Farma-soap in Frankrijk

Na drie maanden touwtrekken nam het Franse farmaceutische bedrijf Sanofi-Synthélabo deze week de Frans-Duitse concurrent Aventis over. Topman Dehecq van Sanofi dreigde anders zijn levenswerk te verliezen. Het is hem gelukt, met dank aan de Franse regering.

Het is vrijdag, 23 april. Eindelijk staan ze tegenover elkaar, Igor Landau en Jean-François Dehecq. De één topman van het Frans-Duitse farmacieconcern Aventis, de ander topman van de half zo grote Franse concurrent Sanofi-Synthélabo. Ze zijn gesommeerd door de Franse minister van Financiën Nicolas Sarkozy om een eind te maken aan de soap die inmiddels drie maanden aan de gang is.

Dehecq wil Aventis inlijven, en heeft in januari een vijandig bod uitgebracht van 46 miljard euro. Landau vindt dat bod belachelijk laag, en probeert sindsdien zijn concurrent op alle mogelijke manieren dwars te zitten. Maar Dehecq staat sterk. Hij wordt gesteund door de Franse regering, die een groot voorstander is van de overname. Dehecq weet dat. Landau ook. Daar staan ze. En dan beginnen ze te onderhandelen.

Dehecq heeft reden genoeg voor zijn gedurfde zet. Zijn bedrijf, dat hij in veertig jaar tijd heeft opgebouwd, staat op het spel. Een van de best verkopende medicijnen dreigt hem te ontglippen. Plavix, zoals het middel heet, werkt tegen trombose (bloedstolsels) en leverde vorig jaar 1,3 miljard euro aan omzet op. Maar andere fabrikanten vechten het patent aan, en willen met goedkope versies op de markt komen. Rechtszaken staan voor eind 2004 op de agenda. Als Sanofi verliest, dan raakt het mogelijk 15 procent van zijn omzet kwijt.

Maar er is meer. Sanofi ontwikkelt een medicijn dat overgewicht tegengaat, maar ook helpt bij het stoppen met roken. Met dit medicijn (werkzame stof: rimonabant) heeft Sanofi een potentiële kaskraker in handen tegen de twee belangrijkste lifestyle-ziektes. Dehecq beseft dat zijn bedrijf te klein is om het medicijn alleen op de markt te brengen. Hij zal in zee moeten gaan met een machtige partner. Maar dan raakt hij een deel van de opbrengsten kwijt. Er blijft één andere mogelijkheid over: een overname.

Marktmacht wordt steeds belangrijker in de farmaceutische industrie. Omdat bestaande medicijnen steeds moeilijker te verbeteren zijn. Bovendien stellen de autoriteiten die medicijnen keuren, steeds strengere eisen. De klinische trials worden daardoor omvangrijker en duurder. Bovendien proberen westerse overheden de snel stijgende kosten van medicijnen te drukken. Daardoor neemt het belang van marketing toe. Zonder een groot reclamebudget en een leger van duizenden artsenbezoekers, die artsen bestoken met nieuwe medicijnen, begin je als bedrijf weinig. Farmaceutische bedrijven willen dan ook groeien om marktmacht te krijgen. Ze houden elkaar goed in de gaten, klaar om door middel van fusie of overname een verzwakte tegenstander op te slokken.

In dat licht zit Dehecq met nog een ander, groter probleem. Sanofi-Synthélabo is in 1999 ontstaan door een fusie van twee Franse bedrijven. Sanofi was destijds onderdeel van oliemaatschappij Total, Synthélabo behoorde tot cosmeticabedrijf L'Oréal. Sanofi-Synthélabo is na de fusie weliswaar afgesplitst, maar L'Oréal en Total hebben nog eenderde van het bedrijf in handen. Dat aandelenpakket komt echter in december 2004 vrij. Daarmee zou het bedrijf op slag een overnameprooi worden. Misschien wel voor een Amerikaans bedrijf. Maar Sanofi is Dehecq's grote liefde. Hij wil het niet afstaan. Zeker niet aan een Amerikaan.

De Franse regering kent de problemen van Sanofi, al was het maar omdat Dehecq goed bevriend is met de Franse president Jacques Chirac. Het idee dat een Amerikaans bedrijf eigenaar wordt van een Frans concern, zal ook Frankrijks anti-Amerikaanse regering kippenvel bezorgen.

Dehecq brengt op 26 januari een vijandig bod van 46 miljard euro uit op Aventis, een bedrijf dat twee keer zo groot is als het zijne. Sommige analisten noemen het een slimme combinatie. Zowel Sanofi als Aventis hebben weliswaar belangrijke medicijnen tegen trombose, maar verder is er weinig overlap. Sanofi richt zich op slapeloosheid, dikkedarmkanker, hoge bloeddruk, epilepsie en schizofrenie. Bij Aventis ligt de nadruk op allergieën, borst- en longkanker, diabetes, osteoporose. En het is een van 's werelds grootste vaccinproducenten.

Toch reageert de markt sceptisch, onder andere omdat drie belangrijke medicijnen hun patent dreigen te verliezen. Van Sanofi is dat Plavix, voor Aventis gaat het om Allegra (tegen allergie, omzet in 2003 bedroeg 1,7 miljard euro) en Lovenox (tegen trombose, omzet 1,7 miljard euro).

