jigsaw Circus. Festival van de betere videoclip. 1 t/m 5 mei, Filmmuseum Amsterdam. Inf. 020 589 1400, www.filmmuseum.nl, www.jigsawcircus.com