Het bedrijfsleven is ertegen, omdat het buitenlandse investeerders kan afschrikken. Maar de Franse regering is positief en legt die kritiek naast zich neer. Het past in haar beleid om ,,Franse kampioenen'' te creëren, bedrijven die zich kunnen meten met de wereldtop – ook al druist dat beleid in tegen Europese regels omtrent concurrentievervalsing. Premier Jean-Pierre Raffarin noemt de overname zelfs een kwestie van ,,nationaal belang''. Het land kan zich bovendien beter wapenen tegen bioterroristische aanslagen als de vaccinproductie van Aventis in Franse handen blijft.

Duitsland vreest de zet van Dehecq. Aventis heeft 9.000 arbeidsplaatsen in dat land, maar daarvan zal waarschijnlijk een deel sneuvelen als de overname doorgaat. Bondskanselier Gerhard Schröder roept de Franse regering in een ontmoeting met president Jacques Chirac op tot ,,neutraliteit''.

Topman Igor Landau van Aventis start meteen een campagne om Sanofi op alle mogelijke manieren dwars te zitten. In kranten als de Financial Times en Wall Street Journal verschijnen paginagrote advertenties die beweren dat duizenden banen verloren zullen gaan. Vervolgens probeert Aventis zijn aandeelhouders op een dubieuze manier te beschermen tegen de op hand zijnde rechtszaak omtrent Sanofi's medicijn Plavix. Als concurrenten inderdaad toestemming krijgen om goedkope versies ervan op de markt te brengen is dat een klap voor Sanofi, en dus ook voor Aventis. De koers zal daardoor zeker dalen. Aventis geeft daarom speciale garanties aan zijn aandeelhouders, waarop staat dat ze beschermd zijn tegen deze eventuele klap. De schade zou dan afgewenteld worden op de aandeelhouders van Sanofi. Maar of die garanties juridisch geldig zijn, is onduidelijk. Verder stapt Aventis in de Verenigde Staten naar de rechter: Sanofi zou Amerikaanse aandeelhouders van Aventis onvolledig hebben voorgelicht over de voor- en nadelen van de overname. En Aventis gaat op zoek naar een zogenaamde witte ridder, een redder in nood die een hoger bod wil uitbrengen. De naam van het succesvolle Zwitserse bedrijf Novartis duikt op.

Topman Daniel Vasella van Novartis is al een paar jaar op zoek naar een overnamekandidaat. Zijn bedrijf richt zich met name op hoge bloeddruk, leukemie, transplantatie, te hoog cholesterolgehalte en schimmelinfecties. Maar de Franse regering laat meteen weten dat ze een overname door Novartis zal blokkeren.

De zakenwereld reageert verbolgen. De Europese Commissie zegt dat ze alle bewegingen van de Franse regering in de gaten zal houden. Vasella laat zich niet uit het veld slaan. Hij wil de onderhandeling met Aventis toch aangaan, als hij daartoe een uitnodiging krijgt van de raad van commissarissen van Aventis. Bovendien moet de Franse regering zich neutraal opstellen in de kwestie.

Dat eerste gebeurt. Maar de regering buigt niet. Zelfs niet als de rechts-liberale partijen na de verpletterende verkiezingsuitslag van 28 maart een groot deel van hun macht kwijtraken aan de linkse vleugel. Het maakt geen enkel verschil. Vasella besluit op donderdag 22 april toch de onderhandelingen aan te gaan met Aventis.

Maar een dag later is plotseling alles geregeld. Dehecq en Landau zijn bij elkaar geroepen door de nieuwe minister van Financiën Nicolas Sarkozy. Op zaterdag, een dag na hun ontmoeting, verhoogt Sanofi het bod naar 55 miljard euro. Het is geen vijandig bod meer, maar een vriendelijk. Dehecq zal zijn ideeën daardoor minder snel kunnen doordrukken. Hij gaat het nieuwe bedrijf, Sanofi-Aventis, weliswaar leiden, maar in het 17-koppige bestuur komen acht mensen van Aventis. Verder moet Aventis de speciale garanties voor zijn aandeelhouders intrekken, en de rechtszaak in Amerika stopzetten. Landau krijgt een gouden handdruk van 24 miljoen euro. Op zondag gaat Aventis akkoord met het bod. Als op maandag 26 april het nieuws bekend wordt, steekt weer een storm van kritiek op over de rol van de Franse regering. Dehecq laat diezelfde maandag tijdens een persconferentie weten dat Sanofi's veelbelovende medicijn rimonabant prioriteit krijgt. ,,Daarvoor hebben we veel mensen in het veld nodig.''. Of er daardoor projecten van Aventis sneuvelen, wil hij niet zeggen. Ook over het aantal ontslagen doet hij geen uitspraken.

Sommige analisten beweren dat de maanden durende overnamestrijd één groot toneelspel is geweest, de rituelen bij een onderhandeling. Hoe het ook zij, Dehecq kijkt aan tegen een schuld van 15 miljard euro. Bovendien dreigt hij drie belangrijke medicijnen, met een gezamenlijke omzet van 4,7 miljard euro, binnenkort kwijt te raken. Maar of hem dat iets uitmaakt? Zijn grote liefde Sanofi blijft voorlopig van hem.